Penitentiaire beginselenwet

PBW

Huidige tekst

Artikel 30 PBW

Geldt sinds 1 januari 2021

  1. 1

    De directeur kan, indien dit noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting dan wel in verband met de beslissing tot plaatsing of overplaatsing dan wel in verband met de verlening van verlof, een gedetineerde verplichten urine af te staan ten behoeve van een onderzoek van die urine op aanwezigheid van gedragsbeïnvloedende middelen.

  2. 2

    Onze Minister stelt nadere regels omtrent de wijze van uitvoering van het urineonderzoek. Deze regels betreffen in elk geval het recht van de gedetineerde om de uitslag te vernemen en om voor eigen rekening een hernieuwd onderzoek van de afgestane urine te laten plaatsvinden. Artikel 29, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2007:BA5802Parket bij de Hoge Raad, 14 september 2007 (civiel recht)

    Arubaanse zaak; arbeidsrecht. Ontslag op staande voet in verband met weigering deelname aan rehabilitatieprogramma na positief uitgevallen drugstest, gerechtvaardigde inbreuk persoonlijke levenssfeer…

  • ECLI:NL:RBSGR:2011:BR4861Rechtbank 's-Gravenhage, 22 juni 2011 (civiel recht)

    Kort geding. Eiser is niet-ontvankelijk in zijn vordering strekkende tot overplaatsing naar een BBI, aangezien hem een andere met voldoende waarborgen omklede rechtstgang ten dienste stond.…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.