Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten

Wajong

Huidige tekst

Artikel 1a:1 Wajong

Geldt sinds 1 januari 2021

Jonggehandicapte 1 Jonggehandicapte in de zin van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen is de ingezetene die: a.op de dag waarop hij achttien jaar wordt als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft; b.na de in onderdeel a bedoelde dag als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft en in het jaar, onmiddellijk voorafgaand aan de dag waarop dit is ingetreden, gedurende ten minste zes maanden studerende was. 2 De ingezetene die op de dag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b, beperkingen ondervindt als gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling, maar op grond van het eerste lid niet aangemerkt wordt als jonggehandicapte, wordt alsnog jonggehandicapte in de zin van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen, indien hij binnen vijf jaar na die dag duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft, indien dit voortkomt uit dezelfde oorzaak als die op grond waarvan hij beperkingen als gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling ondervond, op de dag, bedoeld in onderdeel a of b. 3 De ingezetene die tijdelijk geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft wordt alsnog jonggehandicapte, indien hij gedurende een tijdvak van tien jaar volgend op de dag waarop hij jonggehandicapte zou zijn geworden op grond van het eerste lid, onderdeel a of b, of het tweede lid, indien hij duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zou hebben gehad, geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie had. 4 Onder duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben wordt in dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen de situatie verstaan waarin de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zich niet kunnen ontwikkelen. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot een periodieke herbeoordeling om vast te stellen of betrokkene duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft. 6 De beoordeling van de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie wordt gebaseerd op een verzekeringsgeneeskundig en voor zover nodig een arbeidskundig onderzoek. 7 Bij de beoordeling, bedoeld in het zesde lid, maakt de verzekeringsarts zo veel mogelijk gebruik van wetenschappelijke inzichten die de beoordeling van de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie kunnen ondersteunen. 8 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot het eerste, vierde en zesde lid nadere regels worden gesteld. 9 De voordracht voor een krachtens het achtste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur, dan wel de vaststelling van een ministeriële regeling op basis van een dergelijke algemene maatregel van bestuur, wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1359Centrale Raad van Beroep, 14 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Afwijzing verzoek om terug te komen van weigering Wajonguitkering. Geen nieuwe feiten en/of veranderde omstandigheden. Stukken hadden eerder kunnen worden ingebracht. Ook geen aanleiding om voor de…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1315Centrale Raad van Beroep, 30 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Tussenuitspraak. Weigering Wajong-uitkering toe te kennen. Motiveringsgebrek. Novum. De Raad is anders dan rechtbank, van oordeel dat het Uwv op onjuiste wijze uitvoering heeft gegeven aan de…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:13927Rechtbank Rotterdam, 30 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het UWV terecht de herhaalde aanvraag van eiser om een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wet…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9129Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Wajong. Ongegrond.

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5546Rechtbank Overijssel, 16 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Het UWV heeft terecht geweigerd aan eiser een Wajong-uitkering toe te kennen. Eiser beschikt over arbeidsvermogen. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1174Centrale Raad van Beroep, 9 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv heeft terecht geweigerd appellant een uitkering op grond van de Wajong toe te kennen. Laattijdige aanvraag. De overgelegde medische stukken bevatten onvoldoende concrete informatie om op…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1214Centrale Raad van Beroep, 9 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv heeft terecht geweigerd appellant een uitkering op grond van de Wajong toe te kennen. Volgens appellant beschikte hij op 26 september 2023 duurzaam niet over arbeidsvermogen en had hij om die…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6719Rechtbank Gelderland, 27 augustus 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Het UWV heeft een aanvraag om een Indicatie Banenafspraak toegewezen, omdat eiseres niet het minimumloon kan verdienen. Het UWV heeft daarbij bepaald dat eiseres wordt opgenomen in het…

677 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.