Huidige tekst
Artikel I/13 STCW
Voorschrift I/13 Uitvoering van experimenten 1 Deze voorschriften beletten een Administratie niet schepen, die gerechtigd zijn haar vlag te voeren, toestemming te geven om deel te nemen aan experimenten. 2 Voor de toepassing van dit voorschrift wordt onder de uitdrukking “experiment” verstaan een experiment of een reeks experimenten, uitgevoerd gedurende een bepaalde periode, waarbij gebruik kan worden gemaakt van geautomatiseerde of geïntegreerde systemen, teneinde alternatieve methoden te onderzoeken voor het uitvoeren van bepaalde taken of het voldoen aan bijzondere regelingen die zijn voorgeschreven door het Verdrag, waarmee ten minste dezelfde mate van veiligheid, beveiliging en voorkoming van verontreiniging kan worden bereikt als voorzien in deze voorschriften. 3 De Administratie die schepen toestemming geeft voor deelname aan experimenten dient zich ervan te vergewissen dat deze experimenten worden uitgevoerd op een wijze die ten minste dezelfde mate van veiligheid, beveiliging en voorkoming van verontreiniging bereikt als voorzien in deze voorschriften. Deze experimenten worden uitgevoerd in overeenstemming met de door de Organisatie aangenomen richtlijnen. 4 De gegevens betreffende dergelijke experimenten worden zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk zes maanden voor de datum waarop de aanvang van de experimenten gepland is, gemeld aan de Organisatie. De Organisatie zendt deze gegevens toe aan alle Partijen. 5 De resultaten van de experimenten waarvoor krachtens lid 1 toestemming is gegeven en alle aanbevelingen die de Administratie met betrekking tot die resultaten nuttig acht, worden gemeld aan de Organisatie die deze resultaten en aanbevelingen aan alle Partijen toezendt. 6 Elke Partij die bezwaar heeft tegen bepaalde experimenten waarvoor in overeenstemming met dit voorschrift toestemming is verleend, deelt haar bezwaar zo spoedig mogelijk mee aan de Organisatie. De Organisatie zendt de bijzonderheden van het bezwaar toe aan alle Partijen. 7 Een Administratie die toestemming heeft verleend voor een experiment respecteert de bezwaren die ter zake van dat experiment zijn ontvangen van andere Partijen, door schepen die gerechtigd zijn haar vlag te voeren te gelasten niet deel te nemen aan een experiment wanneer zij varen in de kustwateren van een Staat die zijn bezwaar aan de Organisatie heeft medegedeeld. 8 Een Administratie die op basis van een experiment vaststelt dat een bepaald systeem de veiligheid, beveiliging en het voorkomen van verontreiniging in ten minste dezelfde mate waarborgt als voorzien in deze voorschriften, kan schepen die gerechtigd zijn haar vlag te voeren, machtigen een dergelijk systeem voor onbepaalde tijd te blijven gebruiken onder de volgende voorwaarden: .1 nadat de resultaten van het experiment in overeenstemming met lid 5 zijn gemeld, deelt de Administratie de bijzonderheden van de toestemming, met inbegrip van de identiteit van de specifieke schepen die in aanmerking komen voor de toestemming, mede aan de Organisatie, die deze informatie toezendt aan alle Partijen; .2 alle handelingen waarvoor krachtens dit lid machtiging is verleend worden uitgevoerd in overeenstemming met eventuele door de Organisatie opgestelde richtlijnen, in dezelfde mate waarin zij gedurende een experiment gelden; .3 bij dergelijke handelingen dienen alle van andere Partijen in overeenstemming met lid 7 ontvangen bezwaren voor zover deze niet zijn ingetrokken, te worden gerespecteerd; en .4 een handeling waarvoor uit hoofde van dit lid toestemming is verleend, mag slechts worden toegestaan in afwachting van een besluit van de Maritieme Veiligheidscommissie waarbij bepaald wordt of een wijziging van het Verdrag terecht zou zijn, en, in dat geval, of tot opschorting van de handeling dan wel tot voortzetting ervan dient te worden besloten, alvorens de wijziging in werking treedt. 9 De Maritieme Veiligheidscommissie stelt op verzoek van een Partij een datum vast voor de bestudering van de resultaten van het experiment en voor de desbetreffende besluiten.