Waterschapswet

Wschw

Huidige tekst

Artikel 118 Wschw

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Als één gebouwde onroerende zaak als bedoeld in artikel 117, eerste lid, onderdeel d, wordt aangemerkt: a.een gebouwd eigendom; b.een gedeelte van een gebouwd eigendom dat blijkens zijn indeling is bestemd om als een afzonderlijk geheel te worden gebruikt; c.een samenstel van twee of meer van de in onderdeel a bedoelde gebouwde eigendommen of van in onderdeel b bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren; d.het binnen het gebied van een gemeente gelegen deel van een in onderdeel a bedoeld eigendom, van een in onderdeel b bedoeld gedeelte of van een in onderdeel c bedoeld samenstel; e.het binnen het gebied van het waterschap gelegen deel van een in onderdeel a bedoeld eigendom, van een in onderdeel b bedoeld gedeelte, van een in onderdeel c bedoeld samenstel of van een in onderdeel d bedoeld deel.

  2. 2

    Voor de toepassing van het eerste lid maken de ongebouwde eigendommen voorzover die een samenstel vormen met een gebouwd eigendom als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a tot en met e, deel uit van de gebouwde onroerende zaak, met uitzondering van de ongebouwde eigendommen, voorzover de waarde daarvan bij de waardebepaling op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken op basis van het bepaalde krachtens artikel 18, vierde lid, van die wet buiten aanmerking wordt gelaten.

  3. 3

    Als één ongebouwde onroerende zaak als bedoeld in artikel 117, eerste lid, onderdeel b, wordt aangemerkt een kadastraal perceel of gedeelte daarvan, met dien verstande dat buiten aanmerking wordt gelaten: a.hetgeen ingevolge het eerste en tweede lid wordt aangemerkt als een gebouwde onroerende zaak; b.een natuurterrein.

  4. 4

    Als één natuurterrein wordt aangemerkt een kadastraal perceel of gedeelte daarvan, met dien verstande dat buiten aanmerking wordt gelaten: a.hetgeen ingevolge het eerste en tweede lid wordt aangemerkt als een gebouwde onroerende zaak; b.hetgeen ingevolge het derde lid wordt aangemerkt als een ongebouwde onroerende zaak.

  5. 5

    Voor de heffing, bedoeld in artikel 117, worden openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, één en ander met inbegrip van kunstwerken, alsmede waterverdedigingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning, aangemerkt als ongebouwde eigendommen, niet zijnde natuurterreinen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2014:687Parket bij de Hoge Raad, 25 juni 2014 (belastingrecht)

    A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 13/04559 naar aanleiding van het beroep in (sprong)cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 8 augustus…

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG4663Parket bij de Hoge Raad, 17 april 2009 (belastingrecht)

    Waterschapsbelasting, ingezetenenomslag wegenbeheer, taakgebiedafbakening in strijd met willekeurverbod?

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG4670Parket bij de Hoge Raad, 17 april 2009 (belastingrecht)

    Waterschapsbelasting, ingezetenenomslag wegenbeheer, taakgebiedafbakening in strijd met willekeurverbod?

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG4735Parket bij de Hoge Raad, 17 april 2009 (belastingrecht)

    bevoegdheid waterschap in cassatie

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:2344Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 2 september 2026 (belastingrecht)

    Watersysteemheffing en zuiveringsheffing. Te late uitspraak op bezwaar na terugwijzing door rechtbank. Geen dwangsom verschuldigd omdat rechtbank geen termijn heeft gesteld en belanghebbende de…

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:5359Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 augustus 2024 (belastingrecht)

    tot en met 23/3500. Veelheid aan gronden over (onder meer) watersysteemheffing slagen niet.

  • ECLI:NL:RBGEL:2019:169Rechtbank Gelderland, 18 januari 2019 (belastingrecht)

    Zuiveringsheffing. Begrip bedrijfsruimte. Als afzonderlijk geheel te beschouwen ruimte. Rechtbank oordeelt dat de praktijkruimte aan de woning in dit geval als een bedrijfsruimte moet worden…

  • ECLI:NL:RBOVE:2016:5170Rechtbank Overijssel, 28 december 2016 (belastingrecht)

    Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus-Tricijn hief ten onrechte een hogere belasting op onverharde wegen van de provincie Flevoland. Dat oordelen de bestuursrechters van de rechtbank…

21 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.