Wet personenvervoer 2000

Wp

Huidige tekst

Artikel 38 Wp

Geldt sinds 30 juli 2020

  1. 1

    Indien de voormalige concessiehouder geen vervoerder is aan wie op grond van artikel 63a een concessie is verleend: a.zijn op de overgang van een concessie de artikelen 14a, eerste en tweede lid, van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst en 2b van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten van overeenkomstige toepassing en b.gaan door de overgang van de concessie de rechten en verplichtingen welke op het tijdstip van overgang van concessie voor de voormalige concessiehouder ten aanzien van een persoon als bedoeld in artikel 37, eerste lid, voortvloeien uit bedrijfsregelingen, van rechtswege over op de nieuwe concessiehouder.

  2. 2

    Indien de voormalige concessiehouder een vervoerder is aan wie op grond van artikel 63a een concessie is verleend, handhaaft de nieuwe concessiehouder na de overgang van een concessie ten aanzien van een persoon als bedoeld in artikel 37, eerste lid, een samenstel van rechten en verplichtingen gelijkwaardig aan die welke voor het tijdstip van de overgang voor de voormalige concessiehouder uit de privaatrechtelijke of publiekrechtelijke arbeidsverhouding tussen de voormalige concessiehouder en die persoon voortvloeiden, voor zover deze rechten en verplichtingen voortvloeiden uit collectieve regelingen inzake arbeidsvoorwaarden.

  3. 3

    Op het eindigen van de rechten en verplichtingen, bedoeld in het tweede lid, zijn de artikelen 14a, tweede en vierde lid, van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst en 2b van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten van overeenkomstige toepassing.

  4. 4

    De artikelen 662 en 663 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek zijn van overeenkomstige toepassing, indien de voormalige concessiehouder een vervoerbedrijf is als bedoeld in artikel 64, tweede lid, onderdeel a.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:3103Rechtbank Midden-Nederland, 28 mei 2026 (civiel recht)

    Geldigheid proeftijdbeding opvolgend werkgeverschap.

  • ECLI:NL:RBROT:2013:BZ7175Rechtbank Rotterdam, 8 februari 2013 (civiel recht)

    Verzoek ontbinding arbeidsoveenkomst. Het bedrijf waar verweerder (werknemer) werkzaam was, is overgenomen. Voor verweerder is, hoewel aanvankelijk anders gecommuniceerd, geen passend werk meer…

  • ECLI:NL:RBGRO:2011:BT6156Rechtbank Groningen, 1 september 2011 (civiel recht)

    uitleg CAO bepaling forenzenvergoeding: kortste weg

  • ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ4821Gerechtshof Amsterdam, 10 mei 2011 (civiel recht)

    Uitspraak Ondernemingskamer 10 mei 2011; de ondernemingsraad van Novio N.V. / Novio N.V.

  • ECLI:NL:RBHAA:2010:BO6962Rechtbank Haarlem, 9 maart 2010 (civiel recht)

    Aanbestedingsgeschil. Het geschil komt in de kern neer op de vraag of de door Connexxion verstrekte verklaring ex artikel 39 lid 1 Wet personenvervoer 2000 een getrouwe en overeenkomstig de…

  • ECLI:NL:RBLEE:2009:BK1725Rechtbank Leeuwarden, 21 oktober 2009 (civiel recht)

    Vervolg op kort geding LJN: BI5023. Arbeidsrecht. Wet personenvervoer 2000. Concessie en overgang van onderneming. Uitleg van CAO-bepaling. Wijzigingsbeding. Geschil over onregelmatigheidstoeslag en…

  • ECLI:NL:RBLEE:2009:BI5023Rechtbank Leeuwarden, 14 januari 2009 (civiel recht)

    Arbeidsrecht. Wet personenvervoer 2000. Concessie en overgang van onderneming. Uitleg van CAO-bepaling. Wijzigingsbeding. Geschil over onregelmatigheidstoeslag en toeslag voor gebroken diensten…

  • ECLI:NL:RBARN:2002:AF2758Rechtbank Arnhem, 23 december 2002 (civiel recht)

    -

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.