Wet op belastingen van rechtsverkeer

WBRV

Huidige tekst

Artikel 13 WBRV

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    In geval van verkrijging binnen zes maanden na een vorige verkrijging van dezelfde goederen door een ander wordt de waarde verminderd met het bedrag waarover ter zake van de vorige verkrijging was verschuldigd hetzij overdrachtsbelasting welke niet in mindering heeft gestrekt van schenk- of erfbelasting, hetzij omzetbelasting welke in het geheel niet op grond van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968 in aftrek kon worden gebracht.

  2. 2

    Voor de toepassing van het eerste lid worden aandelen of rechten, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, en de daardoor middellijk of onmiddellijk vertegenwoordigde goederen als dezelfde goederen beschouwd.

  3. 3

    Bij algemene maatregel van bestuur kan, indien de ontwikkelingen van de vastgoedmarkt daartoe aanleiding geven, in afwijking van het eerste lid tijdelijk een afwijkende termijn worden vastgesteld waarbij voor woningen en niet-woningen een verschillende termijn gehanteerd kan worden en voor zover nodig kan worden voorzien in overgangsrecht.

  4. 4

    In het geval van een verkrijging binnen zes maanden na een vorige verkrijging van dezelfde goederen door een ander waarbij ter zake van die vorige verkrijging het tarief, genoemd in artikel 14, tweede, derde, vierde, vijfde of achtste lid, is toegepast, wordt, in afwijking van het eerste lid, het bedrag aan belasting verminderd met het bedrag aan belasting dat ter zake van de vorige verkrijging was verschuldigd en welke niet in mindering heeft gestrekt van schenk- of erfbelasting. Het verminderde bedrag aan belasting is ten minste gelijk aan het bedrag aan belasting ingevolge de toepassing van het eerste lid, maar is niet lager dan nihil.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:1357Parket bij de Hoge Raad, 18 december 2019 (belastingrecht)

    Het gaat om het principale beroep in cassatie van de Staatssecretaris en het incidentele beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 januari…

  • ECLI:NL:PHR:2015:2396Parket bij de Hoge Raad, 30 november 2015 (belastingrecht)

    Op 26 juli 2010 heeft (schoon)vader een woning geleverd aan zijn dochter en haar echtgenoot, belanghebbende. De koopsom bedraagt € 250.000. Over deze koopsom is door de verkrijgers 6%…

  • ECLI:NL:PHR:2013:CA0813Parket bij de Hoge Raad, 25 april 2013 (belastingrecht)

    Conclusie PG: A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van X1 B.V. en X2 B.V., tegen de uitspraak van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 7 maart 2012 met…

  • ECLI:NL:HR:2013:BY5307Hoge Raad, 22 maart 2013 (belastingrecht)

    Artikel 13 Wet BRV. Verkoop appartement na oplevering.Vermindering van overdrachtsbelasting i.v.m. door vorige verkrijgers betaalde grondprijs, omdat die vorige verkrijging (zijnde een levering in de…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:1288Gerechtshof Amsterdam, 26 maart 2026 (belastingrecht)

    Overdrachtsbelasting; artikel 13, lid 1, WBR; heffingsgrondslag

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:6041Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12 september 2025 (belastingrecht)

    Overdrachtsbelasting

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:6042Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12 september 2025 (belastingrecht)

    Overdrachtsbelasting

  • ECLI:NL:GHSHE:2025:1776Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 25 juni 2025 (belastingrecht)

    Artikel 14, lid 2, Wet op belastingen van rechtsverkeer Belanghebbende verkrijgt in 2020 een onroerende zaak, oorspronkelijk gebouwd als woning, maar welke sinds wijzigingen in de jaren 70 niet meer…

90 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.