Waterschapswet

Wschw

Huidige tekst

Artikel 123 Wschw

Geldt sinds 1 juli 2018

  1. 1

    Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder: a.waterschapsbelastingen: de belastingen die het waterschap heft, bedoeld in artikel 113; b.Algemene wet: Algemene wet inzake rijksbelastingen; c.heffing op andere wijze: heffing op andere wijze dan bij wege van aanslag of bij wege van voldoening op aangifte.

  2. 2

    Onverminderd het overigens in dit hoofdstuk bepaalde geschieden de heffing en de invordering van waterschapsbelastingen met toepassing van de Algemene wet, de Invorderingswet 1990 en de Kostenwet invordering rijksbelastingen als waren die belastingen rijksbelastingen.

  3. 3

    Onverminderd het overigens in dit hoofdstuk bepaalde, gelden de bevoegdheden en verplichtingen van de hierna vermelde, in de Algemene wet, de Invorderingswet 1990 en de Kostenwet invordering rijksbelastingen genoemde functionarissen, met betrekking tot de waterschapsbelastingen voor de daarachter genoemde colleges of functionarissen: a.Onze Minister van Financiën, het bestuur van ’s Rijksbelastingen en de directeur: het dagelijks bestuur; b.de inspecteur: de daartoe aangewezen ambtenaar van het waterschap; c.de ontvanger of een inzake rijksbelastingen bevoegde ontvanger: de ambtenaar van het waterschap, belast met de invordering van waterschapsbelastingen; d.de ambtenaren van de rijksbelastingdienst: de ambtenaren van het waterschap, belast met de heffing of de invordering van waterschapsbelastingen; e.belastingdeurwaarder: de daartoe door het dagelijks bestuur aangewezen ambtenaar van het waterschap, dan wel een als belastingdeurwaarder van het waterschap aangewezen gerechtsdeurwaarder, bedoeld in de Gerechtsdeurwaarderswet; f.de Tweede Kamer der Staten-Generaal of de Tweede Kamer: het algemeen bestuur.

  4. 4

    Onverminderd het overigens in dit hoofdstuk bepaalde wordt met betrekking tot waterschapsbelastingen in de Algemene wet en in de Invorderingswet 1990 voor algemene maatregel van bestuur en voor ministeriële regeling gelezen: besluit van het dagelijks bestuur.

  5. 5

    Met betrekking tot waterschapsbelastingen wordt in artikel 24 van de Invorderingswet 1990 voor «de Staat» gelezen: het waterschap.

  6. 6

    Indien een Commissiebesluit als bedoeld in artikel 1 van de Wet terugvordering staatssteun verplicht tot terugvordering van staatssteun en die staatssteun voortvloeit uit een waterschapsbelasting als bedoeld in hoofdstuk XVI van deze wet, wordt deze staatssteun op dezelfde wijze teruggevorderd als staatssteun die voortvloeit uit de toepassing van een belastingwet als bedoeld in artikel 20a van de Algemene wet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2012:BW1956Parket bij de Hoge Raad, 28 september 2012 (belastingrecht)

    Art. 231, lid 2, letter b, jo. 232, lid 4, Gemeentewet en art. 1, lid 2, jo. art. 30 Wet WOZ. Bevoegdheid ambtenaar openbaar lichaam. Art. 18a AWR en art. 22 Wet WOZ. Herziene WOZ-beschikkingen na…

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG4776Parket bij de Hoge Raad, 17 april 2009 (belastingrecht)

    waterschapsbelasting, ingezetenenomslag wegenbeheer, taakgebiedafbakening in strijd met willekeurverbod?

  • ECLI:NL:PHR:2008:BD9387Parket bij de Hoge Raad, 12 december 2008 (belastingrecht)

    Art. 77, lid 1, letter d, Wet RO. Art. 8:4, letter g, Awb. Jurisdictiegeschil. Uitwerkingsbesluit parkeren stadsdeel ZuiderAmstel 2002. Belastingrechter bevoegd.

  • ECLI:NL:PHR:2006:AV0434Parket bij de Hoge Raad, 9 juni 2006 (belastingrecht)

    Jurisdictiegeschil betreffende door Huurcommissie vastgestelde te betalen vergoeding

  • ECLI:NL:RBAMS:2025:9401Rechtbank Amsterdam, 5 augustus 2025 (bestuursrecht)

    Aanslag waterschapsbelasting. Omdat sprake is van een gesloten stelsel van rechtsbescherming brengt het ontbreken van een voor bezwaar vatbare beschikking met zich dat geen bezwaar en beroep…

  • ECLI:NL:GHDHA:2024:2381Gerechtshof Den Haag, 3 december 2024 (belastingrecht)

    Art. 1 Kostenwet en art. 2 Kostenwet. Aanmaningskosten onterecht in rekening gebracht. Zorgvuldigheidsbeginsel brengt met zich dat niet tot aanmaning kon worden overgegaan voordat het verzoek van…

  • ECLI:NL:GHDHA:2024:1778Gerechtshof Den Haag, 24 juli 2024 (belastingrecht)

    Art. 6:7, 6,9 Awb; art. 123, lid 2 Waterschapswet; art. 11, 13 Invorderingswet 1990; art. 2, 3 lid 1, Kostenwet invordering rijksbelastingen. Bezwaar tegen beschikking aanmaningskosten was terecht…

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:1291Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29 februari 2024 (belastingrecht)

    Beschikking invorderingsrente in strijd met algemene beginselen van behoorlijk bestuur, beroep gegrond

64 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.