Wet waardering onroerende zaken

WOZ

Huidige tekst

Artikel 24 WOZ

Geldt sinds 1 januari 2007

  1. 1

    De beschikking wordt genomen binnen acht weken na het begin van het kalenderjaar waarvoor zij geldt.

  2. 2

    Het niet naleven van het voorschrift van het eerste lid brengt geen nietigheid van de beschikking mee.

  3. 3

    De bekendmaking van de beschikking geschiedt terstond door toezending aan: a.degene die aan het begin van het kalenderjaar het genot heeft van de onroerende zaak krachtens eigendom, bezit of beperkt recht; b.degene die aan het begin van het kalenderjaar de onroerende zaak al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt. Tegelijkertijd met of zo spoedig mogelijk na de bekendmaking wordt van de beschikking mededeling gedaan aan de afnemers.

  4. 4

    Voor de toepassing van het derde lid, onderdeel a, kan, indien er met betrekking tot een zelfde onroerende zaak meer dan één genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht kan worden aangewezen, bekendmaking plaatsvinden aan één van hen.

  5. 5

    Voor de toepassing van het derde lid, onderdeel b, wordt: a.gebruik door de leden van een huishouden aangemerkt als gebruik door een door de in artikel 1, tweede lid, bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid van dat huishouden; b.gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; c.het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld.

  6. 6

    Voor de toepassing van het derde lid, onderdeel b, kan, met inachtneming van het vierde lid, indien er met betrekking tot een zelfde onroerende zaak meer dan één gebruiker is, bekendmaking plaatsvinden aan één van hen.

  7. 7

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot de in het derde lid, slotzin, bedoelde mededeling nadere regels worden gesteld.

  8. 8

    Indien aan een belanghebbende ingevolge het derde lid, aanhef en onderdelen a en b, twee of meer beschikkingen als bedoeld in artikel 22, eerste lid, moeten worden gezonden, kunnen deze beschikkingen worden verenigd in één geschrift.

  9. 9

    Indien ten aanzien van degene aan wie ingevolge het derde lid de bekendmaking van de beschikking dient te geschieden een aanslag onroerende-zaakbelastingen als bedoeld in artikel 220 van de Gemeentewet wordt vastgesteld waarbij als heffingsmaatstaf geldt de bij de beschikking vastgestelde waarde van de onroerende zaak, geschiedt in afwijking van de vorige leden de bekendmaking van de beschikking in één geschrift met het aanslagbiljet onroerende-zaakbelastingen. Het niet naleven van de eerste volzin brengt geen nietigheid van de beschikking mee.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:650Parket bij de Hoge Raad, 26 juni 2026 (belastingrecht)

    Art. 228a Gemeentewet; art. 3 Verordening rioolheffing 2023 gemeente Heerlen. Gebruikersdeel rioolheffing verschuldigd ter zake van leegstaand kantoorpand? Voor de uitleg van het begrip ‘gebruiken’…

  • ECLI:NL:PHR:2026:543Parket bij de Hoge Raad, 29 mei 2026 (belastingrecht)

    Verhuurderheffing 2016-2022. Art. 1.1, 1.4 en 1.6a Wet maatregelen woningmarkt 2014 II; is de juridische of de economische eigenaar van woningen de belastingplichtige voor de verhuurderheffing?

  • ECLI:NL:HR:2024:1788Hoge Raad, 20 december 2024 (belastingrecht)

    Art. 14 EVRM; art. 1 EP; art. 5.20 Wet IB 2001; art. 18 Wet WOZ; Wet rechtsherstel box 3 (Herstelwet). Werkelijk behaald rendement bij aandeel in een VvE en bij onroerende zaken; berekening…

  • ECLI:NL:HR:2024:1879Hoge Raad, 20 december 2024 (belastingrecht)

    Art. 14 EVRM; art. 1 EP; art. 5.20 Wet IB 2001; art. 18 Wet WOZ; Wet rechtsherstel box 3 (Herstelwet). Werkelijk behaald rendement bij aandeel in een VvE en bij onroerende zaken; berekening…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:7848Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 augustus 2026 (belastingrecht)

    WOZ woning, ongegrond, NSW-landgoed, geen ISV.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:5872Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 1 juli 2026 (omgevingsrecht)

    Omzettingsvergunning | Huisvestingswet | Huisvestingsverordening | rechtszekerheid | evenredigheid

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:2952Gerechtshof Amsterdam, 7 oktober 2025 (belastingrecht)

    Verhuurderheffing. Voetvrijstelling van artikel 1.4 van de Verhuurderheffingwet toegekend aan de economische eigenaar van woningen? Groepsregeling. Artikel 1.6a van de Verhuurderheffingswet vindt…

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:3806Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 juni 2025 (belastingrecht)

    Meerdere beschikkingen WOZ en LO, ontvankelijkheden, objectafbakening en toerekening perceel, beroepen gegrond

213 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.