Jeugdwet

Jw

Huidige tekst

Artikel 5.1 Jw

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    De pleegzorgaanbieder sluit een pleegcontract met een pleegouder indien deze voldoet aan de volgende voorwaarden: a.de pleegouder heeft ten minste de leeftijd van eenentwintig jaar bereikt; b.de pleegouder is niet tevens door de pleegzorgaanbieder belast met de begeleiding van een pleegouder; c.de pleegouder heeft met goed gevolg een door de pleegzorgaanbieder aangeboden voorbereidings- en selectietraject afgerond, en d.de pleegouder beschikt over een verklaring van geen bezwaar die is afgegeven door de raad voor de kinderbescherming, waaruit blijkt dat er geen bezwarende feiten en omstandigheden zijn voor de plaatsing van een jeugdige. Deze voorwaarde is van overeenkomstige toepassing op alle personen van twaalf jaar en ouder die als inwonenden op het adres van de pleegouder staan ingeschreven. De verklaring is vereist voorafgaand aan de plaatsing van een eerste jeugdige, bij een wisseling van pleegzorgaanbieder, bij de komst van nieuwe inwonenden en indien de pleegouder gedurende twee jaren geen pleegouder is geweest.

  2. 2

    De pleegzorgaanbieder beoordeelt voorts of de jeugdige in het gezin van de pleegouder kan worden geplaatst, gelet op de leeftijd en de problemen van de jeugdige, de samenstelling van het gezin van de pleegouder en de verwachte duur van de plaatsing. Deze beoordeling vindt plaats voorafgaand aan de sluiting van het pleegcontract en aan de plaatsing van de jeugdige in het gezin van de pleegouder.

  3. 3

    Indien de betrokkene de jeugdige reeds verzorgt en opvoedt voorafgaand aan het sluiten van een pleegcontract, kan in afwijking van het eerste lid, onder c en d, en het tweede lid, aan de in die artikelonderdelen bedoelde voorwaarden worden voldaan binnen dertien weken nadat een pleegcontract is gesloten, mits de betrokken pleegzorgaanbieder daarbij oordeelt dat de verzorging en opvoeding van de jeugdige door betrokkene niet schadelijk is voor de ontwikkeling van de jeugdige. De betrokkene heeft er recht op dat de pleegzorgaanbieder binnen dertien weken na het sluiten van het pleegcontract vaststelt of aan de in de eerste volzin bedoelde voorwaarden is voldaan. Zodra tijdens die periode blijkt dat niet aan de voorwaarden zal worden voldaan, kan het pleegcontract onverwijld beëindigd worden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2025:1948Hoge Raad, 19 december 2025 (personen- en familierecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Vragen over plaatsing van kind in pleeggezin als screening van pleeggezin niet of niet met positief resultaat heeft…

  • ECLI:NL:PHR:2025:825Parket bij de Hoge Raad, 25 juli 2025 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Jeugdrecht. Plaatsing in een pleeggezin mogelijk als pleegzorgaanbieder niet achter de plaatsing staat? Formele pleegzorg (art. 5.1 Jeugdwet) en informele…

  • ECLI:NL:RVS:2026:4727Raad van State, 12 augustus 2026 (bestuursrecht)

    Op 31 januari 2024 heeft Stichting Parlan het verzoek van [wederpartij] om de kosten voor de buitenschoolse opvang (BSO) te vergoeden, afgewezen. [wederpartij] is een pleegouder die de zorgt voor…

  • ECLI:NL:RVS:2026:4728Raad van State, 12 augustus 2026 (bestuursrecht)

    Op 29 september 2022 heeft Parlan het verzoek van [wederpartij] om de kosten voor de buitenschoolse opvang (BSO) te vergoeden, afgewezen. [wederpartij] is een pleegouder die de zorgt voor twee…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:1218Rechtbank Gelderland, 19 februari 2026 (bestuursprocesrecht)

    Weigering van een verklaring van geen bezwaar voor de plaatsing van een pleegkind. Protocol Afstand, Screening, adoptie en Afstammingsvragen (ASAA).

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:2032Gerechtshof Den Haag, 7 oktober 2025 (verbintenissenrecht)

    Uitleg voorlopig pleegzorgcontract. Geen stilzwijgende voortzetting na expiratiedatum. Nadien geen recht op pleegzorgvergoeding op grond van geëindigde contract en evenmin op grond van de Jeugdwet.

  • ECLI:NL:RBNNE:2024:4759Rechtbank Noord-Nederland, 6 december 2024 (personen- en familierecht)

    Beschikking waarin de rechter de Hoge Raad vraagt om bij wijze van prejudiciële beslissing rechtsvragen te beantwoorden.

  • ECLI:NL:RBNNE:2024:2723Rechtbank Noord-Nederland, 16 juli 2024 (personen- en familierecht)

    Kan een kind bij een pleegouder worden geplaatst als de pleegzorgaanbieder aangeeft dat dit niet veilig en verantwoord is? De kinderrechter beschrijft het verdragsrechtelijk en wettelijk kader en…

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.