Spoorwegwet

Huidige tekst

Artikel 26p Spoorwegwet

Geldt sinds 16 juni 2019

Voordat een spoorwegonderneming een spoorvoertuig gebruikt op de in de voertuigvergunning vermelde hoofdspoorweginfrastructuur in het gebruiksgebied, controleert de spoorwegonderneming met inachtneming van de krachtens artikel 26t, onderdeel a, gestelde regels in ieder geval of: a.voor het spoorvoertuig een voertuigvergunning als bedoeld in artikel 26k, eerste lid, is verleend, b.het spoorvoertuig in een van de registers, bedoeld in artikel 26aa, eerste lid, is ingeschreven, c.het spoorvoertuig compatibel is met de te berijden hoofdspoorweginfrastructuur, en d.het spoorvoertuig correct is geïntegreerd in de samenstelling waarin het bedoeld is te functioneren.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.