Zorgverzekeringswet

Zvw

Huidige tekst

Artikel 9d Zvw

Geldt sinds 1 januari 2023

  1. 1

    Indien een verzekeringsplichtige aan wie de bestuurlijke boete en de last, bedoeld in artikel 9c, is opgelegd, niet binnen drie maanden na verzending van de beschikking tot oplegging daarvan alsnog verzekerd is, sluit het CAK namens hem een zorgverzekering waarin hij hem verzekert.

  2. 2

    Het CAK kiest de zorgverzekeraar waarmee een zorgverzekering als bedoeld in het eerste lid wordt gesloten, met dien verstande dat het zorgt voor een spreiding van zorgverzekeringen als bedoeld in dat lid over alle zorgverzekeraars, naar evenredigheid van het aantal verzekerden bij iedere zorgverzekeraar.

  3. 3

    Indien een zorgverzekeraar verschillende varianten van de zorgverzekering aanbiedt, sluit het CAK een zorgverzekering overeenkomstig de variant met de laagste premie, maar zonder vrijwillig eigen risico.

  4. 4

    Op de last, bedoeld in artikel 9c, derde lid, en op het uitvoeren van de last als bedoeld in het eerste lid, is afdeling 5.3.1 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de artikelen 5:25 en 5:27 tot en met 5:30 van die wet, van overeenkomstige toepassing.

  5. 5

    Degene die op grond van het eerste lid door het CAK verzekerd is, kan de desbetreffende verzekering gedurende een periode van twee weken, te rekenen vanaf de datum waarop het CAK hem daarvan mededeling heeft gedaan, vernietigen, indien hij jegens het CAK alsmede jegens de zorgverzekeraar bij wie die zorgverzekering is gesloten, aantoont in de periode, bedoeld in dat lid, reeds krachtens een andere zorgverzekering verzekerd te zijn geraakt.

  6. 6

    In afwijking van artikel 931 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is een zorgverzekeraar bevoegd een met hem gesloten verzekeringsovereenkomst wegens dwaling te vernietigen, indien achteraf blijkt dat degene die het CAK bij hem verzekerde op dat moment niet verzekeringsplichtig was.

  7. 7

    Zonodig in afwijking van artikel 7, kan, tenzij het derde lid van dat artikel van toepassing is, een verzekeringnemer een zorgverzekering als bedoeld in het eerste lid niet opzeggen gedurende de eerste twaalf maanden waarover deze loopt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBAMS:2023:972Rechtbank Amsterdam, 1 maart 2023 (bestuursrecht)

    "Beroep gegrond. Zorgverzekeringswet. Derde boete voor het niet tijdig afsluiten van een zorgverzekering kan niet in stand blijven vanwege het evenredigheidsbeginsel."

  • ECLI:NL:CRVB:2020:190Centrale Raad van Beroep, 29 januari 2020 (socialezekerheidsrecht)

    Opleggen boetes wegens niet afsluiten zorgverzekering. Bezwaar tegen eerste boete terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens niet verschoonbare termijnoverschrijding. Bezwaar tegen tweede boete…

  • ECLI:NL:GHSHE:2017:3877Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 september 2017 (civiel recht)

    Appellant heeft uit morele overtuiging bezwaar tegen de verplichting een zorgverzekering af te sluiten. De methode van de reguliere geneeskunde deugt volgens appellant niet en hij wenst daaraan niet…

  • ECLI:NL:CRVB:2017:1712Centrale Raad van Beroep, 10 mei 2017 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad verenigt zich met het oordeel van de rechtbank en onderschrijft de overwegingen waarop dat oordeel berust. Zoals overwogen in uitspraak van 25 september 2015 (ECLI:NL:CRVB:2015:3135) kan het…

  • ECLI:NL:CRVB:2015:3954Centrale Raad van Beroep, 11 november 2015 (socialezekerheidsrecht)

    Deze uitspraak is vervallen verklaard bij uitspraak ECLI:NL:CRVB:2016:438.

  • ECLI:NL:CRVB:2015:3135Centrale Raad van Beroep, 25 september 2015 (socialezekerheidsrecht)

    De Centrale Raad van Beroep oordeelt in zijn uitspraak dat de verplichting om een zorgverzekering af te sluiten, zoals neergelegd in artikel 2 Zorgverzekeringswet (Zvw), niet in strijd is met het…

  • ECLI:NL:RBZWB:2014:4205Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 19 juni 2014 (civiel recht)

    CZ als zorgverzekeraar wordt aangemerkt als publiekrechtelijke instelling en daarmee als aanbestedende dienst. Inkoopprocedure stomamateriaal en bijbehorende dienstverlening. CZ beoogt met 1…

  • ECLI:NL:RBDHA:2013:CA4039Rechtbank Den Haag, 5 juni 2013 (bestuursrecht)

    Wet op de rechtsbijstand. Pricipiele bezwaren tegen (eerste) boetebesluit in kader Zorgverzekeringswet. Zwaarwegend belang in de zin van artikel 4, zevende lid, van het Brt? Het pricipiele bezwaar…

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.