Mijnbouwwet

Huidige tekst

Artikel 18 Mijnbouwwet

Geldt sinds 4 juni 2026

  1. 1

    Onverminderd artikel 32c kan Onze Minister een vergunning slechts wijzigen: a.op aanvraag van de houder van de vergunning, b.in verband met veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten inzake de manier waarop de aanvrager de activiteiten voor opsporing of winning verricht of voornemens is te verrichten, waaronder de bij die activiteiten te gebruiken technieken, hulpmiddelen of stoffen, c.in verband met een vaststelling of wijziging van bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 2.24 van de Omgevingswet voor een gebied op land, respectievelijk in de territoriale zee, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet grenzen Nederlandse territoriale zee, gestelde regels over de opsporing of winning van een delfstof door middel van een opsporings- of winningsinstallatie, d.in verband met een vaststelling of wijziging van bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 49 gestelde regels over: 1°. het geheel of gedeeltelijk uitsluiten van een gebied van de opsporing of winning van een delfstof, 2°. de diepte waarop een activiteit plaatsvindt, 3°. de soort activiteit, 4°. de soort delfstof, e.in verband met veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten inzake de veiligheid voor omwonenden of het voorkomen van schade aan gebouwen of infrastructurele werken of de functionaliteit daarvan, f.in verband met veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten inzake het planmatig gebruik of beheer van delfstoffen, andere natuurlijke rijkdommen, waaronder grondwater met het oog op de winning van drinkwater, of mogelijkheden tot het opslaan van stoffen, g.voor zover de vergunning geldt voor de op grond van artikel 2.44 van de Omgevingswet aangewezen Natura 2000-gebieden Waddenzee en Noordzeekustzone, h.voor zover de vergunning geldt voor een gebied gelegen binnen de Waddenzee als aangewezen krachtens de Omgevingswet of op de Waddeneilanden, of i.voor zover de vergunning geldt voor het op grond van de Overeenkomst inzake de bescherming van het cultureel en natuurlijk erfgoed van de wereld (Trb. 1973, 155) aangewezen werelderfgoedgebied Waddenzee.

  2. 2

    Een vergunning kan niet zodanig worden gewijzigd dat zij komt te gelden voor: a.andere activiteiten of andere delfstoffen; b.een groter gebied.

  3. 3

    Een aanvraag om verlenging van het tijdvak waarvoor een vergunning geldt wordt slechts ingewilligd, indien het in de vergunning vastgestelde tijdvak onvoldoende is om de activiteiten, waarvoor de vergunning geldt, te voltooien en deze activiteiten zijn verricht in overeenstemming met de vergunning. In een beschikking, waarbij het tijdvak waarvoor een vergunning geldt wordt verlengd, kan het gebied waarvoor die vergunning geldt worden beperkt tot een deel van het gebied. Artikel 11, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.

  4. 4

    In afwijking van het derde lid wordt een aanvraag om verlenging van het tijdvak waarvoor een vergunning geldt afgewezen indien de vergunning geldt voor een gebied dat is gelegen binnen het op grond van artikel 2.44, eerste lid, van de Omgevingswet aangewezen Natura 2000-gebied Waddenzee.

  5. 5

    Een aanvraag om verkleining van het gebied waarvoor een vergunning geldt, wordt slechts ingewilligd met inachtneming van artikel 11, derde en vierde lid.

  6. 6

    Van een beschikking tot wijziging van een vergunning wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2026:4305Raad van State, 22 juli 2026 (omgevingsrecht)

    Bij besluit van 15 maart 2021 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat de geldigheidsduur van de opsporingsvergunning van 25 april 2007 voor het gebied Utrecht verlengd tot en met 31…

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:2586Rechtbank Amsterdam, 1 mei 2024 (bestuursrecht)

    De staatssecretaris heeft de aanvraag van eiseres om verlenging van de opsporingsvergunning voor het opsporingsgebied Schagen afgewezen. De rechtbank volgt de interpretatie van de staatssecretaris…

  • ECLI:NL:RBNNE:2023:3118Rechtbank Noord-Nederland, 26 juli 2023 (bestuursrecht)

    Verlenging van de winningsvergunning koolwaterstoffen. Ontvankelijkheidsperikelen. Koolwaterstoffenrichtlijn en Dienstenrichtlijn en relativiteit. Aard van de winningsvergunning en de totstandkoming…

  • ECLI:NL:RBMNE:2022:3609Rechtbank Midden-Nederland, 29 augustus 2022 (bestuursrecht)

    Is de stichting belanghebbende bij een besluit waarin het gebied van een winningsvergunning op grond van de Mijnbouwwet is verkleind? Samenvatting: Verweerder heeft op verzoek van de vergunninghouder…

  • ECLI:NL:RVS:2019:4306Raad van State, 18 december 2019 (omgevingsrecht)

    Bij besluit van 1 september 2017 heeft de minister de geldigheidsduur van aan Vermilion Energy Netherlands B.V. verleende opsporingsvergunning koolwaterstoffen Follega verlengd tot 1 juli 2025.

  • ECLI:NL:RVS:2019:4307Raad van State, 18 december 2019 (omgevingsrecht)

    Bij besluit van 1 september 2017 heeft de minister de geldigheidsduur van de aan Vermilion Energy Netherlands B.V. verleende opsporingsvergunning koolwaterstoffen Lemsterland verlengd tot 1 juli 2025.

  • ECLI:NL:RVS:2019:4311Raad van State, 18 december 2019 (omgevingsrecht)

    Bij besluit van 1 september 2017 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat de geldigheidsduur van de aan Vermilion Energy Netherlands B.V. verleende opsporingsvergunning koolwaterstoffen…

  • ECLI:NL:RVS:2018:869Raad van State, 14 maart 2018 (omgevingsrecht)

    Bij besluit van 7 oktober 2014 heeft de minister een aanvraag van Cuadrilla Brabant van 8 september 2014 om verlenging van de termijn van een op 13 oktober 2009 krachtens de Mijnbouwwet verleende…

11 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.