Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

WHW

Huidige tekst

Artikel 7.17 WHW

Geldt sinds 1 januari 2023

Vestigingsplaats opleiding 1 Onverminderd het tweede lid wordt een opleiding verzorgd in de gemeente of het openbaar lichaam BES waar die opleiding blijkens de Registratie instellingen en opleidingen, bedoeld in artikel 6.13, is gevestigd. 2 Het instellingsbestuur kan besluiten een opleiding of een gedeelte daarvan al dan niet voor een bepaalde periode in een of meer andere gemeenten of een of meer openbare lichamen BES te vestigen. Hij legt het in de eerste volzin bedoelde voornemen voor een nevenvestiging dan wel verplaatsing van een opleiding ter instemming voor aan Onze Minister. 3 Voorafgaand aan het nemen van een instemmingsbesluit als bedoeld in het tweede lid stelt Onze Minister de daarvoor in aanmerking komende instellingen in de gelegenheid hun zienswijze te geven op de aanvraag. 4 De instemming van Onze Minister vervalt, indien de opleiding niet binnen zes maanden nadat de instemming is verleend, is geregistreerd in de Registratie instellingen en opleidingen, bedoeld in artikel 6.13.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBNHO:2014:1794Rechtbank Noord-Holland, 12 februari 2014 (civiel recht)

    Distant Learning Overeenkomst nietig wegens strijd met de openbare orde? DLO heeft betrekking op onderwijs waarvoor geen recht bleek te bestaan op rijksbekostiging. Onvoldoende grond voor het oordeel…

  • ECLI:NL:RBSGR:2010:BL9725Rechtbank 's-Gravenhage, 20 januari 2010 (civiel recht)

    HBO-fraude. Aansprakelijkheid van de Staat voor rapportage en bekendmakingen over betrokkenheid eiseressen bij mogelijke malversaties van HBO-instellingen? Accountantsonderzoek en persbericht in…

  • ECLI:NL:RBAMS:2009:BH5053Rechtbank Amsterdam, 8 januari 2009 (bestuursrecht)

    Verlaging van de aan de Hogeschool van Amsterdam verleende rijksbijdragen voor de jaren 2000 tot en met 2004 en een terugvordering van € 23.413.538,- De Hogeschool heeft ten onrechte leerlingen voor…

  • ECLI:NL:RVS:2008:BG3426Raad van State, 5 november 2008 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 15 december 2004 heeft de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de staatssecretaris) de voor de stichting Stichting Hanzehogeschool Groningen (hierna: de…

  • ECLI:NL:RVS:2008:BE9268Raad van State, 27 augustus 2008 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 15 december 2004 heeft de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de staatssecretaris) de aan de Stichting Hogeschool van Utrecht (hierna: de stichting)…

  • ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9532Rechtbank 's-Gravenhage, 10 juli 2008 (bestuursrecht)

    Herziening en terugvordering bekostiging Hogeschool.

  • ECLI:NL:RVS:2008:BC2502Raad van State, 23 januari 2008 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 15 december 2004 heeft de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de staatssecretaris) de aan de stichting Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (hierna…

  • ECLI:NL:RBGRO:2008:BC3104Rechtbank Groningen, 7 januari 2008 (bestuursrecht)

    Verstrekte rijksbijdragen zijn teruggevorderd omdat het onderwijs zonder toestemming van verweerder buiten de plaats van vestiging verzorgd werd. Het beroep is ongegrond.

14 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.