Verdrag inzake de rechten van het kind

IVRK

Huidige tekst

Artikel 24 IVRK

Geldt sinds 18 november 2002

  1. 1

    De Staten die partij zijn, erkennen het recht van het kind op het genot van de grootst mogelijke mate van gezondheid en op voorzieningen voor de behandeling van ziekte en het herstel van de gezondheid. De Staten die partij zijn, streven ernaar te waarborgen dat geen enkel kind zijn of haar recht op toegang tot deze voorzieningen voor gezondheidszorg wordt onthouden.

  2. 2

    De Staten die partij zijn, streven de volledige verwezenlijking van dit recht na en nemen passende maatregelen, met name: a.om baby- en kindersterfte te verminderen; b.om de verlening van de nodige medische hulp en gezondheidszorg aan alle kinderen te waarborgen, met nadruk op de ontwikkeling van de eerste-lijnsgezondheidszorg; c.om ziekte, ondervoeding en slechte voeding te bestrijden, mede binnen het kader van de eerste-lijnsgezondheidszorg, door onder andere het toepassen van gemakkelijk beschikbare technologie en door het voorzien in voedsel met voldoende voedingswaarde en zuiver drinkwater, de gevaren en risico's van milieuverontreiniging in aanmerking nemend; d.om passende pre- en postnatale gezondheidszorg voor moeders te waarborgen; e.om te waarborgen dat alle geledingen van de samenleving, met name ouders en kinderen, worden voorgelicht over, toegang hebben tot onderwijs over, en worden gesteund in het gebruik van de fundamentele kennis van de gezondheid van en de voeding van kinderen, de voordelen van borstvoeding, hygiëne en sanitaire voorzieningen en het voorkomen van ongevallen; f.om preventieve gezondheidszorg, begeleiding voor ouders, en voorzieningen voor en voorlichting over gezinsplanning te ontwikkelen.

  3. 3

    De Staten die partij zijn, nemen alle doeltreffende en passende maatregelen teneinde traditionele gebruiken die schadelijk zijn voor de gezondheid van kinderen af te schaffen.

  4. 4

    De Staten die partij zijn, verbinden zich ertoe internationale samenwerking te bevorderen en aan te moedigen teneinde geleidelijk de algehele verwezenlijking van het in dit artikel erkende recht te bewerkstelligen. Wat dit betreft wordt in het bijzonder rekening gehouden met de behoeften van ontwikkelingslanden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2013:2379Parket bij de Hoge Raad, 13 december 2013 (civiel recht)

    Verbod en ontbinding vereniging door rechter (art. 2:20 BW). Vrijheid van vereniging (art. 8 Gw en art. 11 EVRM). Vrijheid van meningsuiting (art. 7 Gw en art. 10 EVRM). Ontvankelijkheid in hoger…

  • ECLI:NL:RVS:2026:638Raad van State, 4 februari 2026 (bestuursrecht)

    Bij afzonderlijke besluiten van 24 januari 2023 heeft de minister voor Rechtsbescherming de verzoeken van [dochter A], [dochter B] en [dochter C] (de dochters) om hun geslachtsnaam te wijzigen in…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:18253Rechtbank Den Haag, 27 augustus 2025 (vreemdelingenrecht)

    Reguliere aanvraag voor gezinshereniging. Geen sprake van familieleven tussen referent en zijn meerderjarige broer in de zin van artikel 8 van het EVRM, omdat geen sprake is van bijkomende elementen…

  • ECLI:NL:RBMNE:2024:6602Rechtbank Midden-Nederland, 2 december 2024 (bestuursprocesrecht)

    Wijziging geslachtsnaam meerderjarige dochters; dat sprake zou zijn van ouderverstoting is niet aannemlijk gemaakt

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:6304Rechtbank Amsterdam, 10 juli 2024 (personen- en familierecht)

    Eigen rechtingang kind. Verzoek wijziging gezag dan wel verblijfplaats. Bevoegdheid rechter.

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:7961Rechtbank Den Haag, 4 april 2024 (vreemdelingenrecht)

    Dublin Duitsland, beroep ongegrond, artikel 17 en het belang van het kind

  • ECLI:NL:GHDHA:2024:363Gerechtshof Den Haag, 19 maart 2024 (civiel recht)

    Afsluiting van water van gezinnen met minderjarige kinderen wegens wanbetaling; onrechtmatig handelen Staat en drinkwaterbedrijven Dunea en PWN door niet al het redelijkerwijs mogelijke te doen om te…

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:10945Rechtbank Den Haag, 12 april 2022 (vreemdelingenrecht)

    Voorlopige voorziening hangende bezwaar; minderjarige met ADHD; uitstel van vertrek, bezwaar geen redelijke kans van slagen; voorlopige voorziening afgewezen.

34 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.