Algemene Ouderdomswet

AOW

Huidige tekst

Artikel 55 AOW

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Degene, die vóór het in werking treden van artikel 6 de leeftijd van 15, doch nog niet die van 65 jaar heeft bereikt, en die - al dan niet onafgebroken - gedurende zes jaren na de voleindiging van zijn 59ste levensjaar in Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba heeft gewoond, wordt voor de toepassing van het bepaalde in artikel 13, eerste lid, gedurende het tijdvak, gelegen tussen de voleindiging van zijn 15de levensjaar en het in werking treden van artikel 6, geacht verzekerd te zijn geweest. Voor de toepassing van het bepaalde in de vorige volzin wordt, uitsluitend voor de vaststelling van de toeslag, bedoeld in artikel 8 met toepassing van het bepaalde in artikel 13, tweede lid, de jongere echtgenoot van de pensioengerechtigde geacht het 59ste levensjaar te hebben voleindigd op dezelfde dag als de pensioengerechtigde.

  2. 2

    Degene, die voldoet aan het bepaalde in de eerste volzin van het eerste lid, doch nimmer ingevolge deze wet verzekerd is geweest, wordt nochtans voor de toepassing van artikel 7 geacht verzekerd te zijn geweest.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2003:AO0660Hoge Raad, 19 december 2003 (socialezekerheidsrecht)

    Nr. 414 19 december 2003 EC gewezen op het beroep in cassatie van X-1 te Z (Zwitserland) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 29 mei 2002, nr. 01/1227 AOW e.a., betreffende onder…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:6004Rechtbank Rotterdam, 12 mei 2026 (bestuursrecht)

    Afwijzing aanvraag op grond van het Tijdelijk besluit eenmalig bedrag ouderen van Surinaamse herkomst (TBSH). Eiser woonde niet uiterlijk op 25 november 1975 in Nederland. Geen bijzondere…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:112Centrale Raad van Beroep, 15 januari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Herziening en herberekening AOW-pensioen. Aftopping. Betrokkene ontving naast AOW ook een ouderdomspensioen uit Nieuw-Zeeland. Op grond van artikel 15, lid 4 en 5 van het Verdrag met Nieuw-Zeeland…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:112Rechtbank Gelderland, 14 januari 2025 (bestuursrecht)

    Voorlopige vaststelling van eiseres haar pensioen op grond van de AOW in het pensioenoverzicht. De SVB is uitgegaan van de juiste ingangsdatum. De SVB heeft terecht een korting van 10% toegepast op…

  • ECLI:NL:CRVB:2024:457Centrale Raad van Beroep, 7 maart 2024 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad oordeelt met de rechtbank dat appellante het bezwaarschrift te laat heeft ingediend en daarvoor geen goede reden had. Verder heeft appellante geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden…

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:3530Rechtbank Den Haag, 26 maart 2021 (socialezekerheidsrecht)

    Besluit tot toekenning AOW-pensioen van 36%. In de periode dat eiseres in Suriname woonde, kan zij niet als ingezetene worden aangemerkt. Eiseres was daarom gedurende die periode niet verzekerd voor…

  • ECLI:NL:CRVB:2019:3444Centrale Raad van Beroep, 30 oktober 2019 (socialezekerheidsrecht)

    Herziening AOW-pensioen met ingang van april 2012 naar een hoogte van 30% van het volledige pensioen. Daarnaast is het AOW-pensioen met ingang van april 2016 herzien naar 38% van het volledige…

  • ECLI:NL:CRVB:2017:2710Centrale Raad van Beroep, 4 augustus 2017 (socialezekerheidsrecht)

    Vaststelling ingangsdatum van de verhoging van het pensioen dient op grond van artikel 16, tweede lid, van de AOW december 2008 te zijn. Er is sprake van een bijzonder geval. Terugwerkende kracht van…

36 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.