Aanbestedingswet 2012

AanbW 2012

Huidige tekst

Artikel 2.121 AanbW 2012

Geldt sinds 1 juli 2016

  1. 1

    Een aanbestedende dienst waarborgt dat alle inschrijvers die een ontvankelijke inschrijving hebben gedaan, tegelijkertijd langs elektronische weg worden uitgenodigd om nieuwe prijzen of nieuwe waarden in te dienen.

  2. 2

    Een inschrijving is ontvankelijk als bedoeld in het eerste lid, indien: a.deze wordt ingediend door een inschrijver: 1°. die de aanbestedende dienst op grond van de artikelen 2.86 of 2.87 niet moet of wil uitsluiten, en 2°. die voldoet aan de door de aanbestedende dienst gestelde geschiktheidseisen, bedoeld in artikel 2.90, b.deze voldoet aan de technische specificaties, c.deze voldoet aan de vereisten in de aanbestedingsstukken, d.deze tijdig is ingediend, e.hierbij niet aantoonbaar sprake is van ongeoorloofde afspraken of corruptie, f.deze niet door de aanbestedende dienst als abnormaal laag is beoordeeld, g.deze de prijs van het door de aanbestedende dienst begrote bedrag, dat is vastgesteld en gedocumenteerd voor de aanvang van de aanbestedingsprocedure, niet overschrijdt, en h.deze relevant is voor de overheidsopdracht, omdat de inschrijving, zonder ingrijpende wijzigingen, kennelijk voorziet in de in de aanbestedingsstukken omschreven behoeften en eisen van de aanbestedende dienst.

  3. 3

    Een aanbestedende dienst waarborgt dat het verzoek, bedoeld in het eerste lid, alle relevante informatie bevat voor de individuele verbinding met het gebruikte elektronische systeem en de datum en het aanvangsuur van de elektronische veiling preciseert.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.