Waterschapswet

Wschw

Huidige tekst

Artikel 122d Wschw

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Ter bestrijding van kosten die zijn verbonden aan de behartiging van de taak inzake het zuiveren van afvalwater, wordt onder de naam zuiveringsheffing een heffing ingesteld ter zake van afvoeren.

  2. 2

    Aan de heffing worden onderworpen: a.ter zake van afvoeren vanuit een bedrijfsruimte of woonruimte: degene die het gebruik heeft van die ruimte; b.ter zake van het afvoeren anders dan bedoeld onder a: degene die afvoert.

  3. 3

    Voor de toepassing van het tweede lid, onderdeel a, is heffingplichtig: a.in geval van gebruik van een woonruimte door de leden van een huishouden: degene die door de in artikel 123, derde lid, onderdeel d, bedoelde ambtenaar van het waterschap is aangewezen; b.in geval van gebruik door degene aan wie een deel van een bedrijfsruimte in gebruik is gegeven: degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, met dien verstande dat degene die het deel in gebruik heeft gegeven, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; c.in geval van het ter beschikking stellen van een woonruimte of bedrijfsruimte voor volgtijdig gebruik: degene die die ruimte ter beschikking heeft gesteld, met dien verstande dat degene die de ruimte ter beschikking heeft gesteld, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie de ruimte ter beschikking is gesteld.

  4. 4

    Indien stoffen met behulp van een openbaar vuilwaterriool worden afgevoerd, is degene bij wie dat openbaar vuilwaterriool in beheer is, slechts voor die stoffen die de beheerder zelf op het openbaar vuilwaterriool heeft gebracht aan een heffing onderworpen.

  5. 5

    De opbrengst van de heffing kan tevens worden besteed: a.aan het verstrekken van subsidies ter tegemoetkoming in de kosten van het voorbereiden en uitvoeren van maatregelen die verband houden met het zuiveren van afvalwater aan diegenen die tot het treffen van die maatregelen zijn gehouden; b.aan het verstrekken van subsidies aan heffingplichtigen tot behoud van het gebruik van zuiveringtechnische werken teneinde een stijging van het tarief van de heffing zoveel mogelijk te voorkomen; c.aan het doen van uitgaven ter beperking van de afvoer van hemelwater op een zuiveringtechnisch werk of op een openbaar vuilwaterriool; d.aan de bekostiging van maatregelen voor het opwekken van hernieuwbare energie ter compensatie van de uitstoot van broeikasgassen, die vrijkomen als gevolg van de zuivering van afvalwater en die in redelijkheid niet te vermijden zijn. De hoeveelheid op te wekken hernieuwbare energie mag niet hoger zijn dan driemaal het primaire energiegebruik van het betreffende waterschap benodigd voor de zuivering van afvalwater.

  6. 6

    Voor de zuivering van ander afvalwater dan bedoeld in artikel 1, tweede lid, kan een waterschap een overeenkomst sluiten met degene die zich van dit afvalwater ontdoet.

  7. 7

    Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop het primaire energiegebruik wordt bepaald.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:182Parket bij de Hoge Raad, 22 februari 2018 (belastingrecht)

    A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in (sprong)cassatie van Vereniging [X], belanghebbende, tegen de uitspraak van de rechtbank Noord Nederland van 20 december 2016…

  • ECLI:NL:PHR:2017:883Parket bij de Hoge Raad, 9 augustus 2017 (belastingrecht)

    Belanghebbende is een stichting (woningcorporatie) die tot doel heeft het beheren en exploiteren van woningen. Zij is onder meer eigenaar van 97 sociale huurwoningen in de gemeente Someren. Het gaat…

  • ECLI:NL:HR:2016:752Hoge Raad, 29 april 2016 (belastingrecht)

    Zuiveringsheffing Waterschap Groot Salland; art. 122d Waterschapswet; art. 3 Verordening op de zuiveringsheffing Waterschap Groot Salland; heffing ter zake van het direct of indirect afvoeren op een…

  • ECLI:NL:PHR:2015:2195Parket bij de Hoge Raad, 30 september 2015 (belastingrecht)

    Belanghebbende beschikte over een aantal tanks voor opslag van mestvloeistof. Op 18 december 2009 is een tank tijdens het vullen gescheurd, waarbij ook een naastgelegen tank beschadigd is geraakt. De…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2814Gerechtshof Amsterdam, 25 augustus 2026 (belastingrecht)

    Aanslag waterschapsbelasting; strijd met wettelijke bepalingen of rechtsbeginselen? Schending hoorrecht leidt niet tot toekenning proceskostenvergoeding vanwege bijzondere omstandigheid.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:5532Rechtbank Amsterdam, 19 mei 2026 (belastingrecht)

    Aanslag waterschapsbelasting. Gegrond. Schending hoorplicht, motiveringsbeginsel en zorgvuldigheidsbeginsel. Rechtsgevolgen blijven in stand.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:1201Gerechtshof Amsterdam, 14 april 2026 (belastingrecht)

    Aanslag waterschapsbelasting. Geen aanleiding voor het oordeel dat de tariefstelling te hoog is of dat de aanslag (anderszins) onrechtmatig is of verminderd dient te worden.

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:599Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 4 maart 2026 (belastingrecht)

    Belanghebbende exploiteert een park met chalets waarin arbeidsmigranten verblijven. Naar het oordeel van het hof zijn de aanslagen zuiveringsheffing en toeristenbelasting 2022 terecht aan…

62 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.