Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie

VWEU

Huidige tekst

Artikel 50 VWEU

Geldt sinds 1 december 2009

  1. 1

    Teneinde de vrijheid van vestiging voor een bepaalde werkzaamheid te verwezenlijken, beslissen het Europees Parlement en de Raad volgens de gewone wetgevingsprocedure en na raadpleging van het Economisch en Sociaal Comité bij wege van richtlijnen.

  2. 2

    Het Europees Parlement, de Raad en de Commissie oefenen de taken uit welke hun door bovenstaande bepalingen worden toevertrouwd, met name: a.door in het algemeen bij voorrang die werkzaamheden te behandelen waarvoor de vrijheid van vestiging een bijzonder nuttige bijdrage levert ter ontwikkeling van de productie en van het handelsverkeer; b.door het verzekeren van een nauwe samenwerking tussen de bevoegde nationale bestuursinstellingen teneinde de bijzondere omstandigheden van de verschillende betrokken werkzaamheden binnen de Unie te leren kennen; c.door het afschaffen van die bestuursrechtelijke procedures en handelwijzen, voortvloeiende hetzij uit de nationale wetgeving hetzij uit voordien tussen de lidstaten gesloten akkoorden waarvan de handhaving een beletsel zou vormen voor de vrijheid van vestiging; d.door ervoor te waken dat de werknemers van een der lidstaten welke op het grondgebied van een andere lidstaat te werk zijn gesteld, op dit grondgebied kunnen verblijven om er anders dan in loondienst werk te verrichten, wanneer zij voldoen aan de voorwaarden waaraan zij zouden moeten voldoen indien zij op het tijdstip waarop zij genoemde bezigheid willen opvatten, eerst in die staat zouden zijn aangekomen; e.door de verwerving en de exploitatie mogelijk te maken van op het grondgebied van een lidstaat gelegen grondbezit door een onderdaan van een andere lidstaat, voorzover de beginselen van artikel 39, lid 2, niet worden aangetast; f.door de geleidelijke opheffing der beperkingen van de vrijheid van vestiging in elke in behandeling genomen tak van werkzaamheid toe te passen enerzijds op de oprichtingsvoorwaarden op het grondgebied van een lidstaat van agentschappen, filialen of dochterondernemingen en anderzijds op de toelatingsvoorwaarden voor het personeel van de hoofdvestiging tot de organen van beheer of toezicht van deze agentschappen, filialen of dochterondernemingen; g.door, voorzover nodig, de waarborgen te coördineren welke in de lidstaten worden verlangd van de rechtspersonen in de zin van de tweede alinea van artikel 54, om de belangen te beschermen zowel van de deelnemers in die rechtspersonen als van derden, teneinde die waarborgen gelijkwaardig te maken; h.door ervoor te zorgen dat de voorwaarden van vestiging niet worden vervalst als gevolg van steunmaatregelen van de lidstaten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2022:920Raad van State, 30 maart 2022 (vreemdelingenrecht)

    Bij besluit van 30 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

  • ECLI:NL:CBB:2020:1023College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22 december 2020 (bestuursrecht)

    Regeling fosfaatreductieplan 2017. Geen knelgeval. Dienstenrichtlijn en vrije vestiging. Geen sprake van een dienst. Geen individuele buitensporige last. Hardheidsclausule.

  • ECLI:NL:CBB:2012:BW7264College van Beroep voor het bedrijfsleven, 16 mei 2012 (bestuursrecht)

    Regeling Superheffing 2008 Landbouwwet art. 13 bevoegdheid Minister EL&I

  • ECLI:NL:RVS:2009:BJ4071Raad van State, 29 juli 2009 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 27 september 2007 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (hierna: de minister) aan [appellante] een boete van € 160.000,00 opgelegd wegens overtreding van artikel 2…

  • ECLI:NL:GHSHE:2005:AT8614Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 31 mei 2005 (belastingrecht)

    Aan de belanghebbende is op de voet van artikel 1, vijfde lid, van de Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 (hierna: Wet BPM) een naheffingsaanslag. Het geschil betreft het…

  • ECLI:NL:CRVB:2004:AP4731Centrale Raad van Beroep, 18 juni 2004 (socialezekerheidsrecht)

    Medische behandeling in het buitenland. Intramurale zorg. Voorafgaande toestemming. Vrij verkeer van diensten. Wachttijd. Rechtvaardiging. Te vergoeden kosten in naturastelsel.

  • ECLI:NL:CRVB:2004:AP4742Centrale Raad van Beroep, 18 juni 2004 (socialezekerheidsrecht)

    Vergoeding kosten extramurale zorg binnen EU. Toestemmingsvereiste. Hoogte vergoeding.

  • ECLI:NL:CRVB:2004:AP4794Centrale Raad van Beroep, 18 juni 2004 (socialezekerheidsrecht)

    Medische behandeling in het buitenland. Extramurele zorg. Intramurale zorg. Voorafgaande toestemming. Vrij verkeer van diensten. Hoogte te vergoeden kosten, naturastelsel. Wachttijd (i.c. 6 maanden).

9 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.