Wet dieren

Huidige tekst

Artikel 11.1 Wet dieren

Geldt sinds 1 juli 2014

Overgangsrecht 1 Besluiten, niet inhoudende een algemeen verbindend voorschrift, genomen bij of krachtens de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de Kaderwet diervoeders, de Diergeneesmiddelenwet, de Wet op de dierenbescherming, de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990 of, voor zover zij betrekking hebben op onderwerpen waarop deze wet van toepassing is, krachtens de Landbouwkwaliteitswet of de Landbouwwet, die gelden op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, worden geacht te zijn genomen op grond van deze wet, onder dezelfde voorschriften, beperkingen en voorwaarden. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot voorschriften, beperkingen en voorwaarden voor zover de uitvoering van bindende onderdelen van EU-rechtshandelingen dit vereist. 2 Meldingen, gedaan ter voldoening aan verplichtingen bij of krachtens de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de Kaderwet diervoeders, de Diergeneesmiddelenwet, de Wet op de dierenbescherming, de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990 of, voor zover zij betrekking hebben op onderwerpen waarop deze wet van toepassing is, krachtens de Landbouwkwaliteitswet of de Landbouwwet, worden geacht te zijn gedaan op grond van deze wet. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot voorschriften, beperkingen en voorwaarden voorzover de uitvoering van bindende onderdelen van EU-rechtshandelingen dit vereist. 3 Ten aanzien van besluiten als bedoeld in het eerste lid doet Onze Minister per soort, onderverdeeld naar de bepaling of bepalingen waarop de besluiten berustten, mededeling in de Staatscourant van de bepaling of bepalingen waarop zij vanaf het moment van inwerkingtreding van de wet worden geacht te berusten. 4 De op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet aanhangige aanvragen, verzoeken tot het nemen van een besluit als bedoeld in het eerste lid, zijn aanhangig in de staat, waarin zij zich op dat moment bevinden en worden vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet overeenkomstig het bepaalde bij en krachtens deze wet behandeld. 5 De op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet aanhangige bezwaarschriften die betrekking hebben op het nemen van een besluit als bedoeld in het eerste lid, zijn aanhangig in de staat, waarin zij zich op dat moment bevinden en worden overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van de wetten, bedoeld in het eerste lid, behandeld en beslist. 6 De op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven aanhangige zaken die betrekking hebben op het nemen van een besluit als bedoeld in het eerste lid, worden overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van de wetten, bedoeld in het eerste lid, behandeld en beslist. 7 Dierenartsen die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet zijn ingeschreven in het register van praktizerende dierenartsen, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990, worden geacht te zijn ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 4.3, eerste lid. 8 Artikel 5.13 is van overeenkomstige toepassing op dieren die in strijd met artikel 73 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, zoals dat luidde bij inwerkingtreding van deze wet, zijn gefokt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBROT:2020:11523Rechtbank Rotterdam, 15 december 2020 (bestuursrecht)

    Bestuurlijke boete en last onder dwangsom wegens het niet binnen 24 uur door netbeheerder doorgeven van informatie over haar netwerk onder de grond aan het kadaster, dit naar aanleiding van een…

  • ECLI:NL:CBB:2017:160College van Beroep voor het bedrijfsleven, 1 mei 2017 (bestuursrecht)

    Hoger beroep, boete, wet dieren, artikel 5.8 en 5.16 Regeling diergeneesmiddelen, verkoop diergeneesmiddelen tijdens hengstenkeuring

  • ECLI:NL:CBB:2016:309College van Beroep voor het bedrijfsleven, 19 oktober 2016 (bestuursrecht)

    Overgangsrecht Wet dieren niet van toepassing op herstelsancties. Ex tunc toetsing herstelsancties

  • ECLI:NL:CBB:2016:139College van Beroep voor het bedrijfsleven, 19 mei 2016 (bestuursrecht)

    Artikel 2.1 en 2.2 Wet dieren, artikel 36 en 37 Gwd, geen bijzondere omstandigheden, beroep ongegrond

  • ECLI:NL:CBB:2016:135College van Beroep voor het bedrijfsleven, 4 mei 2016 (bestuursrecht)

    Last onder bestuursdwang, Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid, en artikel 2.2 Wet dieren, beroep gegrond

  • ECLI:NL:CBB:2013:BZ1605College van Beroep voor het bedrijfsleven, 7 februari 2013 (bestuursrecht)

    Is hier sprake van - herhaalde - ovetredijng van het exportverbod van van herkauwers afkomstige verwerkte dierlijke eiwitten. Volgens verweerder voldoet verzoekster niet aan de uitzondering van dit…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.