Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten

Wajong

Huidige tekst

Artikel 3:5 Wajong

Geldt sinds 1 januari 2011

Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering tijdens vrijheidsontneming 1 De jonggehandicapte, bedoeld in artikel 3:3, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering indien de dag waarop het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou ingaan dan wel de dag na afloop van de toepassing van artikel 3:5a met betrekking tot dat recht op uitkering, is gelegen in een periode dat hem rechtens zijn vrijheid is ontnomen. 2 De jonggehandicapte, die op grond van het eerste lid geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft, heeft vanaf de dag dat hij in vrijheid wordt gesteld met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is. Artikel 3:3, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing. 3 Voor de toepassing van het eerste lid worden perioden van vrijheidsontneming samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. 4 Met inachtneming van de bepalingen van deze wet heeft eveneens recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering de jonggehandicapte, bedoeld in het tweede lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na die dag. Artikel 3:3, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing. 5 Het eerste lid is niet van toepassing en het tweede lid en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën personen waarbij tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel buiten een justitiële inrichting plaatsvindt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:891Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 28 februari 2022 (bestuursrecht)

    WAJONG

  • ECLI:NL:CRVB:2017:3186Centrale Raad van Beroep, 15 september 2017 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv heeft terecht bepaald dat de Wajong-uitkering niet tot uitbetaling komt, omdat appellant gedetineerd is. Niet valt in te zien dat uitsluiting van uitkering gedurende een, als gevolg van…

  • ECLI:NL:CRVB:2017:237Centrale Raad van Beroep, 20 januari 2017 (bestuursrecht)

    Vaststelling ingangsdatum heropening Wajong-uitkering. Het vonnis van de strafrechter is door de intrekking van het hoger beroep op 30 augustus 2013 onherroepelijk geworden. De voorlopige hechtenis…

  • ECLI:NL:CRVB:2016:1626Centrale Raad van Beroep, 4 mei 2016 (socialezekerheidsrecht)

    Wajong-uitkering ten onrechte beëindigd en teruggevorderd. Voorwaardelijke gevangenisstraf met als bijzondere voorwaarde dat appellant zich laat behandelen bij een intramurale inrichting. Opname in…

  • ECLI:NL:CRVB:2015:3480Centrale Raad van Beroep, 9 oktober 2015 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv heeft terecht bij het bestreden besluit zijn eerdere besluit tot afwijzing van de aanvraag van een Wajonguitkering gehandhaafd, zij het op een onjuiste wettelijke grondslag. De Raad bepaalt…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.