Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968

Uitv.besch. OB

Huidige tekst

Artikel 26 Uitv.besch. OB

Geldt sinds 1 januari 2019

  1. 1

    Als ondernemers als bedoeld in artikel 26 van de wet, worden aangewezen: a.1°. winkeliers; 2°. marktkooplieden; 3°. schoenherstellers; 4°. kappers; 5°. glazenwassers; 6°. exploitanten van wasserijen; 7°. rijwielherstellers; 8°. exploitanten van schoonheidsverzorgingsbedrijven; 9°. behangers; 10°. stoffeerders; 11°. exploitanten van horecabedrijven; 12°. advocaten die hun praktijk alleen uitoefenen; 13°. houders van autorijscholen; b.andere dan de in onderdeel a genoemde ondernemers, indien zij hun prestaties als ondernemer uitsluitend of nagenoeg uitsluitend verrichten in of vanuit een inrichting welke bestemd is voor de verkoop van goederen of het verlenen van diensten aan anderen dan ondernemers; c.niet onder de onderdelen a of b vallende ondernemers die niet aan ondernemers goederen plegen te leveren en diensten plegen te verlenen, behoudens voorzover zij goederen leveren als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de wet, mits zij op daartoe gedaan verzoek door de inspecteur zijn aangewezen. De inspecteur beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking.

  2. 2

    Indien de in het eerste lid in de onderdelen a en b bedoelde ondernemers van de aanwijzing geen gebruik maken, dienen zij dit uit hun administratie te laten blijken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:1168Parket bij de Hoge Raad, 31 oktober 2025 (belastingrecht)

    Bekendmaking belastingaanslagen aan niet langer bestaande vennootschap; status belanghebbende; bevoegdheid instellen van bezwaar en beroep

  • ECLI:NL:HR:2017:740Hoge Raad, 21 april 2017 (belastingrecht)

    HR: 81.1 RO.

  • ECLI:NL:HR:2016:2611Hoge Raad, 18 november 2016 (belastingrecht)

    HR: 81.1 RO.

  • ECLI:NL:HR:2014:2656Hoge Raad, 12 september 2014 (belastingrecht)

    Omzetbelasting. Art. 26 Wet OB 1968; art. 26 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968; afwijzing verzoek om toepassing van het kasstelsel. Verrichten prostituees hun diensten als werknemer van…

  • ECLI:NL:GHARL:2024:4872Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23 juli 2024 (belastingrecht)

    VPB. OB. Bekendmaking belastingaanslagen aan ontbonden rechtspersoon.

  • ECLI:NL:GHDHA:2023:2281Gerechtshof Den Haag, 15 november 2023 (belastingrecht)

    Artikel 8:42 Awb. Door geen inzicht te geven in de wijze waarop hij een statistische analyse heeft uitgevoerd, heeft de inspecteur niet alle op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd. Artikel…

  • ECLI:NL:RBAMS:2023:5350Rechtbank Amsterdam, 24 juli 2023 (bestuursrecht)

    NOW-3. Facturen toe te rekenen aan de maand waarin de facturen zijn betaald, kasstelsel. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:2601Rechtbank Den Haag, 24 maart 2022 (belastingrecht)

    Navorderingsaanslagen vennootschapsbelasting en naheffingsaanslag omzetbelasting. Omkering en verzwaring van de bewijslast. Redelijke schatting. Beroepen zijn ongegrond. Matiging van de vergrijpboete…

17 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.