Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens

WJG

Huidige tekst

Artikel 18 WJG

Geldt sinds 1 maart 2023

De betrokkene heeft het recht om op diens schriftelijke verzoek van Onze Minister binnen zes weken uitsluitsel te verkrijgen over de al dan niet verwerking van hem betreffende justitiële gegevens en, wanneer dat het geval is, om een overzicht van die justitiële gegevens te verkrijgen en om de volgende informatie te verkrijgen: a.de doelen en de rechtsgrond van de verwerking; b.de betrokken categorie van de gegevens; c.de vraag of de deze persoon betreffende justitiële gegevens gedurende een periode van vier jaar voorafgaande aan het verzoek zijn verstrekt en over de ontvangers of categorieën van ontvangers aan wie de gegevens zijn verstrekt, met name ontvangers in derde landen of internationale organisaties; d.de voorziene periode van opslag of indien dat niet mogelijk is, de criteria om die termijn te bepalen; e.het recht te verzoeken om verbetering, vernietiging of afscherming van de verwerking van hem betreffende persoonsgegevens; f.het recht een klacht in te dienen bij de Autoriteit persoonsgegevens, en de contactgegevens van die autoriteit; g.alle beschikbare informatie over de oorsprong van de verwerking van hem betreffende justitiële gegevens.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:3051Rechtbank Midden-Nederland, 3 juni 2026 (bestuursrecht)

    inzageverzoek op grond van 18 Wjsg ingediend bij de vestigingsdirecteur van de Penitentiaire Inrichting voor inzage in inrichtingsdossier. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat zij…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:930Rechtbank Gelderland, 10 februari 2026 (bestuursprocesrecht)

    Deze uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening gaat over het besluit van de minister van 5 augustus 2025. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:10821Rechtbank Gelderland, 11 december 2025 (bestuursprocesrecht)

    Voor het indienen van het beroep niet tijdig beslissen was er al een besluit op de aanvraag genomen. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:RVS:2024:5092Raad van State, 11 december 2024 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 31 januari 2022 heeft de minister voor Rechtsbescherming, op grond van artikel 18, eerste lid, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens en artikel 51b, tweede lid, van de…

  • ECLI:NL:RBGEL:2024:8645Rechtbank Gelderland, 6 december 2024 (bestuursprocesrecht)

    De staatsecretaris heeft het bezwaar van eiser ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard.

  • ECLI:NL:RVS:2022:499Raad van State, 16 februari 2022 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 28 februari 2020 heeft de minister voor Rechtsbescherming een aanvraag van [appellant] om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag afgewezen. [appellant] heeft een aanvraag…

  • ECLI:NL:RBAMS:2021:7069Rechtbank Amsterdam, 7 december 2021 (bestuursprocesrecht)

    Aanvraag op grond van artikel 18, eerste lid van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens. Beroep niet tijdig. Gegrond. Nadere termijn twee weken.

  • ECLI:NL:RVS:2017:3404Raad van State, 13 december 2017 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 22 februari 2016 heeft de minister geweigerd aan [appellant] een afschrift van zijn justitiële documentatie te verstrekken.

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.