Wegenverkeerswet 1994

WVW

Huidige tekst

Artikel 2 WVW

Geldt sinds 20 mei 2022

  1. 1

    De krachtens deze wet vastgestelde regels kunnen strekken tot: a.het verzekeren van de veiligheid op de weg; b.het beschermen van weggebruikers en passagiers; c.het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan; d.het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.

  2. 2

    De krachtens deze wet vastgestelde regels kunnen voorts strekken tot: a.het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer; b.het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.

  3. 3

    De krachtens deze wet vastgestelde regels kunnen voorts strekken tot: a.het bevorderen van een doelmatig of zuinig energiegebruik; b.het waarborgen van het op juiste wijze in rekening brengen van tarieven voor het gebruik van de weg; c.het gebruik en de waarborging van de juistheid van de registers die ingevolge deze wet worden bijgehouden; d.het voorkomen en bestrijden van fraude; e.de regeling van positie, inrichting en werkwijze, alsmede het uitoefenen van toezicht op zelfstandige bestuursorganen die taken verrichten op het terrein van deze wet.

  4. 4

    De krachtens deze wet vastgestelde regels kunnen voorts strekken ter uitvoering van verdragen of van besluiten van volkenrechtelijke organisaties of van één of meer instellingen van de Europese Unie, al dan niet gezamenlijk, op het terrein van goedkeuring, op de markt aanbieden, in de handel brengen, registreren en in gebruik nemen van voertuigen en systemen, onderdelen, technische eenheden, voertuigdelen, uitrustingsstukken en voorzieningen die voor dergelijke voertuigen en aanhangwagens daarvan zijn ontworpen en gebouwd en van voorzieningen die ter bescherming van inzittenden van voertuigen en kwetsbare weggebruikers zijn ontworpen en gebouwd, in verband met de bescherming van de gezondheid, de veiligheid, het milieu of andere aspecten van de bescherming van het openbaar belang.

  5. 5

    De vaststelling van regels bij ministeriële regeling ter uitvoering van het bij of krachtens deze wet bepaalde geschiedt in overeenstemming met Onze bij algemene maatregel van bestuur aangewezen ministers, indien deze regels strekken tot behartiging van de belangen, bedoeld in het tweede dan wel het derde lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2013:110Parket bij de Hoge Raad, 19 maart 2013 (strafrecht)

    Wijziging tll en ‘hetzelfde feit’. Art. 313 Sv, art. 68 Sr, art. 21, aanhef en onder a, RVV 1990 en art 181.1 WVW 1994. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BM9102. Wijziging van een…

  • ECLI:NL:PHR:2007:AZ7080Parket bij de Hoge Raad, 20 maart 2007 (strafrecht)

    Geen ambtshalve cassatie. HR doet de middelen af met art. 81 RO en komt – ondanks op navolgend punt tot vernietiging strekkende conclusie AG – ook ambtshalve niet tot vernietiging en overweegt…

  • ECLI:NL:HR:2004:AO5716Hoge Raad, 11 mei 2004 (strafrecht)

    Rechtsbijstand en onderzoeksplicht rechter. In de mededeling van verdachte dat hij vanmorgen pas de dagvaarding ontving en dat hij contact heeft opgenomen met zijn raadsvrouw die hem adviseerde ter…

  • ECLI:NL:PHR:2004:AO5716Parket bij de Hoge Raad, 11 mei 2004 (strafrecht)

    Rechtsbijstand en onderzoeksplicht rechter. In de mededeling van verdachte dat hij vanmorgen pas de dagvaarding ontving en dat hij contact heeft opgenomen met zijn raadsvrouw die hem adviseerde ter…

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:14192Rechtbank Noord-Holland, 16 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Deze uitspraak gaat over het in bezwaar gehandhaafde verkeersbesluit van het college van 29 april 2025, waarbij twee parkeerplaatsen aan de Maria Tesselschadelaan ter hoogte van nummer 45 in…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9660Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 6 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Tussenuitspraak. Verkeersbesluit aanwijzen parkeerplaatsen ten behoeve van opladen elektrische voertuigen. Motiveringsgebrek.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:10004Rechtbank Amsterdam, 28 september 2026 (bestuursstrafrecht)

    De strook waar het voertuig van betrokkene op stond geparkeerd, is een locatie ingericht als een parkeergelegenheid voor bromfietsen en bakfietsen. Gelet op artikel 27 van het Reglement…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5784Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 8 september 2026 (bestuursstrafrecht)

    Roodlichtgedraging. Evenredigheidsbeginsel. De hoogte van het onderhavige sanctiebedrag berust op het Besluit 2022. Dit bedrag staat in redelijke verhouding staat tot de aard en de ernst van de…

664 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.