Wet luchtvaart

WLV

Huidige tekst

Artikel 3.18 WLV

Geldt sinds 1 oktober 2001

  1. 1

    Onze Minister van Defensie kan een bewijs van luchtwaardigheid voor een militair luchtvaartuig schorsen, wanneer: a.een ernstig vermoeden rijst dat het betrokken luchtvaartuig niet luchtwaardig is, of b.het type-certificaat met betrekking tot dat luchtvaartuig is geschorst of ingetrokken.

  2. 2

    Onze Minister van Defensie heft de schorsing op zodra de redenen van de schorsing zijn komen te vervallen.

  3. 3

    Onze Minister van Defensie trekt een bewijs van luchtwaardigheid voor een militair luchtvaartuig in, wanneer het betrokken luchtvaartuig: a.onherstelbaar is beschadigd, of b.definitief buiten gebruik wordt gesteld.

  4. 4

    Onze Minister van Defensie kan een bewijs van luchtwaardigheid voor een militair luchtvaartuig intrekken, wanneer het betrokken luchtvaartuig anders dan wegens onherstelbare beschadiging niet luchtwaardig is.

  5. 5

    Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gegeven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.