Dagloonbesluit werknemersverzekeringen

Huidige tekst

Artikel 1 Dagloonbesluit werknemersverzekeringen

Geldt sinds 1 januari 2024

Definities 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a.aangiftetijdvak: het tijdvak van vier weken dan wel één maand waarop de aangifte waarop de ingehouden loonbelasting wordt afgedragen, betrekking heeft danwel, indien de werkgever over een afwijkend tijdvak aangifte doet, het tijdvak waarover loon is betaald van één maand of vier weken of herleid tot één maand of vier weken; b.arbeidsongeschikt(heid): arbeidsongeschikt(heid) als bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de WAO of volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid en gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van de Wet WIA; c.arbeidsurenverlies: het arbeidsurenverlies, bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de WW; d.arbeidsvoorwaardenbedrag: het aan de werknemer toegekende en in geld uitgedrukte toekomstige loonbestanddeel, niet zijnde een afzonderlijke opbouw van vakantiebijslag, dat is opgebouwd ingevolge afspraken in de individuele of collectieve arbeidsovereenkomst, voor zover dit toekomstige loonbestanddeel kan leiden tot loon als bedoeld in artikel 16 van de Wfsv; e.bedrag dat als loon is uitbetaald ten laste van een arbeidsvoorwaardenbedrag: het door de werkgever als loon in de zin van artikel 16 van de Wfsv uitbetaalde bedrag ten laste van een arbeidsvoorwaardenbedrag voor zover dit loon belastbaar is op grond van de Wet op de loonbelasting 1964; f.gebroken aangiftetijdvak: een aangiftetijdvak dat deels binnen en deels buiten de referteperiode, bedoeld in de artikelen 2, 12b en 13, valt; g.het UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; h.minimumjeugdloonpercentage: een percentage als bedoeld in artikel 8, derde lid, van de WML; i.minimumloon: het minimumloon per maand, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b, van de WML, gedeeld door 21,75; j.uitkering: een uitkering op grond van de ZW, de WW, de Wet WIA, de WAO of de Wazo, met uitzondering van een uitkering op grond van de artikelen 4:2b en 6:3 van de Wazo; k.reguliere WW-uitkering: een uitkering op grond van de WW, niet zijnde een uitkering op grond van artikel 18 of op grond van hoofdstuk IV van die wet; l.verlof: een tussen de werkgever en werknemer voor een gedeelte of het geheel van de arbeidstijd overeengekomen tijdvak, waarin de werknemer geen arbeid jegens de werkgever verricht, met uitzondering van verlof als bedoeld in de artikelen 3:1 en 3:2 van de Wazo; m.WAO: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; n.WAO-dagloon: het dagloon, bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de WAO; o.WAO-vervolgdagloon: het vervolgdagloon, bedoeld in artikel 21b van de WAO; p.Wazo: Wet arbeid en zorg; q.Wazo-dagloon: het dagloon, bedoeld in 3:13, tweede lid, 4:2b, vierde lid, en 6:3, vierde lid, van de Wazo; r.Wet WIA: Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen; s.WIA-dagloon: het dagloon, bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de Wet WIA; t.Wfsv: Wet financiering sociale verzekeringen; u.WML: Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag; v.WW: Werkloosheidswet; w.WW-dagloon: het dagloon, bedoeld in artikel 1b, eerste lid, van de WW; x.ziek/ziekte: ongeschikt(heid) tot het verrichten van zijn of haar arbeid als bedoeld in artikel 19, eerste of tweede lid, van de ZW; y.ZW: Ziektewet; z.ZW-dagloon: het dagloon, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de ZW. 2 Voor de toepassing van dit besluit is maandag de eerste dag van de kalenderweek en zijn de eerste vijf dagen van de kalenderweek dagloondagen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:744Centrale Raad van Beroep, 20 mei 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Het gaat in deze zaak over de vraag of het Uwv terecht het ZW-dagloon heeft vastgesteld op € 92,14 en het WW-dagloon op € 129,60. Volgens appellante moeten bepalingen uit het Dagloonbesluit buiten…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:488Centrale Raad van Beroep, 22 april 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Vaststelling dagloon WIA-uitkering. Als gevolg van de Coronamaatregelen heeft appellant minder loon ontvangen dan gebruikelijk. De Raad deelt niet de stellingen van appellant dat de gehanteerde…

  • ECLI:NL:CRVB:2024:1455Centrale Raad van Beroep, 17 juli 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Dagloon van de aan betrokkene toegekende IVA-uitkering juist vastgesteld. Het Uwv heeft terecht geen rekening gehouden met de waarnemingstoeslag. Ten aanzien van de waarnemingstoeslag is geen sprake…

  • ECLI:NL:CRVB:2022:1805Centrale Raad van Beroep, 11 augustus 2022 (socialezekerheidsrecht)

    Dagloon IVA-uitkering juist vastgesteld. Eerste arbeidsongeschiktheidsdag juist vastgesteld. Referteperiode juist vastgesteld. Niet gebleken dat sprake was van medische noodzaak tot functiewijziging.

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:14982Rechtbank Den Haag, 2 december 2021 (socialezekerheidsrecht)

    Beëindiging ZW, reformatio in peius, maatmanomvang, maatmaninkomen, referteperiode, reductiefactor. Beroep ongegrond

  • ECLI:NL:CRVB:2016:3328Centrale Raad van Beroep, 7 september 2016 (socialezekerheidsrecht)

    Dagloon WW-uitkering. ‘Onbetaald verlof’. De periode van bedrijfssluiting waarin betrokkene niet heeft gewerkt en niet is betaald kan niet, reeds omdat een overeenkomst daarover ontbreekt, als…

  • ECLI:NL:RBNHO:2016:4571Rechtbank Noord-Holland, 9 juni 2016 (socialezekerheidsrecht)

    Dagloonbesluit werknemersverzekeringen 2015. Eiser heeft in de referteperiode minder gewerkte dagen dan beschikbare werkdagen, hetgeen nadelig zou zijn voor de hoogte van zijn WW-uitkering.…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.