Wet op de vennootschapsbelasting 1969

Vpb

Huidige tekst

Artikel 10 Vpb

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Bij het bepalen van de winst komen niet in aftrek: a.de niet onder artikel 9 vallende onmiddellijke of middellijke uitdelingen van winst, onder welke naam of in welke vorm ook gedaan; b.de niet onder artikel 9 vallende uitkeringen welke worden gedaan ingevolge statuten, stichtingsbrief of andere soortgelijke akte, tenzij zij naar haar aard tot de kosten van een onderneming behoren; c.renten op inleggelden van een coöperatie of van een vereniging op coöperatieve grondslag, renten op aandelen in een onderlinge waarborgmaatschappij of in een vereniging welke op onderlinge grondslag als verzekeraar of bank optreedt en, in het algemeen, alle vergoedingen voor kapitaalverstrekkingen door oprichters, aandeelhouders, leden, deelnemers of deelgerechtigden als zodanig; d.vergoedingen op een geldlening alsmede waardemutaties van de lening, indien de lening onder zodanige voorwaarden is aangegaan dat deze feitelijk functioneert als eigen vermogen van de belastingplichtige; e.de vennootschapsbelasting, de minimumbelasting, de solidariteitsbijdrage, alsmede belastingen die buiten Nederland in enige vorm naar de winst of bestanddelen van de winst worden geheven, indien voor de belastingplichtige ter zake daarvan een regeling ter voorkoming van dubbele belasting van toepassing is of indien de bestanddelen van de winst waarop de buiten Nederland geheven belasting betrekking heeft niet worden begrepen in de belastbare winst; f.de wegens genoten winst geheven dividendbelasting, wegens genoten voordelen geheven bronbelasting, naar de prijzen van kansspelen geheven kansspelbelasting en naar een balanstotaal geheven bankenbelasting; g.de bedragen aan meer in aanmerking te nemen loon als omschreven in artikel 12a van de Wet op de loonbelasting 1964, in situaties van een aanmerkelijk belang in de belastingplichtige, behoudens indien de belastingplichtige aannemelijk maakt dat over die bedragen bij degene die deze bedragen volgens genoemd artikel geniet per saldo een belasting naar het inkomen wordt geheven die naar Nederlandse maatstaven redelijk is; h.bij lichamen waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon een belang heeft of heeft gehad: door die rechtspersoon geheven belastingen of rechten voorzover aannemelijk is dat de invoering of wijziging daarvan is of was gericht op het verminderen van de grondslag voor de heffing van belastingen naar de winst of het inkomen. De belastingplichtige diezekerheid wenst omtrent de vraag of dit onderdeel ten aanzien van hem toepassing vindt, kan een verzoek indienen bij de inspecteur, die daarop bij voor bezwaar vatbare beschikking beslist; i.kosten en lasten die verband houden met een werkruimte, de inrichting daaronder begrepen, ten behoeve van een natuurlijk persoon die een aanmerkelijk belang als bedoeld in hoofdstuk 4, uitgezonderd de artikelen 4.10 en 4.11, van de Wet inkomstenbelasting 2001 in de belastingplichtige heeft, of van een daarmee verbonden persoon als bedoeld in artikel 3.92 van die wet, in zijn woning die niet tot het vermogen van een onderneming of tot het resultaat uit een werkzaamheid behoort, tenzij de kosten en lasten bestaan uit een vergoeding die als loon wordt belast dan wel de werkruimte een naar verkeersopvatting zelfstandig gedeelte van de woning vormt en: 1º. ingeval bedoeld persoon tevens een werkruimte buiten die woning ter beschikking heeft, hij zijn belastbaar loon hoofdzakelijk in de werkruimte in die woning verwerft, of 2º. ingeval bedoeld persoon niet tevens een werkruimte buiten die woning ter beschikking heeft, hij zijn belastbaar loon hoofdzakelijk in of vanuit de werkruimte in die woning verwerft en in belangrijke mate in de werkruimte in die woning verwerft; j.uitreiking of toekenning van aandelen in het kapitaal van de belastingplichtige of in dat van een met de belastingplichtige verbonden lichaam, van winstbewijzen in de belastingplichtige of in een met de belastingplichtige verbonden lichaam, alsmede van rechten om aandelen in het kapitaal van of winstbewijzen in de belastingplichtige of een met de belastingplichtige verbonden lichaam te verwerven of van daarmee gelijk te stellen rechten, daaronder begrepen aan werknemers van wie het loon op jaarbasis meer bedraagt dan € 728.000 toegekende rechten waarvan de waarde hoofdzakelijk direct of indirect wordt bepaald door de waardeverandering van die aandelen of winstbewijzen; k.bij verenigingen en stichtingen die op de voet van de Woningwet bij koninklijk besluit zijn toegelaten als instellingen die in het belang van de volkshuisvesting werkzaam zijn: de verschuldigde bijdragen, bedoeld in artikel 58, tweede lid, van de Woningwet.

  2. 2

    Voor de toepassing van dit artikel wordt onder woning mede verstaan: een duurzaam aan een plaats gebonden schip of woonwagen als bedoeld in artikel 1, onder l, van de Wet op de huurtoeslag, alsmede de aanhorigheden van een woning, schip of woonwagen.

  3. 3

    Bij ministeriële regeling worden regels gesteld ter bepaling van hetgeen voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel j, wordt verstaan onder werknemers en onder het loon op jaarbasis.

  4. 4

    Bij het begin van het kalenderjaar wordt het in het eerste lid, onderdeel j, genoemde bedrag bij ministeriële regeling vervangen door een ander bedrag. Dit bedrag wordt berekend door het te vervangen bedrag te vermenigvuldigen met de tabelcorrectiefactor, bedoeld in artikel 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001, en vervolgens de nodig geachte afronding aan te brengen. Indien in het voorafgaande kalenderjaar een dergelijke afronding is toegepast, kan bij vervanging worden uitgegaan van het niet-afgeronde bedrag.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1401Parket bij de Hoge Raad, 20 december 2024 (belastingrecht)

    Bijlage: ECLI:NL:PHR:2024:1402 Mocht de inspecteur stukken - waaronder fiscale adviezen - verkregen van FIOD gebruiken voor de heffing? Informeel verschoningsrecht. Fiscale vestigingsplaats.…

  • ECLI:NL:PHR:2023:1096Parket bij de Hoge Raad, 1 december 2023 (belastingrecht)

    Aftrekbeperking ex art. 10(1)(j) Wet Vpb, werknemers-aandelenoptierechten toegekend onder opschortende voorwaarden worden cash afgekocht; kapitaalsfeer? Onderscheid opschortende en ontbindende…

  • ECLI:NL:PHR:2021:79Parket bij de Hoge Raad, 28 januari 2021 (belastingrecht)

    Dividend stripping? Securities lending. Wie is juridisch eigenaar c.q. opbrengstgerechtigde en dus verrekeningsgerechtigd? Beroep op Frans recht. Subsidiair: wie is ‘Uiteindelijk gerechtigde’ ex art.…

  • ECLI:NL:PHR:2017:330Parket bij de Hoge Raad, 4 april 2017 (belastingrecht)

    Belanghebbende was van september 2002 tot begin 2010 als financieel-directeur in dienst bij [E] BV, een dochtervennootschap van [G] Holding. Eind 2008 is een raamovereenkomst gesloten tussen…

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:1513Gerechtshof Den Haag, 8 juli 2025 (belastingrecht)

    Aanslag Vpb 2017. Compromis bezwaarfase vernietigbaar op grond van dwaling. Verkoop woning en garage door dochtermaatschappij van de fiscale eenheid van belanghebbende aan de zoon van de dga tegen…

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:1514Gerechtshof Den Haag, 8 juli 2025 (belastingrecht)

    Aanslag IB/PVV 2017. Compromis bezwaarfase vernietigbaar op grond van dwaling. Verkoop woning en garage door dochtervennootschap van de holding van belanghebbende aan de zoon van belanghebbende tegen…

  • ECLI:NL:GHSHE:2023:1713Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24 mei 2023 (belastingrecht)

    Belanghebbende bepleit aftrek van een aantal posten. Het hof is van oordeel dat belanghebbende die aftrek, behoudens de aftrek van het in de IB/PVV aanmerking genomen gebruikelijk loon, niet…

  • ECLI:NL:GHSHE:2023:685Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 22 februari 2023 (belastingrecht)

    Toepassing van artikel 10, lid 1, aanhef en letter j, Wet Vpb (artikel 10-1-j) en werknemersoptiearresten? Het hof gaat uitgebreid in op de achtergrond en context van artikel 10-1-j. Het hof is van…

118 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.