Mijnbouwwet

Huidige tekst

Artikel 133 Mijnbouwwet

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Een aanvrager, een verzoeker, een exploitant van een productie-installatie, een eigenaar van een niet-productie-installatie, een eigenaar van een pijpleiding, een netbeheerder als bedoeld in artikel 1 van de Gaswet en een aanvrager of houder van een toewijzing zoekgebied aardwarmte, van een startvergunning aardwarmte of een vervolgvergunning aardwarmte, zijn een vergoeding verschuldigd voor: a.het door Onze Minister: 1°. op aanvraag verlenen, wijzigen of intrekken van een vergunning, ontheffing, instemming, maatwerkvoorschrift of toestemming; 2°. adviseren over of instemmen met activiteiten inzake een mijnbouwwerk, het beoordelen van een melding of het beoordelen van gegevens en bescheiden die zijn verstrekt voor een activiteit inzake een mijnbouwwerk; b.de door de inspecteur-generaal uit te voeren taken als bedoeld in artikel 127, eerste lid, onderdelen a tot en met g, met dien verstande dat een vergoeding niet in rekening wordt gebracht voor: 1°. advisering en onderzoek dat wordt uitgevoerd voor een ander doel dan een advies aan of het toezicht op een besluit van Onze Minister, respectievelijk de inspecteur generaal der mijnen, over handelingen als bedoeld in onderdeel a, onder 1° en 2°; 2°. het vaststellen van een besluit als bedoeld in artikel 132.

  2. 2

    Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de vergoeding.

  3. 3

    De hoogte van de vergoeding wordt bij ministeriële regeling vastgesteld.

  4. 4

    Onze Minister kan de verschuldigde bedragen invorderen bij dwangbevel. Titel 4.4, met uitzondering van de artikelen 4:85 en 4:95, van de Algemene wet bestuursrecht is, voor zover al niet van toepassing, van overeenkomstige toepassing.

  5. 5

    Voor zover een door Onze Minister in rekening gebracht bedrag verplicht tot betaling van een geldsom, komt deze geldsom toe aan de Staat der Nederlanden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2023:2848Raad van State, 26 juli 2023 (omgevingsrecht)

    Bij besluit van 19 augustus 2019 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat op grond van artikel 133, eerste lid, onderdeel b, van de Mijnbouwwet bij Gasunie kosten (€ 230.973,78) voor…

  • ECLI:NL:RBAMS:2012:BW0634Rechtbank Amsterdam, 26 maart 2012 (strafrecht)

    Schipper valt aan boord van visserskotter tijdens de wacht in slaap en mist op korte afstand een boorplatform. Aan de schipper worden drie feiten verweten, namelijk: de poging tot vernieling van het…

  • ECLI:NL:GHAMS:2008:BD7654Gerechtshof Amsterdam, 27 juni 2008 (strafrecht)

    bewezenverklaring ter zake van 1. opzettelijk en wederrechtelijk enige installatie ter zee, die aan een ander toebehoort, beschadigen en 2. overtreding van artikel 43, tweede lid, van de Mijnbouwwet.…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.