Jeugdwet

Jw

Huidige tekst

Artikel 2.3 Jw

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    Indien naar het oordeel van het college een jeugdige of een ouder jeugdhulp nodig heeft in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen en voor zover de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen ontoereikend zijn, treft het college ten behoeve van de jeugdige die zijn woonplaats heeft binnen zijn gemeente, voorzieningen op het gebied van jeugdhulp en waarborgt het college een deskundige toeleiding naar, advisering over, bepaling van en het inzetten van de aangewezen voorziening, waardoor de jeugdige in staat wordt gesteld: a.gezond en veilig op te groeien; b.te groeien naar zelfstandigheid, en c.voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren, rekening houdend met zijn leeftijd en ontwikkelingsniveau.

  2. 2

    Voorzieningen op het gebied van jeugdhulp omvatten voor zover naar het oordeel van het college noodzakelijk in verband met een medische noodzaak of beperkingen in de zelfredzaamheid, het vervoer van een jeugdige van en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden.

  3. 3

    Indien een jeugdige die de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, aangewezen is op permanent toezicht en die jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1, onder 2° of 3° , of verpleging als bedoeld bij of krachtens artikel 11 van de Zorgverzekeringswet ontvangt, treft het college indien naar zijn oordeel noodzakelijk, voorzieningen die de ouders in staat stellen hun rol als verzorgers en opvoeders te blijven vervullen.

  4. 4

    Het college houdt bij de bepaling van de aangewezen vorm van jeugdhulp redelijkerwijs rekening met: a.behoeften en persoonskenmerken van de jeugdige en zijn ouders, en b.de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige en zijn ouders.

  5. 5

    Voor zover redelijkerwijs mogelijk, wordt de jeugdige en zijn ouders keuzevrijheid geboden met betrekking tot de activiteiten van jeugdhulp.

  6. 6

    Het college draagt er zorg voor dat de jeugdige in het geval van een uithuisplaatsing, indien redelijkerwijs mogelijk, bij een pleegouder of in een gezinshuis wordt geplaatst, tenzij dit aantoonbaar niet in het belang is van de jeugdige.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:995Parket bij de Hoge Raad, 16 oktober 2026 (personen- en familierecht)

    Jeugdrecht. Machtiging tot uithuisplaatsing (art. 1:265b BW). Bevoegdheid rechter om een machtiging uithuisplaatsing in een netwerkpleeggezin te verlenen als de GI heeft verzocht om een machtiging…

  • ECLI:NL:HR:2025:1948Hoge Raad, 19 december 2025 (personen- en familierecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Vragen over plaatsing van kind in pleeggezin als screening van pleeggezin niet of niet met positief resultaat heeft…

  • ECLI:NL:PHR:2025:825Parket bij de Hoge Raad, 25 juli 2025 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Jeugdrecht. Plaatsing in een pleeggezin mogelijk als pleegzorgaanbieder niet achter de plaatsing staat? Formele pleegzorg (art. 5.1 Jeugdwet) en informele…

  • ECLI:NL:HR:2018:1797Hoge Raad, 28 september 2018 (civiel recht)

    Jeugdrecht. Art. 1:265b BW. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing. Verklaring van B&W als bedoeld in art. 1:265b lid 2 BW niet vereist indien kind uit huis wordt geplaatst bij de andere met het…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:8689Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 8 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    afwijzing pgb voor informele begeleiding ogv Jw.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1090Centrale Raad van Beroep, 20 augustus 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad bevestigt dat het college afwijzend mocht beslissen op een herhaalde aanvraag van appellant om jeugdhulp. Appellant heeft geen nieuwe feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 van…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1203Centrale Raad van Beroep, 20 augustus 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Toegekende jeugdhulp bestaande uit jeugdhulp met verblijf onterecht. Belanghebbende. Anders dan de rechtbank komt de Raad tot de conclusie dat artikel 7.3.5, eerste lid, van de Jw onjuist is…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:4261Rechtbank Midden-Nederland, 14 juli 2026 (civiel recht)

    Eiser is een zorgaanbieder en vordert een vergoeding van gedaagden voor verleende jeugdhulp aan de kinderen van twaalf moeders die in 2024 en 2025 bij eiser in een instelling verbleven. Volgens eiser…

230 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.