Pensioenwet

PW

Huidige tekst

Artikel 123 PW

Geldt sinds 1 juli 2023

Uitvoeren van meerdere pensioenregelingen en rangregeling 1 Indien een ondernemingspensioenfonds of een bedrijfstakpensioenfonds meerdere pensioenregelingen uitvoert vormen deze pensioenregelingen financieel een geheel, tenzij toepassing wordt gegeven aan artikel 150l, zevende lid. Een algemeen pensioenfonds houdt een afgescheiden vermogen aan voor iedere collectiviteitkring, waarbij ten aanzien van een collectiviteitkring toepassing kan worden gegeven aan artikel 150l, zevende lid. 2 De werkingssfeer van de collectiviteitkring, bedoeld in het eerste lid, wordt vastgelegd in de statuten door omschrijving van de pensioenregelingen en vermelding van de uitvoeringsovereenkomsten of uitvoeringsreglementen die onderdeel uitmaken van de collectiviteitkring. 3 Het vermogen voor een collectiviteitkring is een afgescheiden vermogen dat, onverminderd artikel 129 en het vijfde lid, uitsluitend dient tot voldoening van vorderingen die voortvloeien uit: a.kosten die verband houden met de uitvoering van de pensioenregeling die volgens de uitvoeringsovereenkomst of het uitvoeringsreglement ten laste kunnen worden gebracht van het vermogen; en b.pensioenaanspraken en pensioenrechten van deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden bij dat vermogen. 4 Indien het afgescheiden vermogen bij vereffening ontoereikend is voor voldoening van de vorderingen, dient het vermogen ter voldoening van de vorderingen in de volgorde van het derde lid. 5 In geval van een faillietverklaring van een algemeen pensioenfonds worden de boedelschulden, overeenkomstig de bepalingen van de Faillissementswet, al naar gelang de aard van de betrokken boedelschuld hetzij omgeslagen over ieder deel van de boedel, hetzij uitsluitend van een bepaalde bate van de boedel afgetrokken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHAMS:2017:550Gerechtshof Amsterdam, 14 februari 2017 (civiel recht)

    Het toepassen van gedifferentieerde korting door een Pensioenfonds is niet in strijd met de Pensioenwet (artikelen 105, 123 en 134 Pensioenwet).

  • ECLI:NL:RBAMS:2015:5389Rechtbank Amsterdam, 10 augustus 2015 (civiel recht)

    EINDVONNIS, ZIE OOK ECLI:NL:RBAMS:2014:9710 VOOR HET TUSSENVONNIS. Pensioenfonds PMA kort gedifferentieerd, op grond van het wel of niet bijstorten door de werkgever. Kortingen niet in strijd met…

  • ECLI:NL:RBAMS:2014:9710Rechtbank Amsterdam, 17 november 2014 (civiel recht)

    TUSSENVONNIS, ZIE OOK ECLI:NL:RBAMS:2015:5389 VOOR HET EINDVONNIS. Pensioenfonds PMA kort gedifferentieerd, op grond van het wel of niet bijstorten door de werkgever. Kortingen niet in strijd met…

  • ECLI:NL:GHAMS:2009:BK4853Gerechtshof Amsterdam, 7 juli 2009 (civiel recht)

    - pensioen, korting op winstdeling

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.