Aanbestedingswet 2012

AanbW 2012

Huidige tekst

Artikel 2.24 AanbW 2012

Geldt sinds 1 juli 2016

In afwijking van de artikelen 2.1 tot en met 2.6a is het bepaalde bij of krachtens deel 2 van deze wet niet van toepassing op overheidsopdrachten voor diensten: a.die door een aanbestedende dienst worden gegund aan een andere aanbestedende dienst of aan een samenwerkingsverband van aanbestedende diensten op basis van een uitsluitend recht dat aan die andere aanbestedende dienst of het desbetreffende samenwerkingsverband is verleend, mits dit uitsluitend recht verenigbaar is met het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; b.betreffende de verwerving of huur, ongeacht de financiële modaliteiten ervan, van grond, bestaande gebouwen of andere onroerende zaken of betreffende de rechten hierop; c.betreffende de aankoop, de ontwikkeling, de productie of de coproductie van programma’s als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van richtlijn 2010/13/EU en radiomateriaal bestemd voor audiovisuele mediadiensten als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder a, van richtlijn 2010/13/EU of voor radio-omroepdiensten, die worden gegund door aanbieders van audiovisuele mediadiensten als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder d, van richtlijn 2010/13/EU of radio-omroepdiensten, of overheidsopdrachten betreffende zendtijd of betreffende de levering van programma’s die worden gegund aan aanbieders van audiovisuele mediadiensten of radio-omroepdiensten; d.betreffende arbitrage en bemiddeling; e.op financieel gebied betreffende de uitgifte, de aankoop, de verkoop en de overdracht van effecten of andere financiële instrumenten als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht en door de centrale banken verleende diensten en activiteiten die zijn uitgevoerd in het kader van de Europese faciliteit voor financiële stabiliteit en het Europees stabiliteitsmechanisme; f.inzake arbeidsovereenkomsten; g.betreffende onderzoek en ontwikkeling, met uitzondering van opdrachten die vallen onder de CPV-codes, genoemd in artikel 14, aanhef, van richtlijn 2014/24/EU en waarvan de resultaten in hun geheel bestemd zijn voor de aanbestedende dienst voor gebruik ervan in de uitoefening van zijn eigen werkzaamheden, mits de dienstverlening volledig door de aanbestedende dienst wordt betaald; h.op juridisch gebied betreffende: 1°. de vertegenwoordiging in rechte van een cliënt in een arbitrage- of bemiddelingsprocedure in een lidstaat van de Europese Unie, in een derde land of voor een internationale arbitrage- of bemiddelingsinstantie, in een procedure voor een rechter of overheidsinstantie van een lidstaat van de Europese Unie of een derde land of voor een internationale rechter of instantie door een persoon die gerechtigd is deze werkzaamheden uit te oefenen onder de benaming advocaat of een daarmee overeenkomstige benaming in een lidstaat van de Europese Unie, in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of in Zwitserland; 2°. advies dat wordt gegeven ter voorbereiding van de procedures, bedoeld in onderdeel 1°, of indien er concrete aanwijzingen zijn en er een grote kans bestaat dat over de kwestie waarop het advies betrekking heeft, een dergelijke procedure zal worden gevoerd, mits het advies is gegeven door een persoon die gerechtigd is deze werkzaamheden uit te oefenen onder de benaming advocaat of een daarmee overeenkomstige benaming in een lidstaat van de Europese Unie, in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of in Zwitserland; 3°. het waarmerken en voor echt verklaren van documenten door een notaris; 4°. juridische dienstverlening door trustees of aangewezen voogden, of andere juridische dienstverlening waarbij de aanbieders door een rechterlijke instantie van de betrokken lidstaat van de Europese Unie, of van rechtswege, zijn aangewezen om specifieke taken te verrichten onder toezicht van die rechterlijke instanties; 5°. andere juridische diensten die in de betrokken lidstaat van de Europese Unie al dan niet incidenteel verband houden met de uitoefening van openbaar gezag; i.betreffende leningen, al dan niet in samenhang met de uitgifte, de aankoop, de verkoop of de overdracht van effecten of andere financiële instrumenten; j.betreffende civiele verdediging, civiele bescherming en risicopreventie die worden verleend door non-profitorganisaties en -verenigingen en die vallen onder de CPV-codes, genoemd in artikel 10, onderdeel h, van richtlijn 2014/24/EU met uitzondering van ziekenvervoer per ambulance; k.betreffende politieke campagnes die vallen onder de CPV-codes, genoemd in artikel 10, onderdeel j, van richtlijn 2014/24/EU, indien gegund door een politieke partij in het kader van een verkiezingscampagne.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:1394Parket bij de Hoge Raad, 19 december 2025 (belastingrecht)

    Omzetbelasting; tactisch beheer DSO-LV; artikel 24, aanhef en onder a, Aanbestedingswet 2012; uitsluitend recht; artikel 7 Wet OB; economische activiteit; optreden op een markt; handelen als…

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:2989Gerechtshof Den Haag, 29 september 2026 (civiel recht)

    Vervolg op het verwijzingsarrest van het Hof Den Haag van 14 november 2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:2681, en het prejudicieel arrest van het HvJ EU van 15 januari 2026 in zaak C-692/23, ECLI:EU:C:2026:4.…

  • ECLI:NL:GHARL:2022:2450Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 29 maart 2022 (civiel recht)

    Aanbesteding: kwalificatie van de overeenkomst die de gemeente onderhands wenst te gunnen met betrekking tot het gebruik van het glasvezelnetwerk dat eigendom was van de gemeente. Kwalificatie vindt…

  • ECLI:NL:RBNNE:2020:4445Rechtbank Noord-Nederland, 16 december 2020 (civiel recht)

    Aankondiging in geval van vrijwillige transparantie vooraf. De opdracht van de gemeente is aanbestedingsplichtig. Uitleg van begrip ‘onroerende zaken’ in artikel 2.24 sub b Aw. Huur van glasvezel…

  • ECLI:NL:RBOBR:2020:5364Rechtbank Oost-Brabant, 4 november 2020 (civiel recht)

    BsGW huurde een pand van een (naam bedrijf 2). Omdat deze zelf het pand wilde gebruiken, is de huur opgezegd en moest BsGW op zoek naar nieuwe huisvesting. Uiteindelijk heeft BsGW voor het [C] als…

  • ECLI:NL:RBAMS:2015:6459Rechtbank Amsterdam, 30 september 2015 (civiel recht)

    Een aantal gemeenten in Noord-Holland heeft aan de AEC in Amsterdam het alleenrecht verleend voor de verwerking van afval. Eiser stelt dat daarvoor een aanbestedingsprocedure had moeten worden…

  • ECLI:NL:RBGEL:2015:5490Rechtbank Gelderland, 29 juli 2015 (civiel recht)

    Aanbestedingsrecht. Vraag of opdracht afvalverwerking aanbestedingsplichtig is. Gemeente hebben een beroep gedaan op art. 24 aanhef en sub a van de Aanbestedingswet 2012. Dat beroep gaat niet op. De…

  • ECLI:NL:RBNNE:2015:2947Rechtbank Noord-Nederland, 19 juni 2015 (aanbestedingsrecht)

    Overheidsaanbesteding. Geschil over het niet-aanbesteden van het ophalen van vuilnis in gemeentes Delfzijl en Appingedam. De gemeentes hebben het voornemen geuit om zonder voorafgaande aanbesteding…

9 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.