Wet op de omzetbelasting 1968

OB

Huidige tekst

Artikel 5 OB

Geldt sinds 1 juli 2021

  1. 1

    De plaats waar een levering wordt verricht, is: a.ingeval het goed in verband met de levering, anders dan in de zin van artikel 3, eerste lid, onderdeel f, wordt verzonden of vervoerd, de plaats waar de verzending of het vervoer aanvangt; b.in andere gevallen de plaats waar het goed zich bevindt op het tijdstip van de levering; c.in afwijking van onderdeel b, in geval van een levering van goederen aan boord van een schip, vliegtuig of trein en tijdens het gedeelte van een binnen de Unie verricht passagiersvervoer, de plaats van vertrek van het vervoer van passagiers.

  2. 2

    In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, worden, in de gevallen waarin de plaats van vertrek van de verzending of het vervoer van de goederen in een derdelandsgebied of derde-land ligt, de plaats waar de levering wordt verricht alsmede de plaats waar eventuele volgende leveringen worden verricht, geacht in de lidstaat van invoer van de goederen te liggen, voor zover de goederen door de leverancier of in diens opdracht worden ingevoerd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:880Parket bij de Hoge Raad, 4 juni 2019 (strafrecht)

    BTW-fraude door fictieve levering van o.m. pannensets aan afnemers in Spanje en Italië. Feitelijke leiding geven aan vals opmaken van facturen en vervoersbescheiden begaan door rechtspersoon…

  • ECLI:NL:PHR:2019:882Parket bij de Hoge Raad, 4 juni 2019 (strafrecht)

    BTW-fraude door fictieve levering van o.m. pannensets aan afnemers in Spanje en Italië. Feitelijke leiding geven aan vals opmaken van facturen en vervoersbescheiden begaan door rechtspersoon…

  • ECLI:NL:HR:2008:AX6306Hoge Raad, 6 juni 2008 (belastingrecht)

    Omzetbelasting; intracommunautaire transactie; plaats van levering; recht op aftrek bij valse inkoopfacturen?

  • ECLI:NL:PHR:1978:5Parket bij de Hoge Raad, 10 april 1978 (belastingrecht)

    Omzetbelasting; art. 7, lid 4, Wet OB 1968; fiscale eenheid; financiële verwevenheid; samenwerkende groep aandeelhouders.

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:2255Gerechtshof Den Haag, 15 juli 2025 (aanbestedingsrecht)

    Aanbestedingsrecht

  • ECLI:NL:GHSHE:2023:4248Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20 december 2023 (belastingrecht)

    Omzetbelasting. Verkoop van een paard. Bij aanvang van het vervoer stond het paard in België. Daarom geen in Nederland belaste levering.

  • ECLI:NL:RBNHO:2023:7983Rechtbank Noord-Holland, 21 juli 2023 (belastingrecht)

    Eiseres heeft aan haar leverancier in België facturen uitgereikt, waarop, als gevolg van een vergissing van eiseres, omzetbelasting is vermeld. Naast dat eiseres verzocht heeft om teruggaven van…

  • ECLI:NL:GHARL:2017:2583Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28 maart 2017 (belastingrecht)

    Omzetbelasting. Toepassing margeregeling. Handel in munten.

25 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.