Zorgverzekeringswet

Zvw

Huidige tekst

Artikel 43 Zvw

Geldt sinds 1 januari 2023

  1. 1

    De verzekeringsplichtige is een inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd over het in een kalenderjaar genoten bijdrage-inkomen.

  2. 2

    Het bijdrage-inkomen is het gezamenlijke bedrag van hetgeen door de verzekeringsplichtige is genoten aan: a.loon overeenkomstig de Wet op de loonbelasting 1964, verminderd met: 1°. het loon waarop artikel 42 van toepassing is; 2°. de eindheffingsbestanddelen, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdelen b tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964; en vermeerderd met loon, bepaald volgens de regels van artikel 3.82 van de Wet inkomstenbelasting 2001; b.belastbare winst uit onderneming, bepaald volgens de regels van afdeling 3.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 met uitzondering van het bedrag dat ingevolge artikel 3.70, tweede lid, van die wet, zoals dat luidde op 31 december 2022 in de winst wordt opgenomen ter zake van een afname van de oudedagsreserve als bedoeld in artikel 3.70, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van die wet, zoals dat luidde op 31 december 2022; c.belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden, bepaald volgens de regels van afdeling 3.4 van de Wet inkomstenbelasting 2001, met uitzondering van de in artikel 3.91, eerste lid, onderdelen a en b, en artikel 3.92 van de Wet inkomstenbelasting 2001 bedoelde werkzaamheden; d.belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen, bepaald volgens de regels van afdeling 3.5 van de Wet inkomstenbelasting 2001.

  3. 3

    Het bijdrage-inkomen wordt ten minste op nihil gesteld en wordt tot geen hoger bedrag in aanmerking genomen dan het bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Financiën, met betrekking tot een kalenderjaar vastgestelde bedrag.

  4. 4

    Ingeval de inkomensafhankelijke bijdrage ingevolge artikel 49, tweede lid, bij wijze van inhouding wordt geheven, is artikel 42, tweede tot en met zesde lid, van overeenkomstige toepassing.

  5. 5

    Ingeval de inkomensafhankelijke bijdrage ingevolge artikel 49, derde lid, bij wege van aanslag wordt geheven, wordt daarbij als bijdrage-inkomen ten hoogste in aanmerking genomen een bedrag gelijk aan het in het derde lid bedoelde bedrag, verminderd met het loon, bedoeld in artikel 42, van de verzekeringsplichtige en met het door de verzekeringsplichtige van een inhoudingsplichtige genoten loon, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2022:43Hoge Raad, 4 februari 2022 (belastingrecht)

    Art. 43, lid 2, ZvW. Omzetting stakingswinst in lijfrente. Lijfrentepremie komt niet in mindering op bijdrage-inkomen voor inkomensafhankelijke bijdrage.

  • ECLI:NL:PHR:2021:952Parket bij de Hoge Raad, 8 oktober 2021 (belastingrecht)

    Discriminatieverbod; fiscaal aftrekbare koopsom voor een stakingslijfrente is niet aftrekbaar van de grondslag van de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw hoewel werknemers en FOR-doteerders hun…

  • ECLI:NL:PHR:2021:934Parket bij de Hoge Raad, 8 oktober 2021 (belastingrecht)

    Discriminatieverbod; fiscaal aftrekbare koopsom voor een stakingslijfrente is niet aftrekbaar van de grondslag van de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw hoewel werknemers en FOR-doteerders hun…

  • ECLI:NL:HR:2018:2175Hoge Raad, 23 november 2018 (belastingrecht)

    artikel 43 Zorgverzekeringswet, omzetting fiscale oudedagsreserve in lijfrente; aftrek lijfrentepremies bij bepalen inkomensafhankelijke bijdrage?, ongelijke behandeling zonder objectieve…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9653Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 6 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Vaststellen eigen bijdrage voor Wlz-zorg.

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5876Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 8 september 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV. Vereiste aangifte. Redelijke schatting.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1195Centrale Raad van Beroep, 25 augustus 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Herziening en terugvordering van bijstand. Lening. Geen inkomen. Tussen partijen is niet in geschil dat betrokkene het bedrag van € 500,- contant had geleend van X. Alleen in geschil is of de lening…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1103Centrale Raad van Beroep, 11 augustus 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Intrekking en terugvordering van bijstand. Boete. Afwijzing aanvraag. Schending inlichtingenverplichting. Op geld waardeerbare werkzaamheden als arbeidsbemiddelaar. Kasstortingen en bijschrijvingen…

286 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.