Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

WHW

Huidige tekst

Artikel 2.6 WHW

Geldt sinds 1 januari 2025

Berekening rijksbijdrage 1 De in artikel 2.5, eerste lid, bedoelde algemene berekeningswijze wordt bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld. De algemene berekeningswijze bevat voor alle instellingen of voor groepen van instellingen gelijkelijk geldende maatstaven. Deze maatstaven hebben betrekking op de aard en omvang van de werkzaamheden en op de uitvoering daarvan. 2 De bijzondere berekeningswijze, bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, wordt bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld. In die algemene maatregel van bestuur wordt tevens vastgesteld ten aanzien van welk onderwijs dat artikellid toepassing vindt. De bijzondere berekeningswijze bevat maatstaven die in elk geval betrekking hebben op de studieresultaten. 3 Wat betreft de instellingen voor hoger onderwijs, met uitzondering van de Open Universiteit, hebben de maatstaven in elk geval betrekking op het aantal studenten en op de studieresultaten. De maatstaven kunnen verschillen per opleiding of groep van opleidingen. 4 De maatstaven voor bekostiging van het wetenschappelijk onderzoek aan de universiteiten hebben in ieder geval betrekking op de maatschappelijke en wetenschappelijke behoefte aan het onderzoek, waarbij rekening wordt gehouden met het profiel van de instellingen alsmede op de kwaliteit van het onderzoek. 5 Onze Minister legt het ontwerp van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste en tweede lid voor aan beide Kamers der Staten-Generaal. De voordracht voor die algemene maatregel van bestuur wordt niet gedaan dan nadat vier weken na die voorlegging zijn verstreken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:823Parket bij de Hoge Raad, 25 juli 2018 (belastingrecht)

    A-G Niessen heeft conclusie genomen over de vraag of belanghebbende voor het jaar 2008 aanspraak kan maken op de afdrachtvermindering onderwijs die tot 1 januari 2014 was voorzien in artikel 14 lid 1…

  • ECLI:NL:PHR:2018:835Parket bij de Hoge Raad, 25 juli 2018 (belastingrecht)

    A-G Niessen heeft conclusie genomen over de vraag of belanghebbende voor de jaren 2008 en 2009 aanspraak kan maken op de afdrachtvermindering onderwijs die tot 1 januari 2014 was voorzien in artikel…

  • ECLI:NL:RVS:2019:172Raad van State, 23 januari 2019 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 20 juli 2016 heeft de minister aan NHTV een rijksbijdrage hoger onderwijs 2016 van € 40.743.242,00 toegekend.

  • ECLI:NL:RBZWB:2017:5802Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 5 september 2017 (bestuursrecht)

    De rechtbank overweegt dat sinds de wijziging van de WHW per 1 september 2004 universiteiten hbo-opleidingen mogen aanbieden en hogescholen wo-opleidingen mogen aanbieden. Uit de hierboven…

  • ECLI:NL:RBDHA:2014:1707Rechtbank Den Haag, 13 februari 2014 (bestuursrecht)

    experiment prestatiebekostiging; motiveringsgebrek

  • ECLI:NL:RVS:2013:2235Raad van State, 4 december 2013 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 22 augustus 2011 heeft de staatssecretaris de rijksbijdrage voor de stichting voor het jaar 2011 herzien vastgesteld op € 25.309.767,00.

  • ECLI:NL:RVS:2011:BT7407Raad van State, 12 oktober 2011 (bestuursrecht)

    Bij onderscheiden besluiten van 19 juni 2008 heeft de staatssecretaris de rijksbijdrage voor de Universiteit Twente en voor de Radboud Universiteit Nijmegen voor het jaar 2008 vastgesteld. Bij…

  • ECLI:NL:RVS:2010:BO0238Raad van State, 13 oktober 2010 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 11 mei 2006 heeft de staatssecretaris de rijksbijdrage voor de Universiteit van Tilburg, uitgaande van de stichting, voor het jaar 2006 vastgesteld op € 75.330.000.

11 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.