Jeugdwet

Jw

Huidige tekst

Artikel 1.3 Jw

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    Deze wet is van toepassing op in Nederland verblijvende jeugdigen.

  2. 2

    Het college is gehouden een voorziening te treffen als bedoeld in artikel 2.3, eerste tot en met derde lid, en uitvoering te geven aan artikel 2.4, tweede lid, ten aanzien van rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen. Onder vreemdeling wordt in dit artikel verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in de Vreemdelingenwet 2000.

  3. 3

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan, in afwijking van het tweede lid, en zo nodig in afwijking van artikel 11 van de Vreemdelingenwet 2000, de verantwoordelijkheid van het college, bedoeld in het tweede lid, voor bij of krachtens die algemene maatregel van bestuur aan te geven categorieën rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen worden beperkt, gelet op de aard, de plaats of de verwachte duur van hun verblijf.

  4. 4

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan, in afwijking van het tweede lid, en zo nodig in afwijking van artikel 10 van de Vreemdelingenwet 2000, de verantwoordelijkheid van het college, bedoeld in het tweede lid, geheel of gedeeltelijk worden uitgebreid tot bij of krachtens die algemene maatregel van bestuur aan te geven categorieën niet rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen.

  5. 5

    Een voorziening als bedoeld in artikel 2.3, eerste tot en met derde lid, en de uitvoering van artikel 2.4, tweede lid, geeft een vreemdeling geen aanspraak op rechtmatig verblijf.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2020:814Parket bij de Hoge Raad, 18 september 2020 (personen- en familierecht)

    Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Uithuisplaatsing. Tijdelijk verblijf minderjarige bij in België wonende vader. Woonplaats minderjarige; art. 1.1 Jeugdwet. Verordening Brussel II-bis.

  • ECLI:NL:GHARL:2021:7426Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 3 augustus 2021 (personen- en familierecht)

    Nederlandse rechter bevoegd, gewone verblijfplaats was in Nederland en sprake van ongeoorloofd niet doen terugkeren van het kind. Art. 8 en 10 Brussel II-bis. Dat het kind in Duitsland woont, staat…

  • ECLI:NL:GHARL:2018:6485Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 12 juli 2018 (personen- en familierecht)

    Verlenging ondertoezichtstelling. Dreigende uitzetting naar Armenië. geen gronden voor ondertoezichtstelling.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.