Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten

Wzd

Huidige tekst

Artikel 29 Wzd

Geldt sinds 6 november 2021

  1. 1

    In afwijking van artikel 24, eerste lid, is onvrijwillige opname in een geregistreerde accommodatie van een persoon zonder rechterlijke machtiging mogelijk met een beschikking tot inbewaringstelling van de burgemeester van de gemeente waarin de betreffende persoon zich bevindt.

  2. 2

    De beschikking, bedoeld in het eerste lid, kan slechts worden genomen indien naar het oordeel van de burgemeester: a.er sprake is van ernstig nadeel; b.het ernstig nadeel zodanig onmiddellijk dreigend is dat een rechterlijke machtiging als bedoeld in artikel 24, eerste lid, niet kan worden afgewacht; c.het ernstige vermoeden bestaat dat dit ernstige nadeel wordt veroorzaakt door het gedrag van de persoon als gevolg van zijn psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap, dan wel als gevolg van een daarmee gepaard gaande psychische stoornis of een combinatie hiervan; d.de inbewaringstelling noodzakelijk is om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden; e.de inbewaringstelling geschikt is om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden, en f.er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden.

  3. 3

    De beschikking gaat in op de onvrijwilligheid, als bedoeld in artikel 24, tweede lid, de omstandigheden waaruit deze onvrijwilligheid bestaat en alle onderdelen genoemd in het tweede lid.

  4. 4

    De beschikking heeft een geldigheidsduur van ten hoogste drie dagen. Indien de termijn, bedoeld in de eerste volzin, eindigt op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag als bedoeld in de Algemene termijnenwet, wordt deze verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.

  5. 5

    Onverminderd het vierde lid, vervalt de beschikking op het moment waarop de rechter heeft beslist op een verzoek tot het verlenen van een machtiging als bedoeld in artikel 37 respectievelijk het CIZ heeft beslist op de aanvraag voor een besluit tot opname en verblijf als bedoeld in artikel 21, eerste lid, indien het CIZ voor het verstrijken van de geldigheidsduur van de beschikking een verzoek tot het verlenen van een machtiging als bedoeld in artikel 37 heeft gedaan dan wel er voor het verstrijken van de geldigheidsduur van de beschikking een aanvraag voor een besluit tot opname en verblijf als bedoeld in artikel 21, eerste lid, is gedaan.

  6. 6

    Een afschrift van de beschikking wordt uitgereikt aan de betrokkene en zijn vertegenwoordiger.

  7. 7

    De burgemeester kan de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, uitsluitend mandateren aan een wethouder.

  8. 8

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur, vast te stellen op de voordracht van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, kunnen nadere voorschriften worden gegeven met betrekking tot de beschikking tot inbewaringstelling.

  9. 9

    Indien de beschikking tot inbewaringstelling betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt de beschikking tot inbewaringstelling als machtiging, als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:739Parket bij de Hoge Raad, 17 juli 2026 (personen- en familierecht)

    Wzd. Besluit tot opname en verblijf (art. 21 Wzd). Verval van artikel 21-besluit (art. 22 lid 10 Wzd). Is een artikel 21-besluit een geldige titel tijdens (de voorbereiding van) een procedure voor…

  • ECLI:NL:HR:2026:578Hoge Raad, 10 april 2026 (civiel recht)

    Zorgwetten. Wet zorg en dwang. Machtiging tot voortzetting inbewaringstelling (art. 37 Wzd). Is psychiater ook ter zake kundige arts als bedoeld in art. 26 lid 6, onder d, Wzd? Aan medische…

  • ECLI:NL:PHR:2026:177Parket bij de Hoge Raad, 13 februari 2026 (personen- en familierecht)

    Wzd. Machtiging tot voorzetting inbewaringstelling. Psychiater als een ter zake kundige arts in de zin van de Wzd. Medische verklaring en het daarop gebaseerde oordeel van de rechter. Second opinion?

  • ECLI:NL:HR:2025:385Hoge Raad, 14 maart 2025 (civiel recht)

    Wzd. Machtiging tot voortzetting inbewaringstelling (art. 37 Wzd). Tenuitvoerlegging in Wvggz-accommodatie. Art. 24 Wzd en 5 EVRM. Verzet betrokkene zich tegen opname in Wzd-accommodatie?

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:7129Rechtbank Gelderland, 1 september 2026 (personen- en familierecht)

    Schadevergoeding op grond van artikel 44 Wzd. Verblijf in zorginstelling zonder geldige titel. Rechtbank wijst verzoek gedeeltelijk toe en matigt de hoogte van de schadevergoeding.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:8339Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30 juli 2026 (personen- en familierecht)

    WZD. Verzoek afgewezen, ontbreekt aan verzet. Betrokkene wil vrijwillig in het verpleeghuis verblijven.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:7912Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20 juli 2026 (personen- en familierecht)

    Afwijzing IBS - minder bezwarende alternatieven mogelijk doordat in de thuissituatie nog geen hulp is ingezet

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:6843Rechtbank Amsterdam, 19 juni 2026 (personen- en familierecht)

    IBS afwijzing.

66 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.