Penitentiaire beginselenwet

PBW

Huidige tekst

Artikel 9 PBW

Geldt sinds 1 januari 2020

  1. 1

    Inrichtingen zijn te onderscheiden in huizen van bewaring, gevangenissen en inrichtingen voor stelselmatige daders. Onze Minister kan een inrichting aanwijzen tot zowel huis van bewaring of gevangenis als inrichting voor stelselmatige daders. In bijzondere gevallen kan Onze Minister een inrichting aanwijzen tot zowel huis van bewaring als gevangenis.

  2. 2

    Huizen van bewaring zijn bestemd voor de opneming van: a.personen ten aanzien van wie een bevel tot voorlopige hechtenis is gegeven en die in afwachting zijn van berechting in eerste aanleg; b.personen ten aanzien van wie een bevel tot voorlopige hechtenis is gegeven en aan wie de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging is opgelegd, maar die niet tevens tot een vrijheidsstraf zijn veroordeeld, dan wel aan wie de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders is opgelegd, voor zolang het opleggen van die maatregel niet onherroepelijk is; c.personen ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf plaatsvindt en die in afwachting zijn van plaatsing in een gevangenis of deelname aan een penitentiair programma; d.personen in vreemdelingenbewaring; e.gegijzelden; f.ter beschikking gestelden ten aanzien van wie een bevel tot verpleging van overheidswege als bedoeld in artikel 37b van het Wetboek van Strafrecht of artikel 6:6:10, eerste lid, onder e, van het Wetboek van Strafvordering is gegeven voor zolang opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk is; g.personen aan wie de maatregel is opgelegd tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders als bedoeld in artikel 38m van het Wetboek van Strafrecht indien opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk is; h.alle anderen aan wie krachtens rechterlijke uitspraak of beschikking of door het openbaar gezag rechtens hun vrijheid is ontnomen, voor zover geen andere plaats voor hen is bestemd of voor zolang opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk is.

  3. 3

    Onze Minister wijst in elk arrondissement ten minste één inrichting of afdeling aan als huis van bewaring.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2011:BP9449Parket bij de Hoge Raad, 20 december 2011 (strafrecht)

    Vordering tot het verlenen van verlof tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang als bedoeld in art. 577c Sv in verband met het uitblijven van betaling aan de Staat van een bedrag ter ontneming van…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BL1706Parket bij de Hoge Raad, 9 november 2010 (strafrecht)

    OM n.o. in cassatieberoep. Art. 577c Sv jo. art. 446 Sv. Vordering tot het verlenen van verlof tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang. Art. 446 Sv bepaalt dat in beginsel voor het OM cassatieberoep…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BL1708Parket bij de Hoge Raad, 9 november 2010 (strafrecht)

    OM n.o. in cassatieberoep. Art. 577c Sv jo. art. 446 Sv. Vordering tot het verlenen van verlof tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang. Art. 446 Sv bepaalt dat in beginsel voor het OM cassatieberoep…

  • ECLI:NL:RBNNE:2024:4212Rechtbank Noord-Nederland, 14 oktober 2024 (strafrecht)

    De rechtbank ontslaat een 22-jarige man van alle rechtsvervolging omdat het bewezen verklaarde (brandstichting) naar het oordeel van de rechtbank aan verdachte niet kan worden toegerekend. Verdachte…

  • ECLI:NL:RBDHA:2023:15280Rechtbank Den Haag, 15 augustus 2023 (civiel recht)

    Beslissing over klacht ex artikel 10:7 lid 1 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) en schadevergoeding ex artikel 10:11 Wvggz

  • ECLI:NL:RBMNE:2023:1424Rechtbank Midden-Nederland, 30 maart 2023 (strafprocesrecht)

    Verlenging gevangenhouding. Art 67a lid 3 Sv. Vrijheidsbenemende maatregel als grond voor voortduren van de hechtenis. Afstemmingsperikelen tussen strafvordering en civiele procedure tot verlening…

  • ECLI:NL:GHAMS:2023:727Gerechtshof Amsterdam, 14 maart 2023 (strafrecht)

    Ambtshalve beschikking van het gerechtshof tot het verlenen van een zorgmachtiging. (artikel 2.3, eerste lid, Wet forensische zorg (Wfz) juncto artikel 6:5, aanhef en onderdeel a, Wet verplichte…

  • ECLI:NL:GHAMS:2023:162Gerechtshof Amsterdam, 30 januari 2023 (strafrecht)

    Rechterlijke machtiging vanwege dementie. Verbinding met ECLI:NL: GHAMS:2023:161(23-001322-20).

16 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.