Huidige tekst
Artikel V/3 STCW
Voorschrift V/3 Verplichte minimumeisen inzake opleiding en kwalificaties van kapiteins, officieren en gezellen en ander personeel op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is 1 Dit voorschrift is van toepassing op kapiteins, officieren en gezellen en ander personeel die dienst doen aan boord van schepen waarop de IGF-Code van toepassing is. 2 Alvorens hun taken aan boord van schepen waarop de IGF-Code van toepassing is worden opgedragen, dienen zeevarenden de training, zoals vereist in de onderstaande leden 4 tot en met 9, te hebben voltooid in overeenstemming met hun hoedanigheid, taken en verantwoordelijkheden. 3 Alvorens hun taken aan boord van schepen worden opgedragen, dienen alle zeevarenden die dienst doen aan boord van schepen waarop de IGF-Code van toepassing is naar behoren specifiek vertrouwd te worden gemaakt met het schip en de uitrusting zoals omschreven in voorschrift I/14, lid 1.5. 4 Zeevarenden die verantwoordelijk zijn voor aangewezen veiligheidstaken in verband met de zorg voor, het gebruik van of noodgevallen met de brandstof aan boord van schepen waarop de IGF-Code van toepassing is, dienen in het bezit te zijn van een bewijs van de basistraining voor dienst op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is. 5 Kandidaten voor een bewijs van de basistraining voor dienst op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is, dienen de basistraining in overeenstemming met de bepalingen van sectie A-V/3, lid 1, van de STCW-Code te hebben afgerond. 6 Zeevarenden die verantwoordelijk zijn voor aangewezen veiligheidstaken in verband met de zorg voor, het gebruik van of noodgevallen met brandstof aan boord van schepen waarop de IGF-Code van toepassing is die gekwalificeerd en gecertificeerd zijn volgens voorschrift V/1-2, leden 2 en 5, of voorschrift V/1-2, leden 4 en 5, op vloeibaar-gastankschepen, worden geacht te voldoen aan de vereisten omschreven in sectie A-V/3, lid 1, voor de basistraining voor dienst op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is. 7 Kapiteins, scheepswerktuigkundigen en alle personeel dat rechtstreeks verantwoordelijk is voor de zorg voor en het gebruik van brandstoffen en brandstofsystemen op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is, dienen in het bezit te zijn van een bewijs van de vervolgtraining voor dienst op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is. 8 Kandidaten voor een bewijs van de vervolgtraining voor dienst op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is, dienen in het bezit te zijn van een bewijs van bekwaamheid zoals omschreven in lid 4 en voorts: .1 de goedgekeurde vervolgtraining voor dienst op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is te hebben voltooid en te voldoen aan de eisen van bekwaamheid omschreven in sectie A-V/13, lid 2, van de STCW-Code; en .2 ten minste een maand goedgekeurde diensttijd met ten minste drie bunkeroperaties te hebben verricht aan boord van schepen waarop de IGF-Code van toepassing is. Twee van de drie bunkeroperaties mogen worden vervangen door een goedgekeurde training met simulatoren voor bunkeroperaties als onderdeel van de training in lid 8.1 hierboven. 9 Kapiteins, scheepswerktuigkundigen en alle personeel dat rechtstreeks verantwoordelijk is voor de zorg voor en het gebruik van brandstoffen en brandstofsystemen op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is, die gekwalificeerd en gecertificeerd zijn volgens de eisen van bekwaamheid omschreven in sectie A–V/1-2, lid 2, voor dienst op vloeibaar-gastankschepen worden geacht te hebben voldaan aan de vereisten omschreven in sectie A-V/3, lid 2, voor vervolgtraining voor dienst op schepen waarop de IGF-Code van toepassing is, mits zij tevens: .1 voldoen aan de vereisten van lid 6; en .2 voldoen aan de bunkervereisten van lid 8.2 of hebben deelgenomen aan de uitvoering van drie ladingoperaties aan boord van het vloeibaar-gastankschip; en .3 de voorgaande vijf jaar drie maanden dienst buitengaats hebben verricht aan boord van: .1 schepen waarop de IGF-Code van toepassing is; .2 tankschepen met als lading brandstoffen waarop de IGF-Code van toepassing is; of .3 schepen die gas of brandstof met een laag vlampunt gebruiken als brandstof. 10 Elke Partij vergelijkt de eisen van bekwaamheid die zij vóór 1 januari 2017 stelde aan personen die dienst doen op schepen met gas als brandstof met de eisen van bekwaamheid in sectie A-V/3 van de STCW-Code en onderzoekt of het noodzakelijk is van deze personen te verlangen dat zij zich laten bijscholen. 11 De Administraties waarborgen dat een bewijs van bekwaamheid wordt afgegeven aan zeevarenden die in overeenstemming met de leden 4 of 7, naargelang van toepassing, gekwalificeerd zijn. 12 Zeevarenden die in het bezit zijn van een bewijs van bekwaamheid in overeenstemming met de leden 4 of 7 hierboven dienen passende herhalingscursussen te volgen met tussenpozen van ten hoogste vijf jaar of aan te tonen dat zij in de afgelopen vijf jaar het voorgeschreven niveau van vaarbevoegdheid hebben behaald.