Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag

WML

Huidige tekst

Artikel 18f WML

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    De bestuurlijke boete die voor een overtreding kan worden opgelegd bedraagt ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

  2. 2

    Onverminderd het eerste lid verhoogt de op grond van artikel 18c, eerste lid, aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 100 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het zesde lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen, is geconstateerd en de bestuurlijke boete wegens de eerdere overtreding onherroepelijk is geworden.

  3. 3

    De verhoging van de bestuurlijke boete, bedoeld in het tweede lid, bedraagt 200 procent indien zowel de overtreding als de eerdere overtreding, bedoeld in dat lid, bij of krachtens algemene maatregel van bestuur zijn aangewezen als ernstige overtredingen.

  4. 4

    Onverminderd het eerste lid verhoogt de op grond van artikel 18c, eerste lid, aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 200 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het zesde lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding twee maal een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen, is geconstateerd en de bestuurlijke boeten wegens de eerdere overtredingen onherroepelijk zijn geworden.

  5. 5

    In afwijking van het tweede en vierde lid is het tijdvak van vijf jaar in die leden tien jaar indien de onherroepelijke boetes, bedoeld in die leden, zijn opgelegd wegens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen ernstige overtredingen.

  6. 6

    Onze Minister stelt beleidsregels vast waarin onder meer de boetebedragen voor iedere overtreding worden vastgesteld. Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing indien een artikel gesteld bij of krachtens deze wet op grond waarvan een bestuurlijke boete kan worden opgelegd, niet is nageleefd.

  7. 7

    In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter in beroep of hoger beroep de hoogte van de bestuurlijke boete ook ten nadele van de belanghebbende wijzigen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2023:2320Raad van State, 14 juni 2023 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 21 juni 2019 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante sub 2] een boete van € 144.000,00 opgelegd wegens overtreding van de Wet minimumloon en…

  • ECLI:NL:RVS:2021:170Raad van State, 27 januari 2021 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 27 september 2017 heeft de staatssecretaris aan [appellante] een boete van € 228.000,- opgelegd wegens overtredingen van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. Op 25 en 26…

  • ECLI:NL:RVS:2020:1982Raad van State, 19 augustus 2020 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 16 januari 2018 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellant sub 2] een bestuurlijke boete van € 39.600,- opgelegd wegens het niet tijdig verstrekken van…

  • ECLI:NL:RBROT:2019:8591Rechtbank Rotterdam, 1 november 2019 (bestuursrecht)

    Boete wegens overtreding van artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (niet of niet tijdig verstrekken van bescheiden aan de toezichthouder). Matiging van de boete.

  • ECLI:NL:RBNHO:2016:3312Rechtbank Noord-Holland, 26 april 2016 (bestuursrecht)

    Boete wegens overtreding van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. Geen sprake van stage, geen onzorgvuldig onderzoek en geen strijd met beleidsregels. Evenmin sprake van een verminderde…

  • ECLI:NL:RVS:2015:686Raad van State, 11 maart 2015 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 16 augustus 2012 heeft de minister aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 288.100,00 wegens overtreding van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (hierna: Wmm).

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.