Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968

Uitv.besch. OB

Huidige tekst

Artikel 31 Uitv.besch. OB

Geldt sinds 1 juli 2013

  1. 1

    De ondernemer is gehouden regelmatig aantekening te houden van: a.de aan hem en door hem uitgereikte facturen alsmede, indien het een wederverkoper betreft, de door hem uitgereikte inkoopverklaringen; b.de uitgaven en ontvangsten ter zake van de aan hem en door hem verrichte leveringen van goederen en verleende diensten en de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen; c.het betrekken van voor hem bestemde ingevoerde goederen; d.het verzenden of afleveren van door hem voor uitvoer uit de Unie of opslag in een entrepot bestemde goederen.

  2. 2

    De in het eerste lid bedoelde aantekeningen van facturen - welke doorlopend dienen te worden genummerd - omvatten: a.dagtekening en nummer; b.naam, adres en, in voorkomend geval, btw-identificatienummer van de ondernemer door wie of aan wie de levering of de dienst wordt verricht, alsmede van degene aan wie wordt geleverd met toepassing van de bij de wet behorende tabel II, onderdeel a, post 6; c.een duidelijke omschrijving van de geleverde goederen of van de dienst; d.de vergoeding; e.het bedrag van de belasting.

  3. 3

    De rechtspersoon, andere dan ondernemer, is gehouden ter zake van zijn intracommunautaire verwervingen regelmatig aantekening te houden van: a.de aan hem uitgereikte facturen; b.de uitgaven ter zake van die verwervingen.

  4. 4

    De in het derde lid bedoelde aantekeningen van facturen - welke doorlopend dienen te worden genummerd - omvatten: a.dagtekening en nummer; b.naam, adres en btw-identificatienummer van degene door wie de levering wordt verricht; c.een duidelijke omschrijving van de geleverde goederen; d.de vergoeding onderscheiden naar: 1°. nieuwe vervoermiddelen; 2°. accijnsgoederen; 3°. overige goederen; e.het bedrag van de belasting.

  5. 5

    De aantekeningen worden op zodanige duidelijke en overzichtelijke wijze en met vermelding van zodanige bijzonderheden gehouden, dat aan de hand daarvan de door de ondernemer of door de rechtspersoon, andere dan ondernemer, over een bepaald belastingtijdvak verschuldigde belasting kan worden vastgesteld. De wederverkoper is tevens gehouden om met betrekking tot goederen die administratief van inkoop tot verkoop zijn te volgen, zijn boekhouding op zodanige wijze te voeren dat aan de hand daarvan het verband tussen inkoop en verkoop kan worden vastgesteld.

  6. 6

    De ondernemer en de rechtspersoon, andere dan ondernemer, zijn verplicht de aantekeningen te bewaren gedurende de termijn, bedoeld in artikel 52, vierde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en in artikel 34a van de wet.

  7. 7

    De inspecteur kan afwijkingen toestaan van de verplichtingen welke zijn opgelegd in de vorige leden.

  8. 8

    De ondernemer is gehouden zijn boekhouding op zodanige duidelijke en overzichtelijke wijze te voeren en met vermelding van zodanige bijzonderheden, dat de inspecteur aan de hand daarvan kan vaststellen of de belastingheffing met betrekking tot de in artikel 34, tweede lid, onderdelen a en b, van de wet, bedoelde goederen, op de juiste wijze plaatsvindt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:82Parket bij de Hoge Raad, 28 januari 2021 (belastingrecht)

    In het vierde middel wordt met name opgekomen tegen het oordeel van het Hof dat wegens ernstige administratieve gebreken de margeregeling en de globalisatieregeling in de omzetbelasting niet kunnen…

  • ECLI:NL:PHR:2018:468Parket bij de Hoge Raad, 26 april 2018 (belastingrecht)

    A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nr. 17/03633. In geschil is of belanghebbende (naast de in zijn aangifte verantwoorde inkomsten) een bedrag van € 415.000 aan belastbaar inkomen uit…

  • ECLI:NL:PHR:2016:83Parket bij de Hoge Raad, 8 maart 2016 (belastingrecht)

    Deze procedure maakt deel uit van een kwartet van proefprocedures over de verschuldigdheid van omzetbelasting ter zake van privégebruik van de ‘auto van de zaak’, waarin vandaag conclusies worden…

  • ECLI:NL:PHR:2011:BO4376Parket bij de Hoge Raad, 18 februari 2011 (belastingrecht)

    Vennootschapsbelasting. Art. 27e, 47, 49 en 52 AWR. Geen omkering en verzwaring van de bewijslast bij correctie van door Inspecteur niet aannemelijk geachte inkopen.

  • ECLI:NL:GHSHE:2024:3161Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 9 oktober 2024 (belastingrecht)

    Omzetbelasting. Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd. De naheffingsaanslag is onder meer gebaseerd op het verschil in omzet volgens de ingediende aangiften…

  • ECLI:NL:GHDHA:2024:1045Gerechtshof Den Haag, 5 juni 2024 (belastingrecht)

    Navorderingsaanslagen IB/PVV en Zvw 2015. Artikelen 27e en 52 AWR; verwerping van de administratie. Gemotiveerde schatting van omzet en winst door de Inspecteur. Belanghebbende heeft niet de vereiste…

  • ECLI:NL:GHDHA:2024:1046Gerechtshof Den Haag, 5 juni 2024 (belastingrecht)

    Naheffingsaanslagen omzetbelasting 2015 en 2016. Artikelen 27e en 52 AWR; verwerping van de administratie. Gemotiveerde schatting van omzet door de Inspecteur. Belanghebbende heeft niet de vereiste…

  • ECLI:NL:GHARL:2021:11104Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30 november 2021 (belastingrecht)

    OB. Aftrek voorbelasting. Verzuimboete.

56 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.