Zorgverzekeringswet

Zvw

Huidige tekst

Artikel 34 Zvw

Geldt sinds 1 april 2014

  1. 1

    Uiterlijk op 1 april van het vierde jaar volgende op het kalenderjaar waarvoor de bijdragen, bedoeld in artikel 32 en 33, zijn toegekend, stelt het Zorginstituut de bijdragen vast.

  2. 2

    De vaststelling van een vereveningsbijdrage als bedoeld in artikel 32, houdt in ieder geval in een herberekening van de vereveningsbijdrage op basis van het werkelijke aantal verzekerden dat de zorgverzekeraar in het desbetreffende jaar had en de werkelijke verdeling van de verzekerdenkenmerken als bedoeld in artikel 32, derde lid, over die verzekerden, voor zover de daartoe benodigde gegevens tijdig bij het Zorginstituut zijn aangeleverd.

  3. 3

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels omtrent de berekening van de bijdragen gesteld.

  4. 4

    Het Zorginstituut stelt beleidsregels op waarin wordt aangegeven op welke wijze toepassing wordt gegeven aan de in het derde lid bedoelde regels en op welke wijze een vergoeding voor rentekosten wordt verleend respectievelijk in rekening wordt gebracht.

  5. 5

    Indien de vastgestelde bijdrage hoger is dan de toegekende bijdrage betaalt het Zorginstituut de zorgverzekeraar of diens rechtsopvolger het verschil, vermeerderd met de rentekosten, en indien de vastgestelde bijdrage lager is dan de toegekende bijdrage vordert het Zorginstituut het verschil, vermeerderd met de rentekosten, van de zorgverzekeraar of diens rechtsopvolger terug.

  6. 6

    Het Zorginstituut is bevoegd het bedrag dat na toepassing van het eerste en vijfde lid aan de zorgverzekeraar dient te worden betaald respectievelijk van de zorgverzekeraar dient te worden teruggevorderd, te verrekenen met een toekenning van een bijdrage als bedoeld in artikel 32 of 33 over een later jaar.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2025:5856Raad van State, 3 december 2025 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 22 september 2023 heeft het Zorginstituut de vereveningsbijdrage voor het jaar 2022 voor Zorg en Zekerheid herberekend en voorlopig vastgesteld. Deze eerste voorlopige vaststelling…

  • ECLI:NL:CBB:2024:435College van Beroep voor het bedrijfsleven, 2 juli 2024 (bestuursrecht)

    Verzoek van een zorgaanbieder aan de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) om handhavend op te treden tegen een zorgverzekeraar. Volgens de zorgaanbieder krijgt zij ten onrechte niet het door haar…

  • ECLI:NL:CBB:2024:436College van Beroep voor het bedrijfsleven, 2 juli 2024 (bestuursrecht)

    Verzoek van een zorgaanbieder aan de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) om handhavend op te treden tegen een zorgverzekeraar. Volgens de zorgaanbieder krijgt zij ten onrechte niet het door haar…

  • ECLI:NL:CBB:2024:437College van Beroep voor het bedrijfsleven, 2 juli 2024 (bestuursrecht)

    Verzoek van een zorgaanbieder aan de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) om handhavend op te treden tegen een zorgverzekeraar. Volgens de zorgaanbieder krijgt zij ten onrechte niet het door haar…

  • ECLI:NL:CBB:2023:615College van Beroep voor het bedrijfsleven, 7 november 2023 (bestuursrecht)

    Wmg. Aanwijzing van de NZa aan een zorgverzekeraar om de polisvoorwaarden voor zover die zien op de regeling voor farmaceutische zorg in twee verzekeringen in overeenstemming te brengen met wet- en…

  • ECLI:NL:RVS:2023:2672Raad van State, 12 juli 2023 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 17 maart 2022 heeft het Zorginstituut Nederland de vereveningsbijdrage voor ONVZ voor het jaar 2018 definitief vastgesteld in overeenstemming met de tweede voorlopige vaststelling van…

  • ECLI:NL:CBB:2022:112College van Beroep voor het bedrijfsleven, 15 maart 2022 (bestuursrecht)

    Wmg. Appellante verzoekt verweerster om op grond van artikel 48, eerste lid, onder e, van de Wmg een verplichting op te leggen aan een zorgverzekeraar om onder redelijke voorwaarden alsnog te voldoen…

  • ECLI:NL:CRVB:2018:3779Centrale Raad van Beroep, 20 november 2018 (socialezekerheidsrecht)

    Weigering bijzondere bijstand voor shockwavetherapie. De zorgverzekeringswet geldt als voorliggende voorziening. Daarin is een bewuste keuze gemaakt over de noodzaak van het vergoeden van deze kosten.

18 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.