Wet luchtvaart

WLV

Huidige tekst

Artikel 2.1 WLV

Geldt sinds 18 januari 2016

  1. 1

    Het is verboden een luchtvaartuig te bedienen, luchtverkeersdiensten te verlenen, luchthaveninformatie te verstrekken of een grondstation of een mobiel station in de luchtvaartmobiele band, waarvoor een vergunning is vereist als bedoeld in artikel 3.13 van de Telecommunicatiewet of de Wet telecommunicatievoorzieningen BES, te bedienen zonder het daarvoor geldige bewijs van bevoegdheid of geldige bewijs van gelijkstelling.

  2. 2

    Voor het bedienen van een Nederlands burgerluchtvaartuig, het verlenen van luchtverkeersdiensten, het verstrekken van luchthaveninformatie of het bedienen van een grondstation of een mobiel station als bedoeld in het eerste lid is het bezit vereist van hetzij: a.een door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu afgegeven bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling, b.een bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling, afgegeven door de bevoegde autoriteit van een door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu op grond van artikel 2.8 aangewezen staat of door een door hem aangewezen internationale organisatie. Betrokkene dient in geval van toepassing van onderdeel a tevens in het bezit te zijn van een geldige medische verklaring, bedoeld in artikel 2.4, afgegeven door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu dan wel door de bevoegde autoriteit van een door hem aangewezen staat, hetzij c. een erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties.

  3. 3

    Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere werkzaamheden aan boord van een burgerluchtvaartuig worden aangewezen, die niet mogen worden verricht zonder een door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu afgegeven bewijs van bevoegdheid, bewijs van gelijkstelling of een erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties.

  4. 4

    Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan ontheffing verlenen van het bepaalde bij of krachtens dit artikel, wanneer door bijzondere omstandigheden die regels in redelijkheid geen toepassing kunnen vinden en de veiligheid van het luchtverkeer met het verlenen van de ontheffing niet in gevaar wordt gebracht. Aan de ontheffing kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.

  5. 5

    Onze Minister van Infrastructuur en Milieu trekt de door hem verleende ontheffing in, wanneer a. de redenen, waarom de ontheffing is verleend, zijn komen te vervallen; b. de houder van de ontheffing de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen niet naleeft.

  6. 6

    Het is verboden te handelen in strijd met een voorschrift als bedoeld in het vierde lid.

  7. 7

    Voor zover het eerste lid betrekking heeft op het bedienen van een grondstation of een mobiel station als bedoeld in dat lid, is het onverminderd artikel 1.2, eerste lid, eveneens van toepassing op het continentaal plat, bedoeld in artikel 1 van de Mijnbouwwet, voor zover dat buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam ligt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2020:163Parket bij de Hoge Raad, 7 januari 2020 (strafrecht)

    Economische zaak. Met vliegtuig landen op luchthaven Lelystad, terwijl verdachte niet beschikt over geldig bewijs van luchtwaardigheid van vliegtuig en geldig bewijs van bevoegdheid en zijn vliegtuig…

  • ECLI:NL:GHAMS:2021:630Gerechtshof Amsterdam, 4 maart 2021 (strafrecht)

    Overtredingen van de Wet Luchtvaart. Hof gaat in op regelgeving tav de paramotortrike. Art. 9a Sr voor bedienen van een luchtvaartuig zonder een afgegeven geldig bewijs van bevoegdheid. Geldboete…

  • ECLI:NL:GHAMS:2021:631Gerechtshof Amsterdam, 4 maart 2021 (strafrecht)

    Overtredingen van de Wet Luchtvaart. Hof gaat in op regelgeving tav de paramotortrike. Art. 9a Sr voor bedienen luchtvaartuig zonder afgegeven geldig bewijs van bevoegdheid. Geldboetes voor…

  • ECLI:NL:GHAMS:2018:5200Gerechtshof Amsterdam, 24 augustus 2018 (strafrecht)

    Economisch strafrecht. De verdachte heeft de strikte regelgeving voor het luchtvaartverkeer, die mede ziet op de veiligheid van de luchtvaart, met voeten getreden hetgeen het hof de verdachte kwalijk…

  • ECLI:NL:CRVB:2016:2117Centrale Raad van Beroep, 2 juni 2016 (socialezekerheidsrecht)

    Overschrijding redelijke termijn. Proceskosten veroordeling.

  • ECLI:NL:RBOBR:2016:232Rechtbank Oost-Brabant, 20 januari 2016 (civiel recht)

    Contradictoir. Verzekeringsrecht. Vliegtuigongeval. De indirect bestuurder van de vennootschap waarbinnen het vliegtuig wordt geëxploiteerd schakelt bij de start van een vlucht per ongeluk de…

  • ECLI:NL:RVS:2014:2472Raad van State, 9 juli 2014 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 24 oktober 2008 heeft de minister het verzoek van [appellant] om zijn nationaal bewijs van onderhoudsbevoegdheid te converteren in een Part-66-Aircraft Maintenance License (hierna…

  • ECLI:NL:GHAMS:2012:BY8236Gerechtshof Amsterdam, 27 december 2012 (strafrecht)

    gebruik maken van vals vliegbrevet. niet geven cautie bij redelijk vermoeden van schuld leidt in casu enkel tot constatering vormverzuim

17 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.