Wet op het primair onderwijs

WPO

Huidige tekst

Artikel 45 WPO

Geldt sinds 1 januari 2025

Tussenschoolse opvang en organisatie van de buitenschoolse opvang 1 Het bevoegd gezag draagt zorg voor een voorziening voor leerlingen om de middagpauze onder toezicht door te brengen, indien ouders hierom verzoeken. Ingeval de voorziening, bedoeld in de eerste volzin, tot stand komt, draagt het bevoegd gezag er zorg voor dat: a.er een overblijfaanpak tot stand komt, b.overleg over de overblijfaanpak tot stand komt met degenen die met het toezicht op de leerlingen worden belast, en met de ouders, c.het overblijven plaats vindt in een veilige en kindvriendelijke ruimte, en d.met ingang van 1 augustus 2011 ten minste de helft van degenen die met het toezicht op de leerlingen worden belast, een scholing heeft gevolgd op het gebied van het overblijven. De kosten die hieruit voortvloeien komen voor rekening van de ouders, voogden of verzorgers. Indien de leerlingen van de voorziening, bedoeld in de eerste volzin, gebruik maken, draagt het bevoegd gezag er zorg voor dat degene, die met het toezicht op de leerlingen wordt belast, voor wettelijke aansprakelijkheid verzekerd is. Het bevoegd gezag van een bijzondere school is, telkenmale voor de duur van een schooljaar, ontheven van de verplichting tot verzekering indien: a.deze verplichting zich naar zijn oordeel niet verdraagt met de godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuiging die aan de school ten grondslag ligt; en b.het bevoegd gezag van zijn oordeel mededeling heeft gedaan aan de ouders. 1a Diegene die met het toezicht op de leerlingen is belast, als bedoeld in het eerste lid, is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. De verklaring, bedoeld in de eerste volzin, wordt aan het bevoegd gezag overgelegd en is op het moment dat zij wordt overgelegd, niet ouder dan twee maanden. 2 Het bevoegd gezag van een basisschool draagt op daarvoor met ouders afgesproken dagen, zorg voor de organisatie van kinderopvang in de zin van de Wet kinderopvang, voor leerlingen, op doordeweekse niet-schooldagen, niet zijnde algemeen erkende feestdagen en op schooldagen gedurende de voor- en naschoolse periode, tussen 07:30 uur en 18:30 uur, indien een of meer ouders hierom verzoeken. De kosten die uit de opvang als bedoeld in de eerste volzin voortvloeien, komen voor rekening van de ouders. 3 Indien een of meer ouders gebruik maken van andere kinderopvang in de zin van de Wet kinderopvang dan bedoeld in het tweede lid, verstrekt het bevoegd gezag van een basisschool op verzoek van die andere kinderopvang de praktische informatie die nodig is voor de opvang van kinderen door die kinderopvang. 4 Onze Minister zendt elke twee jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten in de praktijk van het bepaalde in het tweede en het derde lid, alsmede van het bepaalde in artikel 11, onderdeel p, van de Wet medezeggenschap op scholen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1843Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 15 juli 2026 (belastingrecht)

    Belanghebbende, een stichting op het gebied van primair onderwijs, maakt met de door haar aangevoerde feiten en omstandigheden niet aannemelijk dat sprake is van financiële verwevenheid tussen haar…

  • ECLI:NL:RBZWB:2021:2769Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 juni 2021 (civiel recht)

    Onderwijsrecht. Continurooster op basisschool? Vrijwillige of verplichte ouderbijdrage voor kosten overblijven op school?

  • ECLI:NL:RBOBR:2019:3308Rechtbank Oost-Brabant, 13 juni 2019 (bestuursprocesrecht)

    Een schoolbestuur wil een deel van een basisschoolgebouw verhuren aan een kinderopvangorganisatie, maar de gemeente staat dat niet toe. De rechtbank oordeelt dat de gemeente bij het besluit om…

  • ECLI:NL:GHSHE:2018:760Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 22 februari 2018 (civiel recht)

    VvE-zaak. Vervangende toestemming/machtiging ex art. 5:212 BW om een kinderopvang te organiseren in een ruimte met als bestemming onderwijs, afgewezen. Uitleg van de term “schoolruimte” aan de hand…

  • ECLI:NL:RVS:2017:1102Raad van State, 19 april 2017 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 4 september 2013 heeft het college de inkomsten en uitgaven van het openbaar primair onderwijs over de periode 2001 tot en met 2005 vastgesteld en geconcludeerd dat over die periode…

  • ECLI:NL:RVS:2016:2652Raad van State, 5 oktober 2016 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 26 november 2015, kenmerk raadsbesluit 135, heeft de raad het bestemmingsplan "Belgisch Park" vastgesteld.

  • ECLI:NL:RBNHO:2015:11685Rechtbank Noord-Holland, 30 december 2015 (civiel recht)

    “Vordering eiseres primair gegrond op een toerekenbare tekortkoming in de nakoming en subsidiair op onrechtmatige daad wegens het in strijd met de precontractuele goede trouw afbreken van…

  • ECLI:NL:RBZUT:2009:BJ5420Rechtbank Zutphen, 17 juli 2009 (civiel recht)

    Afwijzing van een vordering tot in gesprek gaan over buitenschoolse opvang, met schriftelijke opgave van de contractsvoorwaarden en in gelegenheid stelling om daarop middels een schriftelijke bieding…

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.