Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten

Sbaow

Huidige tekst

Artikel 6 Sbaow

Geldt sinds 1 januari 2021

Maatmaninkomen WAO, Wet WIA, Waz en de hoofdstukken 2 en 3 van de Wajong 1 Het maatmaninkomen WAO is het inkomen per uur dat gezonde personen, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de WAO, met arbeid gewoonlijk verdienen. 2 Het maatmaninkomen Waz is het inkomen per uur dat gezonde personen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Waz, met arbeid als verzekerde, bedoeld in artikel 3 van de Waz gewoonlijk verdienen. 3 Het maatmaninkomen, bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van de Wajong, is voor de jonggehandicapte die: a.geen inkomsten uit arbeid geniet, 108% van het bedrag dat voor een werknemer van dezelfde leeftijd geldt als minimumloon per uur; b.inkomsten uit arbeid geniet, het inkomen dat een niet-jonggehandicapt persoon van dezelfde leeftijd met de door de jonggehandicapte feitelijk verrichte arbeid gedurende de normale, volledige werkweek, per uur zou verdienen. 4 Het maatmaninkomen van de jonggehandicapte, bedoeld in het derde lid, wordt hoger gesteld, en ten minste op een bedrag gelijk aan anderhalf maal het bedrag dat voor de belanghebbende geldt als minimumloon per uur, indien de jonggehandicapte: a.arbeidsongeschikt is geworden binnen een jaar onmiddellijk voorafgaande aan het behalen van een diploma, dan wel na het behalen van een diploma, aan een beroepsgerichte opleiding die opleidt voor een beroep waarvan het aanvangssalaris ten minste gelijk is aan anderhalf maal het bedrag dat voor een werknemer van dezelfde leeftijd geldt als minimumloon op grond van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag; b.tijdens de arbeidsongeschiktheid doch uiterlijk op de dag dat hij de leeftijd van 30 jaar bereikt, een diploma behaalt van een beroepsgerichte opleiding die opleidt voor een beroep waarvan het aanvangssalaris ten minste gelijk is aan anderhalf maal het bedrag dat voor een werknemer van dezelfde leeftijd geldt als minimumloon op grond van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. 5 Indien de vaststelling van het maatmaninkomen met toepassing van het vierde lid tot een hoger maatmaninkomen leidt dan de vaststelling van het maatmaninkomen met toepassing van het derde lid, wordt uitgegaan van het eerstgenoemde maatmaninkomen. 6 In de gevallen waarin artikel 43a van de WAO, artikel 2:3, tweede lid, 2:17 of 3:21 van de Wajong, artikel 48, eerste lid, aanhef en onderdelen b en c, 50, eerste lid, aanhef en onderdeel b, of 55, eerste lid, aanhef en onderdelen b en c, van de Wet WIA toepassing vindt, alsmede in de gevallen waarin dat niet het geval is omdat artikel 29b van de Ziektewet toepassing kan vinden, wordt het maatmaninkomen niet lager vastgesteld dan het maatmaninkomen dat voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid of mate van gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid in aanmerking zou worden genomen indien de uitkering niet zou zijn ingetrokken, dan wel indien aan het einde van de wachttijd, bedoeld in artikel 19 van de WAO, artikel 2:3 of 3:3 van de Wajong of artikel 23 van de Wet WIA, recht zou hebben bestaan op een dergelijke uitkering. 7 In de gevallen waarin, na eerdere intrekking van een uitkering op grond van de ZW, de WAO, de Wajong of de Wet WIA, dan wel na het eerder niet toekennen van een uitkering aan het einde van de wachttijd, bedoeld in artikel 19 van de WAO, artikel 2:3 of 3:3 van de Wajong of artikel 23 van de Wet WIA, bij de vaststelling van het maatmaninkomen wordt uitgegaan van arbeid op basis waarvan voor de betrokkene reeds eerder een maatmaninkomen is vastgesteld, wordt het maatmaninkomen vastgesteld op het maatmaninkomen dat voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid of mate van gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid in aanmerking zou worden genomen indien de uitkering niet zou zijn ingetrokken, dan wel indien aan het einde van de genoemde wachttijd recht zou hebben bestaan op een dergelijke uitkering.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2025:811Centrale Raad van Beroep, 22 mei 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Beëindiging Wajong uitkering. Voldoende medische en arbeidskundige grondslag. Terecht geoordeeld dat het onderzoek van de artsen van het Uwv voldoende zorgvuldig is geweest en dat er geen aanleiding…

  • ECLI:NL:RBNHO:2024:11432Rechtbank Noord-Holland, 16 augustus 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Weigering WIA-uitkering toe te kennen, omdat de mate van arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt. In beroep deugdelijke medische en arbeidskundige onderbouwing ingebracht. Het beroep wordt…

  • ECLI:NL:RBZWB:2023:7715Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 3 november 2023 (socialezekerheidsrecht)

    WIA

  • ECLI:NL:CRVB:2021:1972Centrale Raad van Beroep, 5 augustus 2021 (socialezekerheidsrecht)

    Maatman juist vastgesteld. Bij de vaststelling van het recht op uitkering is het maatmaninkomen van appellante op juiste wijze vastgesteld. Gelet op artikel 8, tweede lid, van het Schattingsbesluit…

  • ECLI:NL:CRVB:2021:834Centrale Raad van Beroep, 13 april 2021 (socialezekerheidsrecht)

    Het niet opleggen van een loonsanctie bij besluit van 9 augustus 2016. De gronden waarop het hoger beroep berust vormen een herhaling van wat appellant eerder in de procedure heeft aangevoerd. De…

  • ECLI:NL:CRVB:2018:2965Centrale Raad van Beroep, 20 september 2018 (socialezekerheidsrecht)

    Appellante kan niet in aanmerking komen voor een Wajong‑uitkering met ingang van 5 april 2006, dan wel met ingang van een andere datum gelegen in de periode van vijf jaar na 5 april 2006. Juiste…

  • ECLI:NL:CRVB:2014:3304Centrale Raad van Beroep, 10 oktober 2014 (socialezekerheidsrecht)

    Tussenuitspraak. Weigering Wajong-uitkering. Voldoende medische grondslag. Medische urenbeperking. De Raad is in de uitspraak ECLI:NL:CRVB:2009:BH3691 niet akkoord gegaan met een (tussentijdse)…

  • ECLI:NL:CRVB:2014:3306Centrale Raad van Beroep, 10 oktober 2014 (socialezekerheidsrecht)

    Weigering arbeidsondersteuning op grond van de Wet Wajong. Er is geen aanleiding om de medische beoordeling ten aanzien van de achttiende verjaardag van appellant voor onjuist te houden. Door de…

26 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.