Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren

Wrra

Huidige tekst

Artikel 2 Wrra

Geldt sinds 1 januari 2017

  1. 1

    De benoeming in het ambt van president van, vice-president van, raadsheer in of raadsheer in buitengewone dienst bij de Hoge Raad, senior raadsheer, raadsheer of raadsheer-plaatsvervanger in een gerechtshof, senior rechter A, senior rechter, rechter of rechter-plaatsvervanger in een rechtbank, of procureur-generaal, plaatsvervangend procureur-generaal, advocaat-generaal of advocaat-generaal in buitengewone dienst bij de Hoge Raad, geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister voor het leven.

  2. 2

    De benoeming in het ambt van procureur-generaal, deel uitmakend van het College van procureurs-generaal, landelijk hoofdadvocaat-generaal bij het ressortsparket, hoofdadvocaat-generaal, senior advocaat-generaal of advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal, dan wel hoofdofficier van justitie, plaatsvervangend hoofdofficier van justitie, senior officier van justitie A, senior officier van justitie, officier van justitie of substituut-officier van justitie bij een arrondissementsparket, het landelijk parket, het functioneel parket, het parket centrale verwerking openbaar ministerie of het parket-generaal geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister.

  3. 3

    De benoeming in het ambt van plaatsvervangend advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal, plaatsvervangend officier van justitie, officier enkelvoudige zittingen dan wel plaatsvervangend officier enkelvoudige zittingen geschiedt bij besluit van Onze Minister.

  4. 4

    In afwijking van het derde lid kan het College van procureurs-generaal de landelijk hoofdadvocaat-generaal of een hoofdadvocaat-generaal, senior advocaat-generaal, advocaat-generaal of plaatsvervangend advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal benoemen tot plaatsvervangend officier van justitie bij een arrondissementsparket, het landelijk parket, het functioneel parket, het parket centrale verwerking openbaar ministerie of het parket-generaal.

  5. 5

    In afwijking van het derde lid kan het College van procureurs-generaal een hoofdofficier van justitie, plaatsvervangend hoofdofficier van justitie, senior officier van justitie A, senior officier van justitie, officier van justitie, substituut-officieren van justitie of plaatsvervangend officier van justitie bij een arrondissementsparket, het landelijk parket, het functioneel parket, het parket centrale verwerking openbaar ministerie of het parket-generaal benoemen tot plaatsvervangend advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal.

  6. 6

    De benoeming in het ambt van senior-gerechtsauditeur of gerechtsauditeur geschiedt bij besluit van Onze Minister, indien het een benoeming in tijdelijke dienst betreft, onderscheidenlijk bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister, indien het een benoeming in vaste dienst betreft. Onze Minister benoemt niet onderscheidenlijk doet geen voordracht voor benoeming dan op voorstel van de betrokken functionele autoriteit.

  7. 7

    De benoeming in het ambt van griffier dan wel substituut-griffier van de Hoge Raad geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister.

  8. 8

    De benoeming in het ambt van rechter in opleiding en officier in opleiding geschiedt bij besluit van Onze Minister.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:806Parket bij de Hoge Raad, 18 juli 2025 (strafrecht)

    Vordering van PG tot cassatie in het belang der wet. Getuigenverhoor door een senior gerechtsjurist. In een pilot van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden geschiedt het verhoor van getuigen, na een…

  • ECLI:NL:PHR:2024:435Parket bij de Hoge Raad, 23 april 2024 (strafrecht)

    Conclusie PG. Veroordeling wegens zware mishandeling en vernieling (art. 302 en 350 Sr). In het tweede middel wordt geklaagd dat het arrest van het hof mede is gewezen door een raadsheer die niet als…

  • ECLI:NL:PHR:2022:1261Parket bij de Hoge Raad, 23 december 2022 (civiel recht)

    Voormalig rechter in opleiding die in het kader van opleiding was benoemd tot rechter-plaatsvervanger wordt niet meer ingezet als plaatsvervanger omdat de opleiding is beëindigd vanwege een negatieve…

  • ECLI:NL:PHR:2022:819Parket bij de Hoge Raad, 13 september 2022 (strafrecht)

    Vordering tot cassatie in het belang der wet over het gebruik van een onjuiste tekst bij beëdigingen van raadsheren(-plaatsvervangers). De procureur-generaal komt tot de conclusie dat de…

  • ECLI:NL:RBOVE:2023:4293Rechtbank Overijssel, 31 oktober 2023 (civiel recht)

    Verzoeker is als rechter in opleiding werkzaam geweest bij de Rechtbank Noord-Nederland, heeft daar een negatieve beoordeling gekregen, en verzoekt een transitievergoeding. De kantonrechter is van…

  • ECLI:NL:PHR:2022:820Parket bij de Hoge Raad, 13 september 2022 (belastingrecht)

    Vordering tot cassatie in het belang der wet over het gebruik van een onjuiste tekst bij beëdigingen van raadsheren(-plaatsvervangers). De procureur-generaal komt tot de conclusie dat de…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1234Parket bij de Hoge Raad, 7 oktober 2021 (civiel recht)

    Vordering Procureur-Generaal bij de Hoge Raad als bedoeld in art. 46o Wrra, op verzoek van functionele autoriteit, tot ontslag rechter-plaatsvervanger op grond van art. 46m, aanhef en onder d, Wrra.…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1236Parket bij de Hoge Raad, 23 augustus 2021 (civiel recht)

    Vordering Procureur-Generaal bij de Hoge Raad als bedoeld in art. 46o Wrra, op verzoek van functionele autoriteit, tot ontslag rechter-plaatsvervanger op grond van art. 46m, aanhef en onder d, Wrra.…

22 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.