Wet dieren

Huidige tekst

Artikel 9.8 Wet dieren

Geldt sinds 21 april 2021

Hoogte tegemoetkoming 1 De tegemoetkoming in de schade bedraagt: a.voor verdachte dieren: de waarde in gezonde toestand; b.voor zieke of dode dieren: het bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gedeelte van de waarde in gezonde toestand; c.voor producten: de marktwaarde, en d.voor voorwerpen: de vervangingswaarde. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan voor bepaalde dieren, diersoorten of diercategorieën aan de tegemoetkoming in de schade een maximum worden gesteld. 3 Voordat dieren worden gedood of producten of voorwerpen onschadelijk worden gemaakt of vernietigd, wordt de waarde daarvan vastgesteld. 4 Van het derde lid kan in uitzonderlijke gevallen om redenen van spoedeisendheid worden afgeweken. 5 Onze Minister stelt, op basis van een advies over de waarde opgesteld door een door hem aangewezen deskundige, de tegemoetkoming in de schade vast. 6 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de uitvoering van de waardevaststelling, bedoeld in het derde lid. Deze regels hebben betrekking op: a.het tijdstip dat als ijkmoment geldt voor de waardevaststelling; b.de kwalificatie van de dieren, producten of voorwerpen waarvan de waarde moet worden vastgesteld; c.de wijze van waardevaststelling, en d.de herwaardering van de waardevaststelling door een of meer deskundigen. 7 Onze Minister stelt een formulier vast waarop de onderbouwing van het advies over de waarde wordt vastgelegd. Het formulier bevat in elk geval de volgende gegevens: a.de aanduiding van hetgeen waarvan de waarde wordt vastgesteld; b.de voor de waardevaststelling relevante gegevens, en c.de waarde en de motivering ervan. 8 Zo spoedig mogelijk nadat de waarde is vastgesteld deelt Onze Minister aan de houder het bedrag van de tegemoetkoming in de schade mede.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CBB:2026:158College van Beroep voor het bedrijfsleven, 6 mei 2026 (bestuursrecht)

    Ruiming pluimveebedrijf, vogelgriep, hoogte tegemoetkoming - Artikel 4.3 van het Besluit diergezondheid bepaalt welke elementen een rol mogen spelen bij de vaststelling van de waarde van dieren die…

  • ECLI:NL:CBB:2026:198College van Beroep voor het bedrijfsleven, 6 mei 2026 (bestuursrecht)

    Ruiming pluimveebedrijf, vogelgriep, hoogte tegemoetkoming - De onderneming heeft geen omstandigheden aangevoerd op basis waarvan de staatssecretaris had moeten besluiten dat hij de door de taxateur…

  • ECLI:NL:CBB:2026:35College van Beroep voor het bedrijfsleven, 3 februari 2026 (bestuursrecht)

    Ruiming van pluimvee in verband met besmetting met hoogpathogene aviaire influenza (HPAI). Onjuiste bepaling door de minister van het ijkmoment als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit…

  • ECLI:NL:CBB:2024:529College van Beroep voor het bedrijfsleven, 30 juli 2024 (bestuursrecht)

    Tegemoetkoming na preventieve ruiming pluimveebedrijf. Taxatie van legkippen aan de hand van waardetabellen. De onderneming heeft geen omstandigheden aangevoerd op basis waarvan de minister had…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.