Wet op de economische delicten

WED

Huidige tekst

Artikel 21 WED

Geldt sinds 1 april 2002

  1. 1

    De opsporingsambtenaren zijn bevoegd in het belang van de opsporing zaken te onderzoeken, aan opneming te onderwerpen en daarvan monsters te nemen, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.

  2. 2

    Zij zijn bevoegd daartoe verpakkingen te openen.

  3. 3

    Zij nemen op verzoek van de belanghebbende indien mogelijk een tweede monster, tenzij bij of krachtens wettelijk voorschrift anders is bepaald.

  4. 4

    Indien het onderzoek, de opneming of de monsterneming niet ter plaatse kan geschieden, zijn zij bevoegd de zaken voor dat doel voor korte tijd mee te nemen tegen een door hen af te geven schriftelijk bewijs.

  5. 5

    De genomen monsters worden voor zover mogelijk teruggegeven.

  6. 6

    De belanghebbende wordt op zijn verzoek zo spoedig mogelijk in kennis gesteld van de resultaten van het onderzoek, de opneming of de monsterneming.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:517Parket bij de Hoge Raad, 13 mei 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Art. 23 WED. Opsporingsambtenaren hebben een door verdachte bestuurd vervoermiddel onderzocht o.g.v. art. 23 WED om er zeker van te zijn dat er geen drukcilinders in het vervoermiddel…

  • ECLI:NL:PHR:2018:1202Parket bij de Hoge Raad, 6 november 2018 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beslag en beklag art. 552a Sv. Voorwerpen in beslag genomen in het kader van een insluitingsfouillering. Geen strafvorderlijk beslag zodat de beklagprocedure ex art. 552a Sv niet open…

  • ECLI:NL:PHR:2018:1203Parket bij de Hoge Raad, 6 november 2018 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beslag en beklag art. 552a Sv. Voorwerpen in beslag genomen in het kader van een insluitingsfouillering. Geen strafvorderlijk beslag zodat de beklagprocedure ex art. 552a Sv niet open…

  • ECLI:NL:HR:2018:902Hoge Raad, 12 juni 2018 (strafrecht)

    Economische zaak. Vissen met gemanipuleerde netten. Veroordeling wegens niet voldoen aan een vordering ex art. 21 en 24a WED bij controle van een vissersboot. Bewijs opzet a.b.i. art. 26 WED. HR…

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:2696Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 2 oktober 2026 (strafrecht)

    De verdachte wordt veroordeeld ter zake van overtreding van een voorschrift gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan (feiten 1 en 2) tot een gevangenisstraf voor…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:10081Rechtbank Rotterdam, 5 augustus 2026 (strafrecht)

    De verdachte heeft een ontploffing voorbereid, waarbij gevaar voor goederen, zwaar lichamelijk letsel en levensgevaar te duchten was. Daarnaast lag in de schuur van de verdachte een grote hoeveelheid…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:17370Rechtbank Den Haag, 22 september 2025 (strafrecht)

    Veroordeling voor het plegen van voorbereidingshandelingen voor de handel in verdovende middelen en voor het aanwezig hebben van 4 kg hennep. Gevangenisstraf 14 maanden met aftrek.

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:1490Rechtbank Midden-Nederland, 2 april 2025 (strafrecht)

    Bewezenverklaring vervaardigen en voorhanden hebben van twee ‘vuurwerkbommen’ (cobra’s vastgemaakt aan brandbare vloeistof). Vrijspraak van voorbereiding ontploffing met gevaar voor…

33 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.