Rijkswet op het Nederlanderschap

RWN

Huidige tekst

Artikel 3 RWN

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Nederlander is het kind waarvan ten tijde van zijn geboorte de vader of de moeder Nederlander is, alsmede het kind van een Nederlander die voordien is overleden.

  2. 2

    Het op het grondgebied van Nederland, onderscheidenlijk Aruba, Curaçao of Sint Maarten, of aan boord van een in Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten te boek gesteld zeeschip of luchtvaartuig, gevonden kind wordt aangemerkt als het kind van een Nederlander tenzij binnen vijf jaren, te rekenen vanaf de dag waarop het is gevonden, blijkt dat het kind door geboorte een vreemde nationaliteit bezit.

  3. 3

    Nederlander is het kind van een vader of moeder die ten tijde van de geboorte van het kind zijn of haar hoofdverblijf heeft in Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten en die zelf geboren is als kind van een vader of moeder die ten tijde van zijn of haar geboorte in een van die landen hoofdverblijf had, mits het kind ten tijde van zijn geboorte zijn hoofdverblijf heeft in Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:510Hoge Raad, 27 maart 2026 (internationaal privaatrecht)

    Nationaliteitsrecht. Internationaal privaatrecht; erkenning afstamming volgens buitenlandse geboorteakte. Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap ex art. 17 Rijkswet op het Nederlanderschap. Kind…

  • ECLI:NL:PHR:2025:579Parket bij de Hoge Raad, 23 mei 2025 (internationaal privaatrecht)

    Nationaliteitsrecht. Internationaal Privaatrecht. Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap op voet art. 17 Rijkswet op het Nederlanderschap. Kind geboren uit polygaam huwelijk in Ghana; erkenning…

  • ECLI:NL:PHR:2024:1392Parket bij de Hoge Raad, 20 december 2024 (internationaal privaatrecht)

    Nationaliteitsrecht. Internationaal Privaatrecht. Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap op voet art. 17 Rijkswet op het Nederlanderschap. Kind geboren uit polygaam huwelijk in Ghana; erkenning…

  • ECLI:NL:PHR:2024:762Parket bij de Hoge Raad, 12 juli 2024 (personen- en familierecht)

    Vaststelling ouderschap (art. 1:207 BW); partner aangewezen vader ontvankelijk in appel?; belanghebbende (art. 798 lid 1 Rv); art. 6 EVRM; art. 1 EP EVRM.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:24082Rechtbank Den Haag, 20 augustus 2026 (bestuursrecht)

    Paspoortaanvraag buiten behandeling gesteld. Grootouderbepaling van artikel 3, derde lid, Rijkswet op het Nederlanderschap

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19221Rechtbank Den Haag, 11 juni 2026 (personen- en familierecht)

    Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte naar 'X' en wijziging voornaam

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:12071Rechtbank Den Haag, 16 april 2026 (personen- en familierecht)

    Draagmoederschapszaak; geen erkenning Amerikaanse beslissing want geen zorgvuldig traject; prenatale erkenning, toekenning eenhoofdig gezag aan vader 1:253c BW, adoptie, vaststelling geboortegegevens

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:11788Rechtbank Den Haag, 14 april 2026 (personen- en familierecht)

    RWN. Vaststelling Nederlanderschap.

182 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.