Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie

VWEU

Huidige tekst

Artikel 23 VWEU

Geldt sinds 1 december 2009

Iedere burger van de Unie geniet op het grondgebied van derde landen waar de lidstaat waarvan hij onderdaan is, niet vertegenwoordigd is, de bescherming van de diplomatieke en consulaire instanties van iedere andere lidstaat, onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van die lidstaat. De lidstaten treffen de nodige voorzieningen en beginnen de internationale onderhandelingen die met het oog op deze bescherming vereist zijn. De Raad kan, volgens een bijzondere wetgevingsprocedure en na raadpleging van het Europees Parlement, richtlijnen aannemen tot vaststelling van coördinatie- en samenwerkingsmaatregelen die nodig zijn om die bescherming te vergemakkelijken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:1197Parket bij de Hoge Raad, 17 december 2021 (civiel recht)

    Nationaliteitsrecht. Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap op voet art. 17 RWN. Verlies Nederlandse nationaliteit (art. 15 lid 1, onder c, RWN); strijd met Unierechtelijk evenredigheidsbeginsel…

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:12923Rechtbank Den Haag, 24 november 2021 (personen- en familierecht)

    De verliesgrond van artikel 15, lid 1 onder a RWN is ingetreden en het als gevolg hiervan ingetreden verlies van het Unieburgerschap voor verzoeker is niet onevenredig.

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:11909Rechtbank Den Haag, 11 november 2019 (civiel recht)

    Staat moet zich inspannen voor terughalen kinderen van Syriëgangers De kortgedingrechter van de rechtbank Den Haag heeft vandaag bepaald dat de Staat zich moet inspannen om de Nederlandse kinderen…

  • ECLI:NL:RVS:2012:BY0348Raad van State, 17 oktober 2012 (vreemdelingenrecht)

    Boete wegens van Bulgaarse nationaliteit en twee vreemdelingen van Roemeense nationaliteit. Geen tewerkstellingsvergunning. Niet is in geschil dat in het onderhavige geval sprake is van…

  • ECLI:NL:RVS:2012:BY0349Raad van State, 17 oktober 2012 (vreemdelingenrecht)

    Bij besluit van 5 maart 2010 heeft de minister [appellante] een boete van € 8.000,00 opgelegd wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (hierna: de Wav).

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.