Wet op de omzetbelasting 1968

OB

Huidige tekst

Artikel 8 OB

Geldt sinds 1 januari 2016

  1. 1

    De belasting wordt berekend over de vergoeding.

  2. 2

    De vergoeding is het totale bedrag dat - of voor zover de tegenprestatie niet in een geldsom bestaat, de totale waarde van de tegenprestatie welke - ter zake van de levering of de dienst in rekening wordt gebracht, de omzetbelasting niet daaronder begrepen. Ingeval ter zake van de levering of de dienst meer wordt voldaan dan hetgeen in rekening is gebracht, komt in plaats daarvan in aanmerking hetgeen is voldaan.

  3. 3

    Ten aanzien van de handelingen, bedoeld in artikel 3, derde lid, en artikel 3a, eerste lid, wordt de vergoeding gesteld op de aankoopprijs van de goederen of van soortgelijke goederen of, indien er geen aankoopprijs is, de kostprijs, berekend op het tijdstip waarop deze handelingen worden uitgevoerd.

  4. 4

    De vergoeding wordt gesteld op de normale waarde van de dienst indien: a.een auto tegen een lagere vergoeding dan de normale waarde voor andere dan bedrijfsdoeleinden in gebruik wordt gegeven aan een verbonden afnemer die geen volledig recht op aftrek heeft uit hoofde van artikel 15; b.het gaat om handelingen als bedoeld in artikel 4, derde lid. Voor de toepassing van de eerste alinea, onderdeel a, wordt onder een verbonden afnemer verstaan een werknemer, een afnemer die een bestuurlijke verhouding met de ondernemer heeft en een afnemer waarmee de ondernemer een familiale band heeft.

  5. 5

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald in hoever: a.de korting voor contante betaling, de kosten van verpakking, de vracht- en assurantiekosten, de uitschotten van belasting en andere met doorlopende posten gelijk te stellen bedragen niet tot de vergoeding behoren; b.bij met grondrente bezwaarde eigendom, rechten van erfpacht, opstal, erfdienstbaarheid of beklemming, appartementen, lidmaatschapsrechten en dergelijke, de daaraan verbonden lasten tot de vergoeding behoren; c.bij eigendom, bezwaard met een recht van erfpacht, opstal, erfdienstbaarheid of beklemming, de vergoeding wordt verminderd met de aan die rechten verbonden lasten; d.bij levering anders dan met toepassing van artikel 28b of 28d, van gebruikte personenauto's, gebruikte motorrijwielen en gebruikte bestelauto's in de zin van artikel 10 van de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992, de vergoeding wordt verminderd met de op de voet van die wet geheven belasting. Voor het vaststellen van het bedrag van die vermindering worden regels gesteld met inachtneming van de bepalingen van of ingevolge die wet.

  6. 6

    Indien gegevens voor het bepalen van de vergoeding zijn uitgedrukt in een andere munteenheid dan de euro, wordt de wisselkoers vastgesteld overeenkomstig de laatst genoteerde verkoopkoers op het tijdstip waarop de belasting verschuldigd wordt. In plaats van het hiervoor bedoelde wisselkoersmechanisme mag ook gebruik gemaakt worden van de wisselkoers die, op het tijdstip waarop de belasting verschuldigd wordt, door de Europese Centrale Bank laatstelijk was bekendgemaakt.

  7. 7

    Ten aanzien van de handelingen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, wordt de vergoeding gesteld op de door de ondernemer voor het verrichten van de diensten gemaakte uitgaven. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de door de ondernemer voor het verrichten van deze diensten gemaakte uitgaven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:959Hoge Raad, 19 juni 2026 (belastingrecht)

    Omzetbelasting; art. 1, 2, 4 en 7 Wet omzetbelasting 1968; ondersteuning werkzaamheden van tuchtcolleges advocatuur; ondernemerschap; zelfstandigheid; rechtstreeks verband; verbruik.

  • ECLI:NL:HR:2023:1094Hoge Raad, 18 augustus 2023 (belastingrecht)

    Massaal bezwaar; omzetbelasting; privégebruik auto; art. 25c e.v. AWR; artikel 4, lid 2, onderdeel a Wet OB; reikwijdte van collectieve uitspraak op bezwaar; is woon-werkverkeer van werknemers voor…

  • ECLI:NL:PHR:2022:714Parket bij de Hoge Raad, 30 juni 2022 (belastingrecht)

    1 Inhoudsindicatie gemeenschappelijke bijlage 1.1 De drie zaken waar deze gemeenschappelijke bijlage bij hoort, hebben gemeen dat de belanghebbenden (primair) van mening zijn dat hun dienstverlening…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1054Parket bij de Hoge Raad, 9 november 2021 (belastingrecht)

    In deze zaak wil belanghebbende, een fiscale eenheid omzetbelasting, de omvang van de aftrek van omzetbelasting berekenen naar het werkelijke gebruik van gemengd gebruikte goederen en diensten.…

  • ECLI:NL:CBB:2025:2College van Beroep voor het bedrijfsleven, 14 januari 2025 (bestuursrecht)

    Het College oordeelt dat de vereniging niet voldoet aan de definitie van een mkb-onderneming in de zin van de TEK. De vereniging behoort niet tot de doelgroep van de TEK, en daarom komt zij niet in…

  • ECLI:NL:CBB:2024:912College van Beroep voor het bedrijfsleven, 10 december 2024 (bestuursrecht)

    TVL Q3 2021. Dat de onderneming en de Nederlandse dochters niet rechtstreeks met elkaar een van de banden als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de algemene de-minimisverordening onderhouden…

  • ECLI:NL:RBGEL:2023:2728Rechtbank Gelderland, 11 mei 2023 (civiel recht)

    Kort geding. Executiegeschil. Eiser is veroordeling niet nagekomen en heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat nakoming onmogelijk is. Vorderingen worden afgewezen.

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:7710Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20 december 2022 (belastingrecht)

    Samenvatting In geschil is de maatstaf van heffing voor de berekening van omzetbelasting over de verkoop van een auto door belanghebbende aan haar directeur/grootaandeelhouder, namelijk de…

166 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.