Wet op de economische delicten

WED

Huidige tekst

Artikel 16 WED

Geldt sinds 1 april 2002

  1. 1

    Indien aannemelijk is dat iemand die, alvorens in zijn zaak een onherroepelijke uitspraak is gedaan, is overleden, zich heeft schuldig gemaakt aan een economisch delict, kan de rechter bij beschikking op de vordering van het openbaar ministerie: a.de verbeurdverklaring van reeds in beslag genomen voorwerpen uitspreken; artikel 10 vindt overeenkomstige toepassing; b.ten laste van de boedel van de overledene de in artikel 8, onder c vermelde maatregel opleggen.

  2. 2

    De beschikking wordt door de griffier openbaar gemaakt in de Nederlandse Staatscourant en in een of meer door de rechter aan te wijzen nieuwsbladen, terwijl bovendien een afschrift van de beschikking aan het sterfhuis wordt betekend.

  3. 3

    Elke belanghebbende kan binnen drie maanden na de in het vorige lid bedoelde openbaarmaking of betekening een bezwaarschrift ter griffie indienen.

  4. 4

    De officier van justitie wordt gehoord; de belanghebbende wordt gehoord, althans behoorlijk opgeroepen.

  5. 5

    De rechter geeft een met redenen omklede beslissing; deze is niet aan enig rechtsmiddel onderworpen.

  6. 6

    Het in het eerste lid, in de aanhef en onder a, in het derde, het vierde en in het vijfde lid, bepaalde geldt mede, indien aannemelijk is, dat een onbekende zich schuldig heeft gemaakt aan een economisch delict. De beschikking wordt door de griffier openbaar gemaakt in de Nederlandse Staatscourant en in één of meer door de rechter aan te wijzen nieuwsbladen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:240Parket bij de Hoge Raad, 15 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beklag tegen beslag op partijen teakhout uit Myanmar ex art. 94 Sv. Verdenking handel in strijd met Europese Houtverordening. Derde middel roept de vraag op welke raadkamer bevoegd is…

  • ECLI:NL:PHR:2015:156Parket bij de Hoge Raad, 6 maart 2015 (civiel recht)

    Kort geding. Schietincident Alphen aan den Rijn. Hebben slachtoffers en nabestaanden recht op afgifte van psychiatrisch rapport over overleden schutter, opgemaakt in opdracht van openbaar ministerie?…

  • ECLI:NL:PHR:2007:BA6579Parket bij de Hoge Raad, 27 november 2007 (strafrecht)

    HR ambtshalve: In de samenhangende zaak onder nummer 03222/06 B waarin de Rb de vordering a.b.i. art. 552f Sv strekkende tot onttrekking aan het verkeer van de in de beschikking omschreven runderen…

  • ECLI:NL:PHR:2007:BB8752Parket bij de Hoge Raad, 27 november 2007 (strafrecht)

    Bevoegdheid economische kamer. Art. 38 en 46 WED. De totstandkomingsgeschiedenis van de wet van 8-11-1993 (Stb. 591) waarbij art. 46 WED is komen te vervallen, bevat geen aanwijzing dat de wetgever…

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:7543Rechtbank Amsterdam, 5 december 2024 (strafrecht)

    Beschikking, toewijzing vordering verbeurdverklaring ex. art. 16 WED.

  • ECLI:NL:RBAMS:2023:3981Rechtbank Amsterdam, 20 april 2023 (strafrecht)

    rekestnr. 23-005778: Toewijzing vordering officier van justitie tot verbeurdverklaring inbeslaggenomen geldbedrag bij overleden verdachte, conform artikel 16 Wet op de economische delicten (WED).

  • ECLI:NL:RBMNE:2016:3649Rechtbank Midden-Nederland, 5 juli 2016 (strafrecht)

    Vijf verdachten zijn veroordeeld voor verschillende handelingen met knobbelzwanen. De rechtbank legt twee broers €1.000 geldboete op, waarvan €500 voorwaardelijk. Een derde broer krijgt een geldboete…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.